Verboden de slotgracht over te zwemmen!; Kastelenroute langs de Utrechtse Heuvelrug

'Weliswaar stimuleert de laatste tijd onder andere de pers een bezoek aan dit geslachtenlang vergeten gebied en vaker voeren autorally's langs de oude burchten en buitenplaatsen. Maar toch, toch krijgt dit deel van de Stichtse Lustwarande nog niet de aandacht die het verdient.'

Dat schreef kasteelkundige Heimerick Tromp dertig jaar geleden in het voorwoord van zijn driedelige Kastelen langs de Wetering. Vergeleken met bijvoorbeeld de kastelen langs de Vecht zijn die in het zuiden van Utrecht nog steeds onbekend, wat reden is voor een rally voor een auto en verslag daarover in de pers.

Op zichzelf is het verschijnsel bijzonder: aan vier kilometer van de Langbroekerdijk nabij Doorn liggen zes kastelen en in de directe omgeving nog een stuk of tien. Rijtjeskastelen bijna. Probleem is alleen dat de meeste niet zijn te betreden, want particulier bewoond, zodat bordjesliefhebbers en castellomasochisten hier ruim aan hun trekken komen.

Vriendelijk verzoek de privacy van de bewoners te respecteren en dit priveterrein niet te betreden. Dank U. En dat is nog maar het eerste bord, bij de oprijlaan van kasteel Sandenburg, waarvan de eerste editie al in 1303 werd genoemd. Likkebaardend laat de kasteelliefhebber de blik dwalen achter het open hek, over de strak geometrische en toch charmante orangerie. Een stevige sprint, een overtreding van art. 461 wetboek van strafrecht, een blik door de ruiten en je weet hoe het er binnen uitziet. Toch maar beter van niet, zo'n kans op arrestatie aan het begin van de tocht.

Honderd meter verder, bij een andere ingang tot hetzelfde landgoed, is sprake van eigen weg, zij het uitgezonderd bestemmingsverkeer. Een bord en rallyauto's zijn geen bestemmingsverkeer ontbreekt, maar die vreugde wordt teniet gedaan door een brug van ongewisse draagkracht. Dit alles tegen een decor van majestueuze, heftig verkleurende loofbomen en neerstortende regen. Gelukkig spreekt een bord aan gene zijde van de brug van vrije wandeling op wegen en paden. Toch verwacht je ook hier elk moment een lid van de plaatselijke landadel die dubbelloops aanlegt en je vanuit een torenraam bij wijze van koerscorrectie een schot hagel toedient. Vervelend is ook dat het rinkelen van de halsketting van een eventuele toesnellende rottweiler onhoorbaar blijft door de combinatie wolkbreuk-paraplu.

Intussen geen kwaad woord over het landgoed, maar het 19de-eeuwse kasteel met grijsgepleisterde toren valt wat tegen, althans van afstand. Een bord met een eufemistische versie van opsodemieteren bij een brug waarop de najaarsstorm juist een zware tak doet neerdenderen, is genoeg om van nadere inspectie af te zien.

Veel ouder is de gerestaureerde 14de-eeuwse ridderhofstad Lunenburg, met de kans van de sokken gereden te worden als prijs voor de aanblik vanuit de berm van de Langbroekerdijk. Bijzonder fraai ZOEFFF zijn de vierkante donjon met muren van anderhalve ZOEFFF meter dik en de 17de-eeuwse ophaalbrug. Alle lof ook voor de restauratie na de inslag van een bom in 1944. WRROEMMM. Vanaf de monumentale toegangspoort zie je alleen groen, een bord met een vriendelijk verzoek en als 20ste-eeuwse versie van pek en veren vijf zo-te-zien stroomgeleidende draden vlak boven de grond en dwars op de oprijlaan. Een soortgelijk verhaal geldt voor Hinderstein, voor het eerst gemeld in 1315, waar de donjon en moderne aanbouw verrassend ZOEFFF goed samengaan.

Een lichte frustratie begint de rally te overschaduwen wanneer de bewandelbare Weerdensteinselaan in beeld komt. Volgens de kaart loopt de laan naar een kasteel. Niet dus, blijkt een kilometer en een paar hectoliter hemelwater later: Weerdestein ligt net achter de bomen. In plaats van te wachten tot het vallen van de laatste bladeren, koersen we naar de Sterkenburg waar het wonder geschiedt: een toegankelijke oprijlaan, parkeermogelijkheid zelfs en een prachtig kasteel uit 1323 of eerder dat vanaf de buitenoever van de slotgracht te zien is. Zelfs een bord verboden over te zwemmen ontbreekt.

Toch beklijft het gevoel dat de Langbroeker kastelen met behoud van privacy voor de bewoners beter ontsloten kunnen worden.

Daarom verstaan wij ons met jonkheer mr. Hector de Beaufort, eigenaar van de 17de-eeuwse buitenplaats Leeuwenburg en gangmaker van een 'plan van aanpak' voor de landgoederen. Krachtens de Natuurschoonwet leidt openstelling van terreinen tot vrijstelling van successierechten, maar De Beaufort laat weten dat zijn vader het landgoed al voor die regeling toegankelijk had gemaakt. “Je kunt in Nederland niet een groot hek om je landgoed zetten. Je bent onderdeel van de maatschappij, het is logisch dat mensen daarvan meegenieten.' Dan heeft hij het wel over wandelaars en fietsers. “De Langbroekerdijk was heel leuk en is nu verworden tot een soort racebaan. Het laatste wat wij willen is om het nog verkeersvriendelijker te maken.' Hij stelt betere parkeermogelijkheden in het vooruitzicht, maar dan wel aan de rand van het gebied en aansluitende wandel- en fietsroutes. Ook komt er meer toezicht: “Tachtig procent van de mensen gedraagt zich netjes, maar de rest gaat op je stoep picknicken. Da's tot daar aan toe, want wij kunnen ons verdedigen. Maar ze rauschen ook dwars door gebiedjes waar je nog een wielewaal probeert te laten leven.'