UCK neemt ontruimd gebied in

Internationale gezanten hebben gisteren opnieuw het Kosovo Bevrijdingsleger UCK gewaarschuwd geen misbruik te maken van de aftocht van Servische troepen uit Kosovo. De Servische burgers in Kosovo vrezen na die aftocht wraakacties van het UCK.

Het UCK, dat de afgelopen maanden door een groot offensief van de speciale Servische politie en het Joegoslavische leger uit al zijn bolwerken werd verdreven, vestigt zich weer openlijk in de gebieden waaruit de Servische politie zich de afgelopen dagen heeft teruggetrokken. De strijders van het UCK rechtvaardigen hun terugkeer met het argument dat de vluchtelingen, die door de Serviers zijn verdreven, niet zonder bescherming naar hun oorspronkelijke woonplaatsen durven terugkeren.

Zowel Christopher Hill, de Amerikaanse bemiddelaar in de Kosovo-crisis als de Oostenrijkse diplomaat Wolfgang Petrisch, die de Europese Unie vertegenwoordigt, waarschuwde gisteren het UCK geen misbruik te maken van de situatie. “Het UCK moet heel voorzichtig zijn, wat ook inhoudt dat het zich niet vestigt in posities die door de [Servische] veiligheidstroepen zijn verlaten', aldus Petrisch. “Het is waar dat ze dat wel hebben gedaan, maar gelukkig is er niet gevochten omdat de Servische veiligheidstroepen zich verantwoordelijk gedragen. We doen een beroep op de Albanezen hetzelfde te doen.' De Servische politie is niet volledig verdwenen: op grond van het akkoord tussen de Joegoslavische president Milosevic en de Amerikaanse gezant Holbrooke moeten de Serviers uit Kosovo de troepen terugtrekken die ze na 28 februari naar het gebied hebben gestuurd, maar mogen ze de politie-eenheden handhaven die er op die datum al waren gestationeerd.

De Servisch-Montenegrijnse minderheid in Kosovo - rond tien procent van de bevolking - maakt zich intussen grote zorgen over wraakacties van de Albanezen na het vertrek van de Servische politietroepen. “De Serviers bevinden zich in een heel moeilijke situatie en moeten, of ze dat nu leuk vinden of niet, de internationale gemeenschap om bescherming vragen', aldus gisteren een van hun leiders, tevens lid van de Servische oppositie.

“Als de Albanezen beginnen wraak te nemen, zal de wereld bij onze bescherming nog heel wat problemen hebben', aldus een andere Servier. Veel Serviers zouden het liefst Kosovo verlaten, maar weten niet waar ze in Servie heen zouden moeten. De Joegoslavische president Milosevic, zo zei een van hen, heeft ook de Serviers die Kroatie en Bosnie zijn ontvlucht, niet bepaald met open armen ontvangen. (Reuters, AFP)