Schadevergoedingen bij 100 millimeter in 48 uur

De Wet Tegemoetkoming Schade (WTS) bij Rampen en Zware ongevallen is in juni 1998 in werking getreden en kent drie categorieen. Bij twee daarvan treedt de wet automatisch in werking: bij overstromingen van rivieren door een teveel aan water uit de bergen en bij aardbevingen van 4,5 op de schaal van Richter of zwaarder.

De derde categorie wordt minder strikt omschreven. Het gaat hierbij om andere rampen die qua omvang vergelijkbaar moeten zijn met de eerste twee categorieen. Het vergt een kabinetsbeslissing om deze derde categorie in werking te laten treden. Dat gebeurde ook in september bij de hevige regenval die toen het zuidwesten van Nederland teisterde.

Het kabinet besloot toen dat de regeling van kracht zou zijn voor gebieden waar in 48 uur meer dan 100 millimeter water was gevallen. Die grens is gekozen omdat de 100-millimetergrens volgens het KNMI minder dan eens in de 125 jaar voorkomt en daarom als 'zeer uitzonderlijk' gekwalificeerd is. Daarnaast moest er sprake zijn van maatschappelijke ontwrichting en moesten de hulpverleningsinstanties “meer dan normaal gesproken het geval is' met elkaar hebben samengewerkt om de ramp te bestrijden. Op basis van die criteria is de wet toen in werking gesteld.

Mocht de WTS niet van toepassing zijn op het huidige noodweer, dan heeft minister Apotheker (Landbouw) al toegezegd een speciale regeling in het Borgstellingsfonds op te willen nemen. Dit fonds waarin overheid, banken en landbouwbedrijven zitten, staat garant voor leningen die boeren bij banken afsluiten. Omdat banken zo geen enkel risico lopen, is de rente vaak lager dan marktrente. Apotheker heeft voorgesteld het fonds open te stellen voor extra leningen als overbruggingskrediet voor getroffen boeren.