Partners willen geen poespas

Het geregistreerde partnerschap was bedoeld voor homo's. Maar volgens de eerste evaluatie van het CBS blijkt het zakelijke contract ook aan te slaan bij heterostellen.

Het pak shag komt tevoorschijn. “Ik ben toch wel een beetje nerveus', geeft Ingrid Groenenberg (26) toe. Achter haar poseren twee lesbiennes in tutu voor een fotograaf. Gejuich, kindergelach. Ingrid trekt haar spijkerjurkje recht. “Gelukkig heb ik het mijn ouders niet verteld', zegt haar vriend Jeroen van Meenen (28). “Dan hadden ze er zeker bij willen zijn.'

Woensdagochtend, 9.10 uur. Het partnerschapsuur is aangebroken op het Rotterdamse stadhuis. In kamer 12 beloven Jeroen en Ingrid elkaar getrouw alle plichten te zullen vervullen die het geregistreerde partnerschap (gp) meebrengt. Handtekening, klaar. De regen stroomt langs het raam. Al moet de ambtenaar het sober houden, hij wil toch wat liefs zeggen. “Ik hoop niet dat u een tuinparty hebt gepland.'

Sinds 1 januari kunnen homo's - die niet mogen trouwen - en hetero's - die niet willen trouwen - hun partnerschap laten registreren. Minister Sorgdrager (Justitie) ging er in 1995 nog vanuit dat hooguit 1.700 homoseksuele paren zich het eerste jaar wettelijk zouden binden. Over het aantal verbintenissen tussen 'personen van verschillend geslacht' durfde ze geen schatting te maken. Uit de eerste evaluatie van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt echter dat er een grotere behoefte is aan het geregistreerde partnerschap. Na acht maanden zijn er 3.400 partnerschappen gesloten, waarvan 1.300 heterostellen.

Het geregistreerde partnerschap was oorspronkelijk bedoeld om de juridische garanties die het huwelijk biedt ook voor homo's toegankelijk te maken. De onverwachte interesse van hetero's voor het 'homohuwelijk' is volgens demograaf Jan Latten van het CBS te verklaren door het toenemend aantal samenwoners, 600.000 stellen.

Veertig procent van die groep beschouwt het huwelijk als een zakelijk contract en niet als de bekroning van een relatie. “Ze redeneren praktisch en zien op tegen de symboliek en alle poespas van het huwelijk.' Het zakelijke contract past bij de moderne 'emotierelatie'. Latten: “Samenwoners willen zich verzekeren van onderhoudsplichten en successierechten. De overheid mag die randvoorwaarden regelen.'

Ingrid en Jeroen hebben wel even nagedacht over trouwen. Ze huiverden. Ze wilden een huis kopen en informeerden bij de hypotheekbemiddelaar naar een geschikte samenlevingsvorm.

Jeroen: “Hij maakte een grapje over het partnerschap, maar voor ons klonk dat als een degelijk alternatief.' Ingrid: “Het is anoniem. Niemand heeft wat te maken met onze verbintenis.'

Volgens jurist Kees Waaldijk van de Rijksuniversiteit Leiden is de populariteit van de partnerschapsregistratie vooral het gevolg van een misverstand. “Hetero's zien het als een lichte variant van het huwelijk, een soort samenlevingscontract.' Het is veel goedkoper dan een samenlevingscontract, omdat er geen notaris aan te pas komt. Zo'n overeenkomst komt met testament al gauw op 700 gulden, een gp in Rotterdam kost in de daluren tachtig gulen. Misleidend, volgens Waaldijk, want er horen even zware bepalingen bij als bij het huwelijk in gemeenschap van goederen: onderhoudsplicht, alimentatie. En op het moment dat partijen het niet eens zijn, moeten ze voor ontbinding naar de rechter.

Opvallend aan de CBS-cijfers is de leeftijd van de heterostellen die zich laten registreren. Die is nogal hoog. Mannen zijn gemiddeld 42 jaar oud vrouwen 39 jaar. Eenderde van de geregistreerden blijkt eerder gescheiden te zijn.

Van de homo's en lesbiennes met een partnerschapsrelatie is een kwart voorheen getrouwd geweest. Waarschijnlijk daalt de gemiddelde leeftijd de komende jaren. “Er is nu sprake van een inhaalmanoeuvre' vermoedt Jan Latten. “Paren die al jaren wachten op een adequate regeling slaan nu toe.'

Zoals Hennie Schmitt (46) en Chris van der Born (48). Ze ontmoetten elkaar zestien jaar geleden in buurthuis Basta in Rotterdam Noord. Hij was daar opbouwwerker, zij schoonmaakster. Zij was weduwe met twee dochters, hij woonde alleen. Drie jaar geleden trok Chris in bij Hennie en toen werd het ook tijd om wat te regelen. “Trouwen is voor mij een beladen term', zegt Chris. “Partnerschap straalt iets gelijkwaardigs uit.'

Jurist Waaldijk vindt het geregistreerd partnerschap aanvaardbaar als compromisregeling voor homo's die eigenlijk hadden willen trouwen. De overheid had de wet alleen nooit op hetero's moeten betrekken. “Als het burgerlijk huwelijk straks ook bereikbaar wordt voor homoseksuelen, verliest het gp haar waarde. Wat moet er dan gebeuren met die duizenden man-vrouwstellen en met die honderden wijzigingen die zijn aangebracht in wetsartikelen?' Bovendien bestaat het partnerschap voor hetero's niet buiten Nederland. Het is de vraag of het overal wordt erkend.

Als het aan Chris van der Born had gelegen waren ze op 22 juli na de korte ceremonie op het stadhuis gewoon naar huis gegaan. Maar Hennie had toch even geinformeerd naar een koffietafel. Uiteindelijk belandde het paar met de hele familie in een restaurant. Gezellig. “Ach', zegt Hennie “we hadden net zo goed kunnen trouwen.'