Ook OESO verlaagt groeiramingen Japan

Japan krijgt dit en volgend jaar met een slechtere economische ontwikkeling te kampen dan was voorzien, zo heeft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) gisteren bekendgemaakt.

Dat komt vooral doordat de consument behoorlijk minder uitgeeft en de bedrijven fors minder investeren. Op zijn beurt meldde gouverneur Masaru Hayami van Japans Centrale Bank vanmorgen in Osaka dat de economie na zeven magere jaren nog altijd geen tekenen van opleving vertoond. Het Internationale Monetaire Fonds voorspelde eind vorige maand voor dit jaar een krimp met 2,5 procent van de Japanse economie nadat een half jaar eerder nog van een nulgroei was uitgegaan. Volgens de nieuwe OESO-ramingen moet Japan voor dit jaar rekenen op een teruggang van 2,6 procent waarna de economie in 1999 met 0,2 procent een voorzichtig herstel zal vertonen. De cijfers betekenen een duidelijk neerwaartse bijstelling van de verwachtingen die de Parijse denktank in juni naar buiten bracht. Toen dachten de OESO-analisten dat de achteruitgang dit jaar beperkt zou blijven tot 0,3 procent waarna het bruto binnenlands product, de breedste graadmeter van de economie, volgend jaar zou aantrekken met 1,3 procent. De OESO waarschuwt tegelijkertijd dat de krimp dit jaar groter kan uitvallen als de economische omstandigheden in Azie of in de Verenigde Staten verder verslechteren. Deze regio's zijn de grootste afzetmarkt voor Japan. De recessie dit jaar vloeit voor een groot deel voort uit de daling van 9,6 procent in bedrijfsinvesteringen. De consumentenbestedingen vallen 1,8 procent lager uit. De werkloosheid ligt nu al met 4,3 procent op het hoogste peil sinds 1945 en dat zou in de tweede helft van volgend jaar verder kunnen oplopen naar 4,7 procent, zo vreest de OESO. (ANP, DPA)