NASCHOOLSE OPVANG

Juan-Francisco Bedoya Sanches (34), leerlingwerknemer bij een energiecentrale. Luz-Elena Bedoya Sanches (27), volgt orientatielessen horeca en verzorging via Werkraat, een onderdeel van het arbeidsbureau.

ZE IS nog steeds erg verliefd, Juan-Francisco en Luz-Elena Bedoya Sanches uit Colombia. Luz-Elena ontmoette haar man tijdens een vakantie in Madrid. Zelf woonde ze toen al in Nederland. Juan-Francisco was daar aan het werk als gastarbeider. Hij kwam naar Nederland en nu 10 jaar later zijn ze getrouwd en hebben twee kinderen: Jennifer (10) en Jacqueline (8). Toen de meisjes klein waren gingen ze naar de creche. “Ik vind het belangrijk dat ze met andere kinderen omgaan', zegt Luz-Elena. Zij en haar man spreken Spaans, maar staan erop dat de kinderen goed Nederlands leren. “Ik heb liever dat ze het thuis ook spreken, maar meestal spreken ze daar toch Spaans', vertelt Luz-Elena.

In mei besloot ze weer naar school te gaan. Fijn, maar wie moest er dan op de kinderen passen? Werkraat biedt een subsidieregeling voor naschoolse opvang. Jennifer en Jacqueline gaan nu elke dag naar kindercentrum Oranjehof, op de grens van de Haagse Spoor- en Schilderswijk. Vijf middagen per week kunnen de twee er van half drie tot half zes terecht. “Als er geen naschoolse opvang was kon ik niet naar mijn cursus', zegt Luz-Elena stellig. “Als we nu samen de kinderen komen ophalen willen ze niet eens mee naar huis', vertelt Juan-Francisco met een grote glimlach.

Sandy Peeters (28) werkt zeven jaar bij het Oranjehof als groepsleidster.

GROEPSLEIDSTER Sandy Peeters heeft op een gemiddelde dag ongeveer twintig kinderen van verschillende nationaliteiten onder haar hoede. Het kindercentrum staat in een buurt waar overwegend allochtonen wonen. Ondanks de renovatie kent de buurt nog veel problemen. Binnen een straal van honderd meter zijn er veel prostituees. Junks en dealers zijn hier een normaal verschijnsel.

“De kinderen praten over zulke dingen alsof ze de gewoonste zaak van de wereld zijn. Daar kijk ik na al die jaren nog steeds van op', zegt Peeters. Juist door alle problemen in de wijk is de naschoolse opvang volgens haar hard nodig. Als de kinderen binnen zijn, zijn ze een beetje in de hand te houden. De 'buitenkinderen', daar is soms geen land mee te bezeilen. “Die nemen van niemand wat aan', zegt ze nadat twee van hen hard op het raam hebben gebonkt.

Er zijn twee groepen van 18 kinderen voor de naschoolse opvang in het Oranjehof. Twee leidsters per groep zorgen ervoor dat iedereen bezig is met spelletjes, tekenen of andere dingen. Omdat de meeste kinderen via Werkraat bij Oranjehof zijn geplaatst, hoeven veel ouders niets bij te dragen.

Peeters merkt dat ze meer is dan alleen een kinderleidster van een naschoolse opvang. Ouders uit de buurt vragen haar advies. Soms stuurt de leidster hen door naar instanties. Peeters spreekt families aan als ze vermoedt dat er problemen zijn. “Je bent naast kinderleidster ook een soort maatschappelijk werkster op een laag pitje.'