Europa's langste toog

Minder bekend dan Gent en Brugge, maar ook mooi is de universiteitsstad Leuven, waar een grote expositie is gewijd aan de Vlaamse schilder Dirk Bouts. Een wandeling.

Twee meisjes staan met hun fiets aan de hand voor een advocatenkantoor in de Bondgenotenlaan. 'Mag da wel, hier?' vraagt het blonde meisje aan haar vriendin. 'Ziet gij een bordje?' Ze aarzelen en zetten hun fietsen dan toch maar tegen de paal van een verkeersbord. De Bondgenotenlaan, de straat tussen het station en de Grote Markt, was tot 1914 de boulevard van de Leuvense beau monde. Twee wereldoorlogen hebben hier veel kapot gemaakt. Nu verdringen de grote winkelketens de kleine mannekens en maken de laan net zo spannend als de hoofdstraat van Assen.

Verderop, bij de Grote Markt, wordt Leuven leuker. Hier duiken de verdreven winkeltjes weer op, zoals in de Mechelsestraat, lange tijd het armlastige broertje van de grote Leuvense lanen die als pijlen naar het hart van de stad wijzen. In de smalle Mechelsestraat past bijvoorbeeld 't Pakjeshuis, een design-winkel op nummer 30. De Walvis, Mechelsestraat 23, lijkt een viswinkel en dat is het ook. Maar wie langs de vitrines met verse moten loopt, ontdekt achterin de toegang naar het restaurant. Vis is hier uiteraard de specialiteit. De Mechelsestraat is lang, maar de autovrije slenterzone reikt slechts tot de Vismarkt.

Het zal de wandelende Nederlander ontgaan, maar er zijn veel fietsen in Leuven. Belgen vermoeden onmiddellijk de aanwezigheid van een universiteit. De Katholieke Universiteit van Leuven, gesticht in 1425, is de oudste en beroemdste wetenschappelijke instelling van Belgie en telt ongeveer 27.000 studenten. Zij bepalen het stadsbeeld, want oudere en welgestelde Leuvenaars verkiezen een huis in de groene randgemeenten. Leuven leeft van de universiteit. Ze is de grootste werkgever van de stad. Op de voet gevolgd door de brouwerij van Stella Artois.

De Oude Markt van Leuven wordt de langste toog van Europa genoemd.

De oude gebouwen van de universiteit geven Leuven allure, zoals het imposante Pauscollege aan het Hogeschoolplein. Voorbij de grote poort heerst een oase van rust. Als je hier rondloopt, denk je: 'Mag da?' Ja, dat mag. Iedereen mag over de binnenplaats lopen. Het gebouw wordt ook gebruikt als snelle oversteek naar de Tiensestraat aan de achterkant. Ook in de Naamsestraat, waar veel van de oude colleges staan, mag vrijelijk over de cour worden gelopen. Het Atrechtcollege op nummer 63 geeft aan de achterzijde toegang tot het stadspark. In de voortuin herinnert de Boom van Groot Verdriet aan de tijd dat in dit gebouw uitsluitend meisjesstudenten woonden, streng afgeschermd van verliefde jongens. De boom leeft op tranen.

In een stad vol studenten zijn de kroegen en restaurants niet te tellen. De Muntstraat, achter het stadhuis, is een lange eettafel. Wie hier aarzelt, moet eens kijken in De Kansel, Muntstraat 15. In dit restaurant staat een monumentale preekstoel en vele beroemde Vlamingen hebben hier hun lof over het eten uitgesproken. Goedkoop en goed is Pasta & Basta Tiensestraat 188.

Leuven is met 88.000 inwoners de op drie na grootste stad van Vlaanderen, maar mist de stedelijke uitstraling van Antwerpen, de historische aantrekkingskracht van Brugge en het culturele leven van die andere universiteitsstad, Gent. Leuven heeft van alle drie een vleugje. De tentoonstelling over het werk van Dirk Bouts toont dat dilemma pijnlijk aan. Bouts, geboren in Haarlem en gestorven in Leuven (1475), geldt als een van de belangrijkste schilders onder de Vlaamse Primitieven. De tentoonstelling is te zien in twee kerken.

“Leuven beschikt niet over de ruimte om een belangrijke historische tentoonstelling goed op te stellen', luidde de kritiek van het dagblad De Standaard. In de Sint-Pieterskerk op de Grote Markt hangt Bouts' bekendste werk, 'Het Laatste Avondmaal'. Het heeft hier altijd gehangen mooi en eenzaam. In de Predikherenkerk, de andere locatie, gaat het mis. Hier hangen Boutsen onherkenbaar tussen tijdgenoten en navolgers.

Leuven wilde op de rug van een grote broer klimmen en is er vanaf gegleden. Leuven lijkt niet op Brugge of Gent en dat is ook juist de charme van deze stad. 'Mag da?' Awelja, zeker en vast.