Palestijnen richten wapens op elkaar

Heeft de Palestijnse leider Arafat zijn eigen Fatah-organisatie nog wel onder controle? In Ramallah staan aanhangers van Fatah elkaar inmiddels naar het leven. Over afpersing, pornobanden, en de haat van de `gewone' man tegen partijbonzen.

Overal in de autonome stad Ramallah zijn leuzen gekalkt als `Arafat verrader!' of `Dood aan collaborateurs!'. Duizenden aanhangers van Fatah de partij van PLO-leider Yasser Arafat, gingen de afgelopen dagen de straat op, dwongen winkels te sluiten en sneden studenten de pas af naar de campus. Overal hing de zware walm van brandende autobanden. Het is alsof Arafat, die vanmorgen terugkeerde van een promotietournee langs Arabische staten om het interim-akkoord te verkopen dat hij in Wye Plantation met de Israelische premier Netanyahu sloot, er een harde dobber aan krijgt om dit `Memorandum' aan zijn achterban te verkopen.

Maar schijn bedriegt. De Fatah-demonstranten willen niet Arafats hoofd, maar dat van zijn neef Moussa Arafat, chef van de Militaire Inlichtingendienst (MI). Terwijl Yasser Arafat in Wye onderhandelde over Israels terugtrekking uit de Westelijke Jordaanoever, kwam een smeulend conflict tussen Fatah en de MI in Ramallah tot hevige ontbranding. Een demonstratie van Fatah-aanhangers, zondag, tegen de hardhandige werkwijze van deze Inlichtingendienst, ontaarddde in een schietpartij waarbij een dode viel. Aangezien de MI geheel bestaat uit leden van Fatah, moet Yasser Arafat nu proberen om de vechtende vleugels van zijn eigen partij met elkaar te verzoenen.

Een van de problemen die hij op zijn pad vindt, is dat de meeste Fatah-aanhangers tot de tanden gewapend zijn. Terwijl Arafat moeite doet om, zoals het Wye-memorandum vereist, illegale wapens van Hamas in beslag te nemen, verwacht echter niemand dat hij zijn eigen partijgenoten ook zal dwingen het schiettuig in te leveren.

De problemen begonnen drie weken geleden, voor `Wye'. Het Fatah-hoofdkwartier in Ramallah kreeg berichten dat de Militaire Inlichtingendienst Palestijnen afperst door hun met meisjes te laten slapen, er stiekem video's van te maken, en vervolgens te dreigen die video's aan familie en vrienden te laten zien als ze niet meerwerkten met de Inlichtingendienst.

Ook zou de MI vrouwen lastig vallen. Volgens Ghassan Khatib, een notabele in Ramallah die trachtte te bemiddelen in het conflict, liet Fatah gewapende partijleden op straat patrouilleren om daar een eind aan te maken, en sommeerde zij afgelopen vrijdag enige leden van de MI naar het hoofdkwartier voor een `stevig gesprek'. “Na afloop van dit verhoor meldden de MI-leden aan hun chef Moussa Arafat, dat ze waren geslagen. Zaterdag viel de MI het Fatah-kantoor binnen, vernielde meubilair en confisqueerde papieren.' De MI berichtte dat zij, zoals het Wye-memorandum vereist, op zoek was gegaan naar `illegale wapens' in het kantoor, en twee machinegeweren in beslag had genomen. Fatah ontkent dat.

Zondag organiseerde de leider van Fatah in de Westelijke Jordaanoever, Marwan Barghouti, een protestmars naar het kantoor van de MI. Barghouti, die een felle machtsstrijd voert tegen Fatah-kopstukken die bij de MI en andere veiligheidsdiensten werken vroeg de demonstranten om hun wapens thuis te laten. MI-agenten begonnen op de meute te schieten. Er vielen drie gewonden en een dode, de 15-jarige Wassim Tarifi.

Wassim is de neef van Jamil Tarifi, een Palestijnse minister die kwaad is dat Yasser Arafat hem niet had meegenomen naar Wye. De Tarifi's, een van de grootste families in de omtrek, weigerden Wassim te begraven - een teken dat zij op bloedwraak uit waren. Gesteund door Barghouti en een groeiend legioen Fatah-aanhangers dat de brute praktijken van de gepriviligieerde veiligheidschefs en hun secondanten beu is vroegen zij om het aftreden van Moussa Arafat en de executie van de moordenaars van Wassim Tarifi. Om Yasser Arafat te dwingen om na zijn Wye-promotietour gezwind actie te ondernemen, organiseerde Fatah in Betlehem, Nablus en Ramallah grote protestmarsen.

Gisteravond werden vier MI-agenten voor een militair tribunaal in Jericho veroordeeld wegens het binnenvallen van het Fatah-kantoor. Yasser Arafat beloofde dat hij over de moord op Tarifi een onderzoekscommissie zou instellen. De jongen is vanmorgen begraven.

Men verwacht dat Arafat deze week naar Ramallah zal reizen om het conflict te smoren. “Hij moet wel', zegt Hatem Abdel Kader, een prominent Fatah-parlementslid. “Dit incident staat niet op zich. Mensen op straat hebben er genoeg van om door de lange arm van de Palestijnse Autoriteit te worden gekoeioneerd - ook al bestaat de hele Autoriteit ook uit Fatah.' Abdel Kader werd vorige maand zelf in elkaar geslagen door mannen van een veiligheidsdienst. In augustus openden leden van twee veiligheidsdiensten, allen Fatah, het vuur op elkaar tijdens een bruiloft in Gaza. En dit is maar het topje van de ijsberg.

Een van de problemen is dat Yasser Arafat er zelf voor heeft gezorgd dat Fatah-leden, van hoog tot laag, de laatste jaren aan wapens kwamen. In plaats van de islamitische beweging Hamas te ontwapenen, probeerde hij Hamas op afstand te houden door Fatah-leden te bewapenen. Veel wapens worden door Palestijnse agenten van Israelische collega's gekocht en gewoon op straat in de autonomie aan de man gebracht. Naarmate de samenleving meer militariseert, neemt de vraag naar wapens toe en stijgt de prijs. Een Uzi of M-16 kost tegenwoordig 4 a 5.000 dollar een gewoon pistool 1.000 dollar. In het huis van minister Tarifi, waar Palestijnen kwamen condoleren voor de vermoorde tiener, liepen gisteren zeker 100 gewapende burgers rond. Ingewijden schatten dat 90% van de wapens in de autonomie in handen zijn van Fatah-aanhangers - burgers en functionarissen van de Autoriteit.

“Ik denk niet dat Arafat die zal confisqueren', zegt Ghassan Khatib, doelend op het Wye-Memorandum. “Israel vindt alleen Hamas-wapens bedreigend. Mocht Israel Arafat toch onder druk zetten, dan zal hij Fatah-wapens gaan registreren, zodat ze niet illegaal meer zijn.'

In de Fatah-vete komen vele vetes tot uiting: die tussen het `volk' en de bevoorrechte klasse binnen Arafats Autonomie die zich snel verrijkt, tussen de lokale bevolking en Arafats Fatah-intimi die hier de afgelopen jaren vanuit Tunis zijn gekomen om de betere posten te bekleden, en tussen Fatah-partijleden die de partij los willen weken van de Autoriteit en Fatah-leden binnen de Autoriteit die dat niet willen. Tot nog toe is het Yasser Arafat gelukt om deze centrifugerende krachten bijeen te houden. Men denkt dat hij er ditmaal weer in zal slagen. Hij is en blijft het symbool van Fatah. Maar het zaad voor verdere interne strijd is diep gezaaid.