Booker Prize voor novelle van McEwan; Toekenning prijs leidt weer tot ongenoegen

De Britse schrijver Ian McEwan heeft gisteravond de Booker Prize gekregen voor zijn novelle Amsterdam. Zoals gebruikelijk bij de hoogste Britse literaire prijs was de winnaar ook dit jaar omstreden.

“It stinks!', riep schrijver Will Self. “Een overwinning van de braafheid', snoof de pisnijdige recensente Kate Saunders. “Ik ben erg verbaasd', aldus thriller-auteur Robert Harris, die heel netjes is. “Dit was niet het beste boek op de lijst en niet het beste boek dat hij geschreven heeft.'

Het televisiepanel dat tijdens de rechtstreekse uitzending van de jaarlijkse Booker Prize-finale gisteravond commentaar gaf, verwoordde meteen wat talloos veel anderen later op de avond zouden zeggen: niet Ian McEwans novelle Amsterdam had de prijs moeten krijgen maar Master Georgie van Beryl Bainbridge. Het is haar zestiende roman en de vijfde die was genomineerd voor de belangrijkste literaire prijs uit de Britse eilanden, Ierland en het Gemenebest.

Maar aan de andere kant: controverse hoort nu eenmaal bij de Booker Prize. Critici juryleden, winnaars, kandidaten op de shortlist en kandidaten die erop hadden gewild, rollen soms jaren later nog vechtend over elkaar. De Booker Prize stinkt, leve de Booker. Dit jaar werd hij voor de dertigste keer uitgereikt.

McEwan (50), twee keer eerder genomineerd, zei het gevoel te hebben dat hij “droomde, zoals ongetwijfeld alle winnaars voor mij'. Maar helemaal lekker kan hij zich ondanks de 21.000 pond (bijna zeventigduizend gulden) toch niet gevoeld hebben. Zijn novelle is weinig enthousiast ontvangen en “niet meer dan een flinterdun filmscript' genoemd. Jury-voorzitter Douglas Hurd, de voormalige minister van Buitenlandse Zaken, zei bovendien dat er “dit jaar geen overweldigende meesterwerken' bijzaten. Hurd had zelf graag gewild dat Bainbridge de prijs kreeg, liet hij merken, maar een meerderheid van de jury was voor MacEwan geweest.

Dat was een tamelijk uniek doorkijkje in de traditionele beslotenheid van de jury-vergadering. De voorzitter week ook af van de traditie door dit jaar maar eens geen beschouwing te geven over `de staat van de Engelstalige roman'. “Na 125 romans gelezen te hebben is de enige veilige generalisering dat er geen generaliseringen te maken zijn', aldus Hurd. “De reusachtige oceaan van de Engelse taal voedt romans die net zo divers zijn als de taal zelf.'

Het overstelpende aanbod maakt gewetensvol jureren in de praktijk vrijwel onmogelijk, aldus Hurd. Voor de toekomst stelde hij een systeem voor waarin niet alle juryleden alle boeken meer hoeven te lezen, maar een vast aantal van bijvoorbeeld 25, plus de boeken die de andere juryleden aanbevelen.

McEwans boek gaat over de vriendschap tussen een componist, een hoofdredacteur van een krant en een minister van Buitenlandse Zaken, die elkaar ontmoeten op de begrafenis van een vrouw, Molly Lane, met wie zij alledrie een verhouding hebben gehad. De vrouw, die in Amsterdam euthanasie heeft laten plegen, blijkt compromitterende foto's genomen te hebben van de minister, die in handen komen van de hoofdredacteur. Moet hij publiceren of niet, is het dilemma dat McEwan schetst. Voor de prijsuitreiking noemde hij zijn boek “amusement'. Gisteren zei hij dat “niemand zich moet vergissen' in de serieuze kant van zijn werk.

Bainbridges's Master Georgie speelt tijdens de Krim-oorlog in de vorige eeuw en beschrijft de lotgevallen van onder meer een arts en een leerling-fotograaf, aan de hand van een aantal historische oorlogsfoto's. “Ik heb willen aantonen dat foto's evenmin de waarheid vertellen als mensen', zei de schrijfster over haar boek.

Bainbridge had er heimelijk op gerekend de Booker Prize dit keer te winnen. Bij het publiek en de bookmakers was zij de favoriet. Zij was aangeslagen toen de prijs haar neus opnieuw voorbij ging. Later reageerde zij sportief door te zeggen dat het vooral leuk zou zijn geweest voor haar uitgever en haar familie. De andere genomineerden waren Magnus Mills (The Restraint of Beasts), Patrick McCabe (Breakfast on Pluto) Martin Booth (The Industry of Souls) en Julian Barnes (England, England). Debutant Mills, bijgenaamd de `schrijvende buschauffeur', had een dagje vrij genomen van lijn 159 om de uitreiking in de Londense Guildhall te kunnen bijwonen.