Modebranche zoekt schaap met vijf poten

De modebranche zoekt naarstig naar geschikt verkooppersoneel. Het werk is vaak zwaar, het salaris bescheiden. `O leuk, een beetje kleding verkopen', dacht de nieuwe medewerkster. Binnen de kortste keren was ze weer verdwenen.'

“Het gaat de goede kant op met de modebranche', zei Mitex-voorzitter Betty van Arenthals vorig jaar nog tegen haar leden, ondernemers in de modedetailhandel. Na jaren kwakkelen nam de omzet van kleine en middelgrote modewinkels met ruim 4 procent toe tot zo'n tien miljard gulden.

Nu is de groei opeens verontrustend. De omzet is - dankzij stijgende koopkracht en toenemende interesse voor mode - de voorbije negen maanden met een ongekende 6 procent toegenomen.

Op de Mitex Modedag 1998 beklemtoonde Van Arenthals gisteren de keerzijde van de groeiende vraag. Het huidige personeelstekort is zo groot dat de branche per maand honderd miljoen gulden omzet derft.

Volgens Van Arenthals hebben de Nederlandse kleding-, schoenen- en sportzaken ruim zesduizend vacatures. Ongeveer een op de drie winkels zou op zoek zijn naar een of meer nieuwe werknemers.

`Fulltime verkoopster gezocht. Interesse? Stap even naar binnen.' Een papiertje of poster met een dergelijke tekst voor het raam van een kleding- of schoenenzaak is in het Utrechtse winkelcentrum Hoog Catharijne eerder regel dan uitzondering. Zo ook in Rotterdam. Men at Work op de Lijnbaan wil een fulltime kracht erbij (`ervaring vereist'). Dolcis probeert juist parttimers te vinden. En Donna Guy zoekt beiden.

Ook kledingzaak Fooks vraagt personeel. Volgens Cecily de Waard (22), sinds tweeenhalf jaar verkoopster, komen weliswaar regelmatig meisjes en jongens langs, “maar die zijn veel te jong of hebben slechts bij een tent als McDonalds gewerkt. Daar heb je dus niks aan.'

En wie toch geschikte werknemers vindt, ziet ze niet zelden snel weer opstappen. “Het werk wordt vaak onderschat', weet De Waard.

“O leuk, een beetje kleding verkopen, dacht een meisje dat hier twee weken geleden kwam. Dat voorraden aanvullen, spullen uitpakken en de etalage inrichten ook tot haar taken behoorde had ze zich van tevoren geen seconde gerealiseerd. Binnen de kortste keren was ze weer verdwenen.'

Daar komt bij dat de modebranche haar werknemers niet bijzonder royaal beloont. Het aanvangssalaris ligt rond het minimumloon vanaf 23 jaar 2307,50 gulden per maand . “Dat is slecht betaald', vindt Cecily de Waard. “Ronduit klote', concludeert haar collega Susan Deary.

Het is dat ze zo graag “omgaan met mensen', dat ze “hun creativiteit in hun beroep kwijt kunnen' en dat ze het nog steeds als een “uitdaging' zien om bijvoorbeeld een goede klant te behouden. Maar ze begrijpen dat voor een ander de overstap naar een studie of andere baan snel is gemaakt.

Mitex riep overheid en vakbonden gisteren op mee te denken over een oplossing voor het personeelsprobleem. Volgens de branche-organisatie is vooral het beroepsonderwijs onvoldoende afgestemd op de arbeidsmarkt.

FNV Bondgenoten vindt dat Mitex de hand in eigen boezem moet steken. Bestuurder E. Dekkers: “Werkgevers in de modebranche hebben het liefst schapen met vijf poten: jong, flexibel inzetbaar, goed opgeleid en goedkoop. Dan moet je niet vreemd opkijken als je die niet kan vinden.'

Ook in de branche zelf lijkt Mitex' kritiek weinig weerklank te vinden. Natuurlijk, het onderwijs kan altijd worden verbeterd, reageren veel modezaken, die veeleer het belang van interne opleidingen beklemtonen. Ze zijn immers toch gedwongen veel mensen aan te nemen die geen gerichte opleiding hebben genoten.

“Zonder een stevige cursus gaat niemand bij ons aan de slag', zegt J.

Barten, filiaalmanager te Rotterdam van schoenenketen Manfield. Van elke punt-, hak- en instapschoen moet een verkoper de artikelsystemen en bijbehorende groepen onthouden. “Een zwarte veterschoen vind je in de doos met nummer 22, je moet het maar net weten. Zo eenvoudig is het niet.'

En dat werk doen voor zo'n bescheiden salaris is ook niet erg leuk, geeft ze toe. Manfield heeft dan ook de conclusie getrokken dat de oproep-voor-het-raam niet meer volstaat. “Vroeger kwamen er twee of drie mensen per week op zo'n advertentie af', zegt Barten. “Daar kon je dan weer een tijdje mee vooruit. Kranten- of tijdschriftadvertenties kosten een hoop, maar zijn tegenwoordig wel noodzakelijk. Zo'n briefje loopt iedereen nu straal voorbij.'