Ongrijpbare in harnas

De schrijver Frans Kellendonk stierf in 1990 op 39-jarige leeftijd aan de gevolgen van aids. Dit najaar wordt hij herdacht met een tentoonstelling in het Letterkundig Museum, een Schrijversprentenboek, een bundel essays over zijn werk en de documentaire Frans Kellendonk: Letter & Geest van Jan Louter, die vanavond wordt uitgezonden.

Het werk van Kellendonk blijkt acht jaar later nog springlevend: lang niet meer zo controversieel als bij verschijnen, maar nog even intrigerend.

Kellendonk, die naast schrijver ook anglist, vertaler en recensent was, stond als een betrekkelijke eenling in het literaire leven van de tachtiger jaren. Hij werd niet altijd goed begrepen: de combinatie van morele ernst en ironie in zijn werk zorgde vooral bij de publicatie in 1986 van zijn laatste roman Mystiek Lichaam voor veel rumoer en misverstanden. Aad Nuis sprak als eerste in een recensie van `onmiskenbaar antisemitisme', en vele anderen, onder wie zelfs Van Kooten en De Bie, volgden hem in hun veroordeling van het boek.

In de documentaire komen vrienden, collega's en Kellendonks uitgever aan het woord, afgewisseld met oude interviewfragmenten en citaten uit Mystiek Lichaam. Het bijzondere is dat het voornamelijk over het werk en de ideeen gaat, ergens daarachter schemert de ongrijpbare figuur van Kellendonk. Dat is helemaal in de geest van de overledene, die afkerig was van elke poging het werk uit het leven van de schrijver te verklaren. We komen uit de documentaire eigenlijk niet veel meer te weten over zijn karakter dan dat hij een `mengeling van kwetsbaarheid en geharnast-zijn' bezat, zoals Oek de Jong het formuleert.

Over de toestand rond Mystiek Lichaam zegt Bas Heijne: “Het was een boek dat zijn tijd vooruit was, omdat het vragen stelde die niemand zich meer stelde.' Kellendonk waagde zich in het boek aan een herwaardering van het katholieke idee van de samenleving als een organisme, het `mystiek lichaam' dat geschraagd wordt door het vruchtbare huwelijk tussen man en vrouw. Deze `dynastie van het leven' wordt afgezet tegen de homoseksualiteit, de wereld van de kunst en de `nepwaarde van het geld'. “Religie, de verbrokkeling van de samenleving en de ondermijning van de moraal, waar Kellendonk in de jaren '80 al mee bezig was, daar hoor je nu alle politici over praten,' zegt Oek de Jong.

Het optreden in het boek van de stereotiep getekende jood Pechman en uitspraken als `Flikkerij en jodendom, dat was van hetzelfde laken een pak' deden in 1986 het meeste stof opwaaien hoewel men vaak niet de moeite nam zich af te vragen waarom Kellendonk van deze middelen gebruik maakte. In de documentaire zegt hij zelf dat hij niet op herkenning uit is maar op confrontatie: “Ik wil dat de lezer nadenkt over wat hij voorgeschoteld krijgt door een schrijver.'

Aad Nuis krijgt de kans om zijn oordeel te herroepen maar doet dat niet, zoals we van hem gewend zijn: “Ik heb alleen geschreven dat er passages in stonden waar een waas van antisemitisme over hing.' Bas Heijne: “Als je zegt: het is een antisemitisch boek, dan heb je het over de schrijver. Ik geloof niet dat er de laatste twintig jaar op literair gebied een valsere beschuldiging is geweest.'

Oek de Jong verklaart de hetze uit het feit dat Kellendonk de verworvenheden van de jaren zestig ontkende in zijn werk: “Het is niet verwonderlijk dat iemand van de generatie die zich heeft ingezet voor die verworvenheden Mystiek Lichaam heeft geattaqueerd.' Jan Duyx, een van Kellendonks beste vrienden, laat ons tenslotte achter met wat min of meer zijn laatste woorden waren: “Als ik door zou kunnen leven zou ik gaan leven zonder muren.'