DAG

Het opmerkelijke van de zes nominaties voor de Generale Bank Literatuurprijs was, dat er twee ex-dagbladjournalisten bij waren. Toevallig zijn het ook nog collega's van mij geweest bij dezelfde krant zodat ik de prijsuitreiking deze keer met meer dan gewone nieuwsgierigheid heb gevolgd.

Die ex-collega's zijn Hans Maarten van den Brink, die onder meer chef `Z' en correspondent van NRC Handelsblad is geweest voordat hij hoofdredacteur bij de VPRO-tv werd, en Herman Franke, van wie ik me nog goed herinner hoe hij in de jaren zeventig als jonge, ambitieuze verslaggever bij het Nieuwsblad van het Noorden in Groningen zijn werk deed.

Franke is iemand die radicale wendingen in zijn leven nooit uit de weg is gegaan. Opeens nam hij destijds, tot onze grote verbazing ontslag bij de krant in Groningen: hij wilde de wetenschap in. Hij werd een vooraanstaand criminoloog die belangrijke publicaties op zijn naam bracht.

Ruim een jaar geleden vertelde hij me, tot mijn nog grotere verbazing, dat hij zijn carriere in de wetenschap opzij had geschoven. Hij had een eenvoudig, administratief baantje genomen, zodat hij zich volledig op de literatuur kon werpen. Hij had de afgelopen jaren al twee romans geschreven, het werd nu tijd voor de doorbraak.

Ik luisterde met bewondering, maar niet zonder huiver naar hem. Literair succes is maar voor weinigen weggelegd, voor de meesten blijft het worstelen met lage verkoopcijfers en zeer gemengde kritieken. Maar Franke aanvaardde blijmoedig de risico's en zette door.

Toen hij gisteren met zijn roman De Verbeelding tot winnaar van de Generale Bank Literatuurprijs werd uitgeroepen, was ik even bang dat hij, bedwelmd door de verbijstering onderuit zou gaan. Gelouterde, literaire prijswinnaars plegen zo'n prijs met enige ironische reserve in ontvangst te nemen, alsof ze toevallig toch in de buurt waren en de jury niet wilden ontrieven met een weigering.

Maar Herman Franke kon nog domweg gelukkig zijn in De Plantage.

Hij had het verdiend.

Van Dis, Van Zomeren, Brokken, Thomese, en nu Franke en Van den Brink: de journalistiek als leverancier van literair talent. Het klinkt mooier dan het is, want al die schrijvers kwamen pas tot literaire bloei nadat zij de journalistiek vaarwel hadden gezegd. Het huwelijk tussen journalistiek en literatuur is nooit echt gelukkig geweest.