Asielzoeker steeds vaker via de achterdeur binnen

De arts J. de Nooij was anderhalf jaar lang Medisch Adviseur van de IND. Hij is pessimistisch over de stijging van de medische aanvragen voor asiel.

Jan de Nooij (39), tot begin deze maand Medisch Adviseur van de Immigratie en Naturalisatie Dienst (IND), klinkt vermoeid door de telefoon: “Het aantal vreemdelingen dat een verblijfsvergunning vraagt op medische gronden is de laatste paar jaar heel snel gestegen. En het zal alleen maar verder blijven toenemen.'

De Nooij stapte anderhalf jaar geleden over van de GGD naar de hectiek van de Geneeskundige Inspectie van het ministerie van Justitie. Hij werd Medisch Adviseur van de IND. De Nooij moest, samen met drie artsen en drie `behandelmedewerkers', de klachten controleren van asielzoekers en andere vreemdelingen die om medische gronden in Nederland willen blijven. De betrokkenen lijden, bijvoorbeeld, aan een nierziekte die niet in eigen land kan worden behandeld. Of ze hebben littekens die zouden kunnen duiden op marteling waardoor ze niet mogen worden teruggestuurd. Ze kunnen ook psychische klachten hebben als gevolg van verschrikkingen die ze hebben meegemaakt, waardoor uitzetting onrechtmatig zou zijn.

De Nooij had zijn handen meer dan vol aan de medische claims. In het begin viel de werkdruk nog wel mee. Toen kreeg hij gemiddeld 20 claims per week te beoordelen. Maar dit najaar was het aantal al gestaag opgelopen tot zo'n 90 a 100 per week. Het gros van vreemdelingen en asielzoekers met een medische claim wil in Nederland blijven omdat het psychische klachten heeft - depressieviteit, schizofrenie, etcetera, vertelt De Nooij. Bij het merendeel van de psychische klachten gaat het om de zogenoemde post traumatische stress stoornis, voor de Medisch Adviseur een uiterst lastig ziektebeeld om te beoordelen. “Je kunt van deze stoornis niet zeggen dat-ie keihard waar of onwaar is.

Je kunt eigenlijk alleen maar het advies van de behandelende arts volgen.' Met andere woorden, de Medisch Adviseur moet in veel gevallen de medische claim van de vluchteling min of meer voetstoots aannemen. Vorig jaar oordeelde De Nooij en zijn staf over totaal 3.612 medische claims. In de helft van deze gevallen achtte hij verblijf in Nederland noodzakelijk. In de jaren daarvoor ging het om 2.600 (1996), 1.383 (1995) en 1.245 (1994) claims.

De groei gaat hand in hand met scherpere eisen die vreemdelingenrechters en tuchtrechters aan het werk van de Medisch Adviseur stellen. Rechters verlangen steeds vaker dat hij zijn adviezen duidelijker en controleerbaarder onderbouwt. Zo willen ze weten waarop de Medisch Adviseur zijn oordeel baseert dat medische behandeling van betrokken asielzoeker ook in het land van herkomst kan plaats vinden. De Nooij heeft daarom een netwerk van vertrouwensartsen opgebouwd in de meeste landen waar de asielzoekers met medische klachten vandaan komen. Die artsen onderzoeken op verzoek of bepaalde medicijnen in het betrokken land te krijgen zijn, of medische behandeling mogelijk is en of operaties gangbaar zijn.

De afhandeling van de claims en de eisen van de rechters kostten De Nooij een zee van tijd. Afgelopen zomer realiseerde hij zich dat het zo niet langer kon. “Ik wilde op een verantwoorde wijze mijn werk kunnen blijven uitoefenen', vertelt hij. Hij zwaaide met zijn portefeuille. “Ik heb gezegd dat een aantal zaken moest veranderen.' Hij wilde het ambt van Medisch Adviseur aan de strengere eisen van de nieuwe tijd aanpassen. “En daar kom je niet aan toe als je de hele dag bezig bent om te zorgen dat de stapels claims je niet boven het hoofd groeien.' De Nooij is sinds 1 oktober adviseur van de IND.

Hij adviseert ondermeer over de werkwijze van de Medische Adviseur. De groei van de claims heeft volgens De Nooij verschillende oorzaken. Het aantal asielzoekers neemt toe, en dus ook het aantal asielzoekers met gezondheidsklachten. De asielprocedures in Nederland zijn “dusdanig uitputtend lang geworden dat mensen meer medische klachten ontwikkelen'. En asielzoekers raken steeds meer bekend met mogelijkheden op medische gronden een verblijfstitel te krijgen.

Medische claims zijn tot nog toe onderbelicht gebleven in het publieke debat, vindt De Nooij. Nederland probeeert aan alle kanten de stroom van asielzoekers onder controle te krijgen door scherpere eisen te stellen aan de vluchtelingen. Maar het heeft minder oog voor de mogelijkheden voor asielzoekers om op medische gronden Nederland binnen te komen. “Op de voordeur worden telkens nieuwe en grotere sloten gemaakt. Op de achterdeur zit nog steeds alleen maar een klein bruinzeelslotje waarlangs steeds meer mensen proberen binnen te komen.'

In de meeste gevallen melden asielzoekers pas aan het einde van de asielprocedure hun medische klachten. Veelal omdat de andere mogelijkheden voor een verblijfsvergunning zijn uitgeput. “Je kunt via het medische circuit, via de achterdeur, soms nog wel Nederland binnenkomen als het via de voordeur niet lukt', aldus de Nooij. “Dat zie je dan ook aan alle kanten gebeuren. En het zal alleen maar erger worden. Daar ben ik heel pessimistisch over.'

De vraag of een asielzoeker met een medische claim kan worden teruggestuurd naar een land waar de medische zorg op een veel lager niveau is dan in Nederland, wil De Nooij niet beantwoorden. “Dat zijn ethische vragen die ergens anders thuis horen.'

De Nooij voorziet problemen als dit soort vragen niet snel en afdoende worden beantwoord. “Nederland is een vliegenpoepje op de wereldbol. Hoe lang zijn wij in in staat met ons systeem de gezondheid van de rest van de wereld te garanderen? Dat is de hamvraag.