Trainen

Rechercheurs moeten boeven vangen, luidt het adagium en de vraag is gerechtvaardigd of zij zich even goed moeten thuisvoelen en bewegen in de rechtbank als ze `in het milieu' doen.

Het antwoord is neen, dunkt me, en daarom lijkt het me verstandig om politiefunctionarissen voor te bereiden op wat hen bij een belangrijke zaak in de rechtbank te wachten staat. Desnoods in een training. Zelf heb ik - nota bene vanuit een wijkbelangenorgaan - een taaie strijd moeten leveren tegen burgemeester, wethouders, voorzitters, presidenten en gespreksleiders van commissies, colleges, gemeenteraden, Provinciale Staten en Raad van State.

Velen zullen het herkennen. Argeloze burger met hart op de tong wordt in raads-of rechtszaal door geroutineerde proceduretijgers geheel onderuit gehaald nog voordat de casus ter tafel is gekomen. Ik ben vanuit die wijkbelangenvereniging in de afgelopen acht jaar van de ene verbazing in de andere gevallen en heb het nodige leergeld moeten betalen om me niet uit het veld te laten slaan, m'n woordje te doen en (zeker in de Hilversumse gemeentepolitiek) niet op buitengewoon onheuse manier te laten schofferen. Dat went en al doende leert de burger.

Dan heb ik het nog niet over de sfeer bij 's lands hoogste rechtscolleges waar antichambreren, sfeer, zaalaankleding en behandeling de burger doen ineenschrompelen tot een nietig wezentje. Soms geneerde ik me haast dat ik om zoiets triviaals als bouwplan-problemen de weg naar 's lands regeringscentrum had gezocht. Ik had er graag een cursus burgerschapskunde voor over gehad om op deze confrontaties voorbereid te zijn. In dat licht juich ik het toe dat ook politiefunctionarissen terdege worden voorbereid (NRC Handelsblad, 21 oktober), desnoods in cursusverband, op wat hen in de rechtszaal te wachten staat.