Kruikenzeikers

Waarom ik in het stadion van Willem II zat, is me nog steeds niet duidelijk. Je wilt naar Antwerpen, een vriend belt dat hij nog een kaartje heeft en anderhalf uur later sta je met een vlaggetje in de hand.

Nog wel een vlaggetje dat niet deugt: het is maar aan een kant bedrukt. Forza Willem II staat erop. Waarom niet Hup kerels?

De wedstrijd tegen Betis was aardig. Co Adriaanse stuurde in de tweede helft liefst vijf aanvallers op het veld en passeerde dus andermaal zijn leermeester Louis van Gaal in lef en bravoure. Mooie man die Co. Bij een eerste aanblik denk je: ook weer geboren met de handen in de broekzakken. Maar met die lompe onhandigheid valt het wel mee. En de eeuwige blosjes op de wangen zeggen ook niets over zijn verlegenheid. Adriaanse spreekt niet, hij neemt het woord. In strakke, heldere zinnen legt hij uit waarom hij voor niemand bang is, ook niet voor Finidi. “Tactische zetten zijn bijzaak, ik doe aan klantenbinding.'

Adriaanse wil die zuiderlingen van Tilburg afhelpen van hun aangepraat minderwaardigheidscomplex. Dat is nodig. Halverwege de tweede helft pakte doelman Jimmy van Fessem uit met een schitterende parade. Hij was zo stupefait van zijn sublieme redding dat hij vervolgens de bal verticaal uittrapte, bijna in eigen doel. Zo zijn zuiderlingen: ze kijken nooit verder dan de glorie van het moment - geluk kan je maar een keer afdwingen. Wat daarna volgt doet er niet toe. Uren na de wedstrijd zweefde Van Fessem - notabene de enige Tilburger in het elftal - nog steeds van kruising naar kruising, zij het nu achter een mistgordijn van zware shag en verschaald bier. Ik vrees dat hij nog steeds niet thuis is gekomen. Als hij maar de bus haalt voor de volgende wedstrijd.

Na de wedstrijd was het in de bestuurskamer van Willem II ongemeen gezellig. Pronte meiden kwamen langs met scampi's, broodjes hazenpeper, haring en jenever a volonte. De aanwezige dames in hun baljurken verspreidden een parfum met de reikwijdte van een heel arrondissement in Parijs. En Johan Stekelenburg - met sjaaltje - maakte geluiden die Nederland nooit eerder heeft gehoord: hij knorde van tevredenheid.

Iedereen, behalve Eddy Poelman die treurde met windkracht 10, vloeide van liefde. 1-1: de Tricolores hadden het toch maar gedaan.

Voorzitter Jan Vullings was breedsprakeriger dan een orakel, wat in zijn geval een teken van ongeremde vreugde is. In geuren en kleuren deelde hij mede dat hij de president van Betis had proberen uit te leggen waarom Tilburgers kruikenzeikers worden genoemd. Ik begreep dat het woord dateert uit de gloriejaren van de wolindustrie. Toen er nood was aan amoniak en Tilburgse textielarbeiders van de baas 's avonds een kruikje mee kregen om het vol te zeiken. De Spaanse alter ego van Vullings was niet erg onder de indruk. Hij was bovendien niet te spreken over de ontvangst van Willem II. Deed zelfs moeilijk omdat er niet voorzien was in een presidentiele ereloge voor hem alleen. Daar had de directeur van Interpolis niet van terug. Diep in de nacht zei Vullings tegen zijn vrouw: “Meisje, de sociaal-democratie heeft in Europa nog veel te doen.'

De mooiste man van Willem II blijft Wim Groels. Een Remco Campert-type: nog steeds verwonderd over het eigen bestaan. Ook hij wekt de indruk dat hij als een stoethaspel door het leven struikelt. Maar dat is schijn. Groels heeft een harde kern: zijn liefde voor Willem II. Zijn verbondenheid met de najaarsmensen van de Tilburgse tribunes gaat zo ver dat hij nog steeds Caballero rookt.

Veertien jaar was hij voorzitter van Willem II. De dag van zijn afscheid hield het leven op. Jawel, hij golft nog, hij jaagt nog, maar in het gezicht is een winter neergedaald die nooit meer eindigt. De vurigste fan van de club lijdt aan Willem II. Niet dat hij, zoals de president van Betis Sevilla om een ereloge mekkert.

Nee, de pijn zit dieper: sinds zijn afscheid heeft niemand hem ooit nog om raad gevraagd. De oude terreinknecht heeft meer inspraak dan Wim Groels.

Zuiderlingen met hun gulle lach en hun aanstekelijk embonpoint zijn veel harder dan Eddy Poelman. Vooral als ze het in het leven tot directeur van Interpolis hebben gebracht.