Economisme

De tirade van Karel van Wolferen (NRC Handelsblad, 6 oktober) tegen het `economisme' in het nationale en internationale politieke denken heb ik met instemming gelezen maar het is mij een raadsel hoe een hooggeleerde in de `vergelijking politieke en economische instituties' kan beweren dat `politieke theorievorming vrijwel verdwenen is.'

Gaat de hele Franse post-structuralistische school en de Duitse kritische theorie (in het spoor van Habermas) niet over de quasi-wetenschappelijkheid van wat ons als economische wetmatigheid wordt opgedrongen? Op het grensvlak van de politicologie, economie en geografie vinden we deze gedachten terug in een levendige discussie die sinds een jaar of tien `regulation theory' heet (Aglietta, Lipietz Offe, Jessop, etc.). Zelfs medewerkers van Van Wolferens eigen faculteit worden in dit verband nog wel eens internationaal geciteerd als `Amsterdamse school' in de neo-liberalistische kritiek. Of heeft een universiteitsprofessor geen faculteit?