Asielzoekers weten vaak niet naar welk land ze gaan

Dat asielzoekers Nederland uitkiezen als verblijfplaats is vrij willekeurig. Ze zijn dikwijls afhankelijk van mensensmokkelaars of reizen hun landgenoten achterna.

Het hoofd van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR in Nederland Manuel Jordao, zou het wel weten. “Was ik vluchteling, dan probeerde ik Nederland te bereiken. Hier zouden mijn vrouw, kinderen en ik goed worden behandeld.' Natuurlijk, zegt hij, draagt het “kwalitatief goede en genereuze systeem' bij aan de komst van asielzoekers naar Nederland. Maar dat is niet de enige reden.

Nederland is favoriet bij asielzoekers. Waarom? Is het de luxe opvang tijdens de lange procedure, het soepele toelatingsbeleid of het gering aantal uitzettingen? En waarom vroegen `maar' 1712 mensen asiel aan in Italie?

Vorig jaar vroegen 34.500 mensen asiel aan in Nederland, dit jaar dreigen er 48.000 mensen te komen en kan de overheid de opvang en de verwerking van de aanvragen niet aan. Binnen de Europese Unie telde alleen Duitsland vorig jaar meer asielaanvragen: ruim 104.000. In relatieve zin was Nederland koploper. Vorig jaar kreeg Nederland 223 asielverzoeken per 100.000 inwoners - bijna vier keer zoveel als het gemiddelde binnen de EU, zo blijkt uit cijfers van het ministerie van Justitie. Ter vergelijking: Duitsland kreeg 128 aanvragen per 100.000 inwoners; Groot-Brittannie 71, Frankrijk 37 en Italie 3.

Binnen Europa verschilt het asielbeleid sterk. De noordelijke lidstaten hebben de afgelopen jaren een soepeler toelatingsbeleid gevoerd dan de zuidelijke lidstaten. Duitsland en Nederland bijvoorbeeld, stelden naast de officiele status van politiek vluchteling volgens het Verdrag van Geneve, nog tal van andere verblijfsvergunningen in. Het waren een soort gedoogden-statussen: de asielzoeker mocht niet blijven, maar hij hoefde ook niet terug te keren naar zijn land van herkomst.

Frankrijk en Italie daarentegen hanteerden een heel strikte interpretatie van het Verdrag van Geneve.

Ook de opvang verschilt per land. Frankrijk kent nauwelijks opvang; een asielzoeker meldt zich bij een politiebureau, schrijft zich in en wordt daarna de straat opgestuurd. Belgie kent alleen opvang voor degenen die niet bij familie, vrienden of landgenoten terecht kunnen. Engeland kent een soort nachtopvang voor asielzoekers, vergelijkbaar met opvang voor daklozen.

Uit een reportage in het blad Binnenlands Bestuur bleek zelfs het zakgeld van de asielzoeker te verschillen: in Denemarken ontvangt een volwassene 21 gulden per dag, in Duitsland krijgt elke vluchteling tachtig mark per maand plus voedselbonnen - voor een gezin kan dat bedrag aardig oplopen. In Nederland krijgt een alleenstaande gemiddeld 80 gulden per week. Daarvan moet hij ook zijn dagelijkse eten kopen.

Trekken alleen dergelijke voordelen van het systeem asielzoekers aan? Nee, zegt Jordao van de UNHCR. Er zijn andere redenen. Mensen reizen landgenoten achterna; de grote Koerdische gemeenschappen in Duitsland en Nederland trekken veel Iraakse Koerden aan. De onverwachte komst van veel Afghanen naar Nederland - ze dienen momenteel de meeste aanvragen in - wordt zo niet verklaard. Waarschijnlijk loopt er een smokkelroute voor Afghanen naar Nederland, zeggen onderzoekers bij de politie.

Staatssecretaris Cohen (Justitie) heeft inmiddels een onderzoek aangekondigd naar de redenen waarom mensen naar Nederland komen en niet bijvoorbeeld naar, Italie. In 1994 deden de onderzoekers Tetty Havinga en Anita Bocker van de Katholieke Universiteit Nijmegen in opdracht van de Europese Commissie al onderzoek naar migratiepatronen.

Zij stuitten op een aantal factoren die invloed hebben op de asielzoekers keuze, zoals koloniale banden tussen het land van bestemming en het land van herkomst. Maar ook overeenkomsten in taal goede luchtverbindingen, sociale voorzieningen, goed onderwijs en de geografische ligging van een land tellen mee. Oostenrijk ligt nu eenmaal niet zo ver van het verscheurde Kosovo.

Maar is er eigenlijk wel sprake van een bewuste keuze? Asielzoekers weten vaak niet eens naar welk land te gaan. Ze betalen een bedrag aan een mensensmokkelaar, die hun reis regelt. “Ik wilde naar ergens in Europa,' zei Vanity uit Sri Lanka. Een paar dagen tevoren, op 15 februari 1997, was ze in een toestel van Turkmenistan Airlines geland op Schiphol, samen met 172 andere Tamils. Ergens in Europa was Amsterdam geworden.

De lange procedures in Nederland, zeggen migratiedeskundigen, spelen de mensensmokkelaars in de kaart. Klanten die snel terugkeren, zijn immers slecht voor de reputatie van de smokkelaar. Reisagenten gebruiken Nederland ook steeds vaker als doorvoerland voor hun smokkelwaar; de verbindingen op Schiphol zijn goed, de overslag in de grote Rotterdamse haven is lastig te controleren. Nederland-distributieland; na hun aankomst op Schiphol verdwenen tientallen Tamils van de Turkmenistan-vlucht uit de opvangcentra, op weg naar onder meer de VS.

Opmerkelijk blijft de daling van het aantal asielzoekers in Duitsland - ook al stijgt de stroom sinds de gewelddadigheden in Kosovo. De daling heeft te maken met het terugsturen van de (300.000) Bosniers die tijdens de oorlog in Joegoslavie hun toevlucht zochten in Duitsland. Daarnaast is de uitvoering van het asielbeleid opgedragen aan de (zestien) deelstaten - en sommige zijn strenger met uitzetten dan andere - en zijn de wachttijden korter.

Dan zijn er nog de asielstatistieken. Een politiek instrument, waarschuwen deskundigen. Want in Duitsland werden, net als in Nederland, vlak voor de verkiezingen de schattingen naar beneden bijgesteld.