Vierde geval van koeziekte

Voor de vierde keer in ruim anderhalf jaar is in Nederland een geval van de gekkekoeienziekte BSE geconstateerd. De besmette koe werd aangetroffen op een boerderij in Heeten, gemeente Raalte. De 84 andere runderen op de boerderij worden vandaag gedood en onderzocht.

Trix 9, de koe met BSE, is op 18 december 1991 geboren. Vorige week werd de koe op grond van verdenking van BSE voor onderzoek afgevoerd. De boerderij in Heeten is sinds 15 oktober afgesloten van de buitenwereld.

Het ministerie van Landbouw zal proberen de nog levende nakomelingen en ouderdieren van de besmette koe te traceren. Ook alle koeien die een half jaar voor en een half jaar na Trix 9 op hetzelfde bedrijf zijn geboren worden opgespoord, geslacht en onderzocht.

Bij het laatste geval van BSE, de koe Candy Can Be uit Vriescheloo, stuitte het ministerie op problemen bij het traceren van de mogelijke gerelateerde gevallen. De moeder van Candy bleek voor de slacht te zijn verkocht, maar niet te zijn afgemeld. De zussen konden niet worden gevonden, omdat pas in 1992 een streng identificatie- en registratiesysteem van kracht werd.

Behalve de aanverwanten en de dieren van hetzelfde bedrijf, zal ook het gebruikte veevoer van Trix 9 worden onderzocht. Besmet veevoer en diermeel worden beschouwd als mogelijke oorzaak van BSE. Bij het onderzoek naar de drie eerdere gevallen van BSE in Nederland werd dit verband echter niet aangetoond. Het gebruik van diermeel, het zogeheten herkauwersmeel, is sinds 1989 verboden.

BSE kwam voor het eerst in 1986 aan het licht in Engeland, waar sindsdien 170.000 gevallen zijn gesignaleerd. Er bestaat een sterk vermoeden dat er een verband is tussen BSE en de voor mensen dodelijke ziekte van Creutzfeldt-Jakob.