Van model-democratie Kirgizie is weinig over

Jarenlang is Kirgizie in Centraal-Azie, een regio van dictaturen of semi-dictaturen, een eenzame uitzondering geweest: onder president Askar Akajev was Kirgizie een oase van democratie en democratisch fatsoen. Maar daar is de klad in gekomen.

Met aan Sovjet-tijden herinnerende uitslagen hebben de Kirgiezen het afgelopen weekeinde hun parlement weer een stuk macht afgepakt: meer dan negentig procent ging akkoord met een grondwetswijziging waarbij het parlement de bevoegdheid kwijtraakte de begroting tegen de zin van de regering aan te passen.

De Kirgiezen stemden in het referendum over nog meer grondwetswijzigingen. Zo keurden ze het prive-bezit van grond goed - hetgeen kan leiden tot een belangrijke stimulans voor de landbouw - en betuigden ze hun instemming met een wijziging van het ledental van het parlement.

Voor de machtsverhoudingen in Kirgizie is de verdere uitholling van de bevoegdheden van het parlement een veeg teken. En niet het eerste: de tijd dat Kirgizie onder Akajev een model-democratie was, is inmiddels definitief verstreken. Akajev beantwoordt niet aan het beeld dat de buitenwereld van een dictator heeft: hij is innemend, vriendelijk, charmant, charismatisch en toegankelijk geen man van boze woorden. Maar hij trekt wel al twee jaar steeds meer macht naar zich toe, en het referendum van dit weekeinde versterkt die trend, want Akajev domineert de regering, en die krijgt meer bevoegdheden ten koste van het parlement.

Geen wonder dat de oppositie kwaad reageerde op de uitslag van het referendum, waarin de Kirgiezen vijf ingrijpende en ingewikkelde vragen met een simpel `ja' of `nee' moesten beantwoorden. “Wat voor democratie heb je als het parlement overbodig wordt gemaakt', zo vroeg een van de leiders van de oppositie, Zjypar Zjeksejev - voorzitter van de parlementscommissie voor de rechten van de mens en ethische kwesties - zich af. “Als we het over dictators hebben impliceren we het gebruik van geweld en foltering.

Maar Akajev eigent zich steeds meer macht toe met een glimlach.' Een andere oppositieleider Adacham Madoemarov, zei dat “het parlement in deze republiek van referendums overbodig is gemaakt'. “We zijn getuige van een nieuwe stap naar Akajevs persoonlijke dictatuur.'

De langzame teloorgang van de Kirgizische democratie begon begin 1996, toen Akajev, de glimlachende wetenschapper die drie van zijn kinderen in de VS en Zwitserland laat opleiden, zich enkele weken na zijn herverkiezing per referendum uitgebreide volmachten liet geven. Zo mag hij sindsdien alle ministers en andere topfunctionarissen benoemen; alleen voor de benoeming van de premier heeft hij de toestemming van het parlement nodig. Maar als het parlement drie keer nee zegt, kan Akajev het gewoon naar huis sturen.

Akajev lijkt na een veelbelovend begin gedesillusioneerd te zijn geraakt door de beperkingen die de democratische spelregels hem oplegden. Twee jaar geleden begon hij de vrijheid van meningsuiting van de media te beknotten en de vrijheid van vereniging en vergadering in te perken. Oppositieleider Toptsjoebek Toergoenalijev werd opgepakt en later tot tien jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens corruptie en verduistering. Die straf werd vervolgens omgezet in een voorwaardelijke vrijheidsstraf en deportatie. Later volgden de sluiting van oppositionele of onafhankelijke kranten, de veroordeling van kritische journalisten en verboden op de invoer van boeken, tijdschriften, audiovisueel materiaal en computerdiskettes die “politieke en economische belangen, de nationale veiligheid, de openbare orde, de gezondheid en de openbare moraal' van de 4,6 miljoen burgers van de staat zouden kunnen schaden.

Het parlement is allengs minder gaan voorstellen. De politiek is geregionaliseerd: Akajev regeert met de door hem benoemde regionale gouverneurs, die grote macht hebben en op hun beurt regionale en lokale bestuurders benoemen. Dat systeem is de ruggengraat van zijn autoritaire macht. Het parlement bestaat naar het oordeel van waarnemers sowieso voor ongeveer de helft uit criminele zakenlieden, die zich voornamelijk kandidaat stelden om aan juridische vervolging wegens corruptie te voorkomen. Toen in 1995 een nieuw parlement werd gekozen, bleek tegen ruim dertig procent van de nieuwe leden toevallig net een juridisch onderzoek te lopen wegens financiele malversaties. Democratische tradities bestaan niet in Kirgizie: de Kirgiezen waren tot voor kort een nomadenvolk, met traditionele politieke en sociale relaties die vooral beperkt blijven tot de eigen familie, de eigen clan, de eigen stam en het eigen woongebied - een van de vijf grote valleien waaruit dit bergland bestaat. De taal bestaat in geschreven vorm pas sinds het begin van deze eeuw, bijna de helft van de bevolking bestaat uit etnische minderheden en er gapen brede kloven tussen het noorden en het zuiden, moslims en niet-moslims, stad en platteland en Kirgiezen en niet-Kirgiezen.

De corruptie is onder het politieke systeem van de persoonlijke benoemingen een regelrechte ramp. In een moment van wanhoop heeft Akajev zelf de heren parlementariers eens toegeroepen: “Het is genoeg. Stop hiermee! Er komt een Dag des Oordeels. Vrees God! U ziet hoe ze het bloed van de natie drinken en stelen en velen van u doen eraan mee. De Geest van Manas [de nationale held van de Kirgiezen] zal u vervloeken!' Maar de corruptie is wel inherent onderdeel van een systeem dat Akajev zelf heeft opgebouwd.

Akajev, president sinds 1990 en eind 1995 herkozen, ambieert een derde ambtstermijn als zijn huidige termijn in 2000 afloopt. Volgens de grondwet is een derde termijn onmogelijk, maar het Constitutionele Hof heeft daar inmiddels iets op gevonden: in 1990 werd Akajev door de Staatsraad tot president van de Sovjet-republiek gekozen; de presidentsverkiezingen van eind 1995 waren de eerste vrije verkiezingen en Akajevs eerste termijn begon `dus' in dat jaar. Hij kan dus in 2000 best aan een nieuwe - want tweede - termijn beginnen.