Kiezen in Kosovo

DE NAVO IS not amused. Nog maar net was een akkoord gesloten met president Milosevic over terugtrekking van Servische troepen uit Kosovo of het Kosovaarse bevrijdingsfront vermoordde een drietal Servische politiemannen.

Als zij zich aan de afspraken hadden gehouden (en op tijd waren vertrokken), zouden wij ze niet hebben kunnen doden, klonk het cynische commentaar. Verbolgen functionarissen in het Westen lieten weten dat het akkoord ook geldt voor de bewapende Kosovaren, op zichzelf een vreemd standpunt want die waren slechts zijdelings bij de onderhandelingen betrokken. Maar akkoord is nauwelijks een correcte omschrijving van wat er is gebeurd. Milosevic heeft een dictaat moeten slikken op straffe van luchtaanvallen. In het voorbijgaan werd het dictaat uitgebreid tot de Kosovaren zelf.

De exercitie geeft aan hoe ingewikkeld de kwestieKosovo is. Een conventioneel leger kan onder druk worden gezet met dreigementen, maar hoe tref je een guerrilla met kruisraketten? Bovendien zou het niet eenvoudig zijn uit te leggen als de laatste verdedigers van het gekwelde Kosovaarse volk als een soort Bin Laden door de NAVO werden uitgerookt. Maar het is een feit: zonder medewerking en terughoudendheid van het Kosovaarse bevrijdingsfront zal het niet eenvoudig zijn de Serviers aan de gemaakte afspraken te houden.

ZO KOMT DE verantwoordelijkheid voor de gang van zaken als vanzelf terug bij de NAVO. De idee dat met tweeduizend waarnemers van de OVSE het machtsvacuum zou kunnen worden gevuld dat de Serviers geacht worden achter te laten, getuigt van een ongekende naiveteit. In een staat van burgeroorlog als in Kosovo zouden slechts zwaarbewapende troepen een kans maken de strijdende partijen uit elkaar te houden - en dat waarschijnlijk ten koste van grote verliezen. De overwogen stationering van een snelle interventiemacht aan de Albanees-Kosovaarse grens zou een stap in die richting zijn, maar het is een open vraag of die strijdmacht ooit in een werkelijk risicovolle situatie zou worden ingezet.

De tijd begint te dringen. Nog een paar dagen scheiden de NAVO van het aflopen van haar, verlengde, ultimatum. De beslissing om luchtaanvallen te beginnen dreigt te moeten worden genomen onder onbeheersbare omstandigheden. Stel dat guerrilla-acties in Kosovo de Serviers een alibi verschaffen om met hun beschietingen van Kosovaarse dorpen door te gaan. Hoe moet dan een strafexpeditie worden uitgelegd? En als de Serviers zich, al dan niet na luchtaanvallen daadwerkelijk terugtrekken, hoe wordt voorkomen dat het Kosovaarse bevrijdingsfront zijn doel verwezenlijkt en een onafhankelijk Kosovo sticht? Een ontwikkeling die de internationale gemeenschap, inclusief de lidstaten van de NAVO, immers verwerpt?

HET DILEMMA IS sinds afgelopen zomer niet anders geworden. Toen is toegelaten dat de Serviers het in het voorjaar verloren terrein terugveroverden - wat ten koste is gegaan van een nog ongekend aantal doden onder de Kosovaarse bevolking en de ontworteling van tienduizenden. Tot op de dag van vandaag is aan die toestand geen einde gemaakt. Komende week zal een keuze niet meer kunnen worden ontlopen.