Violist Rudolf Koelman stapt nu al weer op; Bij Concertgebouworkest

De violist Rudolf Koelman legt zijn functie van concertmeester van het Koninklijk Concertgebouworkest neer.

In een verklaring zegt het orkest dat Koelman meent dat hij zijn concertmeesterschap op de lange duur niet kan combineren met zijn overige muzikale werkzaamheden, zoals een docentschap in de Zwitserse stad Winterthur, zijn solistische en kamermuzikale activiteiten.

Het Concertgebouworkest en Koelman zullen in onderling overleg het tijdstip van vertrek bepalen. De orkestleiding buigt zich binnenkort over een procedure voor de opvolging. De directie van het Concertgebouworkest zegt Koelmans besluit te betreuren maar te respecteren.

Koelman vervulde sinds maart 1997 in Amsterdam de functie van concertmeester naast de Amerikaan Alexander Kerr, waardoor hij slechts de helft van de tijd bij het orkest aanwezig hoefde te zijn. Koelman en Kerr waren de opvolgers van Jaap van Zweden, die dirigent werd, en Viktor Liberman, die met pensioen ging. Koelman en Kerr werden benoemd na een proefspel. Daarbij moesten zij, net als acht anderen, voor chef-dirigent Riccardo Chailly en een commissie van 35 orkestleden hun kwaliteiten demonstreren.

Koelman woont met zijn gezin al vijftien jaar in Winterthur. Hij vertrok naar Zwitserland, toen een solistische carriere in ons land mislukte en hij in de bijstand belandde. De Amsterdamse sociale dienst raadde hem aan zich te laten omscholen met de argumentatie `Die viool is niks.'

In Zwitserland speelde Koelman aanvankelijk op straat in Bern, voordat hij werd gevraagd als docent en als concertmeester van het orkest in Winterthur. Hij begon een solistische carriere, waarbij hij zo'n veertig verschillende concerten bij professionele orkesten speelde. Toen hij in Amsterdam werd benoemd, verklaarde hij geen wrok meer tegen ons land te hebben, maar juist heimwee te hebben gekregen.

In februari vorig jaar gaf Koelman in de Engelse Kerk op het Amsterdamse Begijnhof een solorecital, waarin hij zich met veel succes voor een publiek met veel collega-violisten presenteerde als een groot virtuoos, door alle vierentwintig capricci van Paganini te spelen.

De in 1959 geboren violist studeerde eerst bij Jan Bor, was vanaf zijn elfde een leerling van Herman Krebbers, voormalig concertmeester van het Concertgebouworkest, en voltooide zijn opleiding bij de legendarische Jasha Heifetz. In een interview bij de bekendmaking van zijn benoeming zei Koelman in deze krant: “In het vliegtuig terug heb ik echt gehuild: een auditie en ik heb een van de tien gewildste violistenbanen ter wereld gekregen! Toen ik op mijn zesde voor het eerst Krebbers zag, dacht ik: `concertmeester!'. Het zijn onvoorstelbare dromen die nu zijn uitgekomen.'