Rafsanjani's dochter

DEMOCRATIE IS NIET een staatsvorm voor bange mensen, zei ooit de Nederlandse minister van Justitie C.H.F. Polak. Aanleiding was het al

dan niet weigeren van een inreisvisum aan een Duitse radicaal die hier spreekbeurten zou houden, Rudi Dutschke. Er zullen nog maar weinig mensen zijn die deze “rode Rudi' precies voor ogen kunnen halen, maar destijds

was hij een hele schrik. Dutschke kreeg bij aankomst van de marechaussee

een verklaring ter ondertekening voorgelegd dat hij zich rustig zou houden, maar weigerde die te tekenen. Toch mocht hij erin.

Dit incident markeert het afscheid van een lange traditie in het vreemdelingenbeleid, overigens niet alleen in Nederland, om iedere politiek beladen activiteit van een vreemdeling als ongewenst te beschouwen - en daarmee ook de vreemdeling zelf. Dit is inmiddels verleden tijd. Dat kan ook moeilijk anders nu de Nederlandse samenleving

een veelkleurige waaier van vreemdelingen, of de directe nazaten van vreemdelingen, bevat. Behalve een eigen kijk op de Nederlandse zeden en gewoonten brengen zij in een aantal gevallen ook hun eigen onderlinge tegenstellingen mee. Sommige daarvan zijn van een dusdanige intensiteit dat zij een plaatsje krijgen in de jaarverslagen van de BVD. Maar de stelregel van Polak staat terecht voorop.

DIT GELDT OOK voor de opening van het nieuwe Islam-instituut in Leiden waarbij het gisteren tot ongeregeldheden kwam. De oprichting van dit Internationale instituut voor de studie van de islam in de moderne wereld (ISIM) is omstreden. De uitnodiging aan de dochter van de voormalige Iraanse president Rafsanjani om een rede te houden, paste daarbij. Maar het ging hier wel om de uitoefening van een combinatie van grondwettelijke vrijheden: meningsuiting, onderwijs, godsdienst. Daar moet de overheid niet in treden doch ze integendeel beschermen tegen ordeverstoorders.

De vraag is wel wat het instituut bezielde om uitgerekend deze keynote speaker te vragen. Instellingen van wetenschappelijk onderwijs dienen zich steeds bewust te zijn van politieke risico's, hoe goed hun bedoelingen op zichzelf ook zijn. Zo is de universiteit van Utrecht die een eredoctoraat verleende aan Winnie Mandela wel enigszins in verlegenheid gebracht door

de latere beschuldigingen die tegen haar zijn ingebracht.

Het INIS-project, dat een voorloper vormde van het ISIM, heeft de politieke winden trouwens aan den lijve ondervonden, de aanvankelijke samenwerking

met Indonesie werd verbroken uit protest tegen de opstelling van de vorige Nederlandse minister van Ontwikkelingssamenwerking, Pronk.

Voor het studiegebied van het nieuwe Leidse instituut, de islam, geldt in het bijzonder dat de scheiding van kerk en staat daar de gebruikelijke betekenis mist. Dat is een in het oog springende complicatie bij de “goede dialoog op gedegen wetenschappelijke basis' met de islamitische groeperingen in Nederland, die de regering voor ogen stond bij het initiatief tot de oprichting van het ISIM. De opening van het instituut vormt niet een goede aanzet.