Links Italie licht gegeneerd over victorie D'Alema

Natuurlijk is links Italie blij met het premierschap van D'Alema. Maar bij alle vreugde is er ook gene: is de overwinning van D'Alema niet het gevolg van de vermaledijde politiek van de achterkamertjes?

“Natuurlijk, ik ben er oprecht van overtuigd dat het gevaarlijk voor Italie zou zijn als Berlusconi en Fini aan de macht zouden komen. Daarom

ben ik blij dat D'Alema nu premier wordt. Maar toch. De manier waarop is

een forse stap terug.'

Het hart van Roberto Orru klopt links. Toen in mei 1996 het eerste kabinet sinds de oorlog aantrad waarin de ex-communisten meeregeerden, vierde hij dat als een mijlpaal. Maar nu

D'Alema vanmiddag is beedigd als de eerste ex-communistische premier van

het land, wisselen vreugde en gene elkaar af onder links.

D'Alema is niet door de kiezers aangewezen als premier, maar na politiek handjeklap tussen politieke partijen. Dit is `oude' politiek, het spel van akkoorden in de achterkamer waar de meeste kiezers schoon genoeg van

hebben.

“Ik had gehoopt dat we die tijd achter de rug hadden', zegt Orru, die werkt bij een telecommunicatiebedrijf. “Je kan niet blijven zeggen: we weten dat het niet goed is, maar dit is echt de laatste keer.

Je moet oppassen dat de prijs die je betaalt niet te hoog wordt. Er is een grens.'

De hoop van Italiaanse kiezers dat er de afgelopen jaren iets wezenlijks was veranderd in de politiek, mag niet worden onderschat. In grote gemeentes kunnen de kiezers direct hun burgemeester kiezen. In de nationale politiek bracht de strijd in 1996 tussen de centrum-linkse Olijf-coalitie van Romano Prodi en het centrum-rechtse blok onder leiding van mediamagnaat Silvio Berlusconi de gewenste duidelijkheid. Op welk blok je ook stemde, je wist wie er premier zou worden. Dat was nog nooit zo geweest.

Daarom wilde scheidend premier Romano Prodi, in tegenstelling tot D'Alema, geen deal sluiten met de centrumpartij van oud-president Francesco Cossiga.

Die partij bestond twee jaar geleden nog niet en in de fractie zitten voornamelijk Kamerleden die in hun district als de kandidaat van rechts zijn gekozen. Op een afscheidsbijeenkomst van zijn ministers vrijdag zei Prodi melancholiek: “We hebben onze plicht gedaan, zonder de beloftes te verraden, zonder het pact met de Italianen te verbreken.'

Wat hem rest, is de Mont Blanc-vulpen die hij als afscheidscadeau van zijn kabinet heeft gekregen en de angst dat D'Alema de Olijf-coalitie die hij met zoveel zorg heeft opgebouwd, opbreekt om meer ruimte te maken voor zijn eigen partij, de Linkse Democraten.

D'Alema's bondgenoot Cossiga wil niets liever dan de coalitie kapot maken, want hij hoopt zowel van links als van rechts voormalige christen-democraten naar zich toe te trekken, en daardoor een

nieuwe sterke centrum-partij te vormen.

“Het centrum en links hebben een akkoord gesloten om centrum-links uit te schakelen', zei senator Andrea Papini, ook wel de schaduw van Prodi genoemd omdat hij het altijd met hem eens is.

Mensen die in de Olijf-coalitie hebben geloofd, als een bijdrage tot meer helderheid in de Italiaanse politiek

reageren nu wat verbitterd.

“Dit is de neo-Togliattiaanse politiek van D'Alema', zegt de linkse columnist Giorgio Bocca, met een verwijzing

naar de voormalige communistische leider Palmiro Togliatti. “De communisten prefereren steeds de macht boven de democratische revolutie.'

Prodi is in feite van het toneel geduwd, schreef commentator Barbara Spinelli in La Stampa. “Op de oude manier: niet als gevolg van het vonnis van de stembus, niet wegens macroscopische fouten uit de afgelopen tweeeneenhalf jaar, maar op basis van akkoorden tussen partijen die ondergronds opereren, vaak op een cynische manier, en de zittende leiders maken en breken zonder hun manoeuvres te hoeven rechtvaardigen tegenover

de kiezers.' Misschien was dit allemaal wel nodig om erger te voorkomen

schrijft ze, maar “het lijkt sterk op een politieke moord'. De meeste linkse critici berusten. Het perspectief van verkiezingen, met

de kans dat rechts wint, met de kans dat een door rechts gedomineerd parlement volgend voorjaar een president naar eigen voorkeur kiest, lokt

niemand aan. Zeven jaar Berlusconi als president is een schrikbeeld dat critici van D'Alema tot zwijgen brengt.

Daarom wordt de bittere pil geslikt. “Ik vrees dat er voor ons niets anders op zit dan de pad te kussen', zegt Orru. Deze beeldspraak, baciare il rospo, beheerst nu de gesprekken bij links. Maar de rest van het verhaal, dat de pad verandert in een prins en alles eindigt in harmonie, blijft vooralsnog een fabeltje.