`Onderzoek naar oorlogsmisdadigers'

Een aantal Nederlandse organisaties voor vluchtelingen en mensenrechten onderzoekt de mogelijkheid om het openbaar ministerie (OM) te dwingen vervolging in te stellen tegen van oorlogsmisdaden verdachte vluchtelingen.

De organisaties vinden het kwalijk dat het OM nog geen enkele oorlogsmisdadiger heeft vervolgd terwijl er voldoende aanwijzingen zijn dat zich onder asielzoekers in Nederland oorlogsmisdadigers bevinden.

Dit zegt Jacques Willemse van Stichting Oecumenische Hulp (SOH) uit Utrecht, die al jarenlang werkzaam is in de Nederlandse vluchtelingenhulp. Willemse heeft het initiatief genomen om enkele organisaties te betrekken bij plannen van Afghaanse asielzoekers om aangifte te doen tegen een landgenoot die zich in eigen land aan oorlogsmisdaden zou hebben schuldig gemaakt.

“We willen een zaak opbouwen waar het OM niet omheen kan' aldus Willemse. “Vluchtelingenrecht is mensenrecht', zegt hij. “Het kan niet de bedoeling zijn om mensen die zich aan schending van de mensenrechten hebben schuldig gemaakt, een vrijhaven te geven in Nederland.'

Nol Vermolen van Vereniging Vluchtelingenwerk sluit zich bij Willemse aan. “Vluchtelingwerk zal elke serieuze aangifte steunen en zal er alles aan doen om het OM op te porren tot vervolging over te gaan.'

Volgens het openbaar ministerie in Arnhem is het nog niet eerder voorgekomen dat vluchtelingen in Nederland landgenoten bij justitie aangeven op verdenking van betrokkenheid bij oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid.

De organisaties overleggen binnenkort over de manier waarop ze de Afghanen kunnen bijstaan. Voor het overleg zijn onder meer Vluchtelingenwerk Nederland, Amnesty International en het University Assistence Fund (UAF) uitgenodigd. Willemse denkt dat op zijn vroegst begin volgend jaar aangifte gedaan wordt. Het is nog niet duidelijk wie van de organisaties de aangifte daadwerkelijk zal steunen.

Directeur Kees Bleichrodt van het UAF benadrukt dat de aangifte tegen de vermeende Afghaanse oorlogsmisdadiger wel grondig moet worden voorbereid. Anders is de kans op verlies groot en wordt de zaak van de vluchtelingen er alleen nog maar moeilijker op.

Willemse wil over de mogelijke aangifte overigens niet veel kwijt. Hij is onder andere bang dat de veiligheid van de betrokken Afghanen die de aangifte doen in gevaar komt. “Binnen de Afghaanse gemeenschap in Nederland is er veel onrust. Sommige Afghanen die hun beul menen te herkennen hebben al schriftelijke bedreigingen ontvangen van landgenoten.'

Onderdeel van de steun die de organisaties de Afghanen zullen geven is een of andere vorm van bescherming tegen wraaklustige landgenoten.