Knap politiek strateeg; Massimo D'Alema

Mijn generatie heeft een plicht, schreef Massimo D'Alema drie jaar geleden in zijn boek Een normaal land. “Italiaans links aan de macht brengen.'

Het tekent de langetermijnvisie die deze politieke strateeg steeds heeft gehad. Nu nadert het moment waarop hij zijn droom kan verwezenlijken. Na de laatste hobbel van de verdeling van ministersposten is de weg vrij voor de eerste ex-communistische premier in Italie, en in West-Europa. De 49-jarige D'Alema hoopt op de Europese top komend weekeinde in Oostenrijk naast Blair, Schroder en Jospin de zwenking naar links in Europa te symboliseren.

Als leider van de Linkse Democraten, de erfgenamen van wat eens de grootste communistische partij van West-Europa was, is D'Alema eerder gerespecteerd dan geliefd. Velen prijzen zijn zelfbeheersing, zijn realiteitszin, zijn gezonde ambitie om grootse projecten niet uit de weg te gaan. Anderen trekken die eigenschappen door naar het negatieve en praten over een kille, berekenende politicus. Maar niemand betwist dat hij de knapste politieke strateeg van het land is.

“Hij weet hoe hij het onverzoenlijke moet verzoenen, hoe hij de duivel en wijwater bij elkaar moet brengen', zegt Luciano Sardelli, in 1996 kandidaat voor rechts tegenover D'Alema in diens thuisbasis Gallipoli, in de hak van de Italiaanse laars.

D'Alema zal die vaardigheden als premier hard nodig hebben, want voor sommige partijgenoten heeft hij een deal met de duivel gesloten. Oud-president Francesco Cossiga, die met zijn centrumpartij steun aan D'Alema heeft toegezegd, was jarenlang een verstokt anticommunist. Bovendien staat zijn uiteindelijke doel haaks op dat van D'Alema. De komende premier streeft naar de vorming van een brede linkse coalitie als tegenhanger van een centrum-rechts blok. Cossiga wil juist het centrum in de politiek weer een centrale rol geven.

Zijn doel is een soort wederopstanding van de christen-democratische partij die de naoorlogse politiek in Italie heeft gedomineerd.

Als politiek bestuurder is D'Alema een onbeschreven blad. Hij heeft zijn hele leven lang binnen de partij gewerkt. Toen zijn partij in 1996 mee aan de macht kwam, als de belangrijkste poot onder de Olijf-coalitie van Romano Prodi verkoos hij ervoor partijleider te blijven en niet in het kabinet te gaan zitten.

Zijn realiteitszin wordt door de Italiaanse werkgevers als een garantie gezien. In het regeringsprogramma waarover D'Alema gisteren overeenstemming heeft bereikt, wordt de lijn van sanering van de overheidsfinancien doorgezet. De belofte van verdere privatisering en het streven naar versterking van het marktmechanisme in de economie wekken vertrouwen bij ondernemers.

D'Alema benadert de politiek op een ogenschijnlijk passieloze, bijna wetenschappelijke manier. Toch is het zijn grote liefde, zijn hele leven al. Zijn vader heeft in het verzet gezeten en werd na de oorlog parlementslid voor de PCI. Als jongen van tien hield hij al een spreekbeurt over wat hij zou doen als hij minister was. Hij is opgegroeid met het gedachtengoed van de grote communistische leider Palmiro Togliatti, die leerde dat politiek bedrijven een van de hoogste activiteiten in het leven is, en de kunst van het haalbare. Als voorzitter van de jongerenafdeling van de partij en als hoofdredacteur van de partijkrant l'Unita ontpopte hij zich als een van de intelligentste mensen binnen het partij-apparaat, geduldig wachtend op zijn kans.

D'Alema wordt wel verweten via de achterdeur palazzo Chigi het Italiaanse Catshuis, binnen te sluipen. Twee jaar geleden wilde hij geen lijsttrekker zijn, bang dat zijn communistische verleden kiezers zou afschrikken.

Nu keek hij werkeloos toe hoe zijn voormalige bondgenoot Prodi van het toneel werd geduwd. D'Alema bestreed gisteren fel dat hij een politieke truc heeft uitgehaald. “Ik ben de leider van de partij die de meeste stemmen heeft gekregen bij de verkiezingen', zei hij. “Je kunt moeilijk zeggen dat er zich nu een vreemdeling aandient, iemand die van de maan is gekomen.'