Zuid-Amerika wil niet door verleden belast worden

De Chileense dictator Augusto Pinochet heeft zich tegen een mogelijke vervolging van zijn terreur goed ingedekt . Veel Zuid-Amerikaanse voormalige dictaturen `vergeten' daarnaast liever de wandaden van hun leiders uit het recente verleden.

Zou Pinochet iets voorvoeld hebben? “De geschiedenis leert dat dictators nooit goed eindigen', zei ex-dictator Augusto Pinochet (83) tegen het blad The New Yorker, dat deze week een portret van Pinochets rol in de recente Chileense geschiedenis komt. “Ik was slechts een aspirant-dictator'.

Zaterdagochtend kwam in een Engels ziekenhuis plots ook voor hem de `klop op de deur in de vroege ochtend'. Tijdens zijn dictatuur was de gruwelijke `klop' voor duizenden Chilenen het begin van een parkoers langs martelcentra, clandestiene gevangenissen en uiteindelijk de dood. De lichamen werden al dan niet levend gedumpt in zee of in anonieme massagraven, zodat ongeveer 3.000 mensen eenvoudig van de aardbodem `verdwenen'.

Toch is het onwaarschijnlijk dat Pinochet ooit gedacht heeft voor zijn misdaden te moeten boeten. De volkerenmoord waar de Spaanse justitie hem van beschuldigt, heeft hij nooit ontkend. Pinochet gelooft nog steeds dat zijn doel - de `radicale uitroeiing van het marxistisch gezwel in Chili' - alle gebruikte middelen heiligt.

Op politiek vlak had Pinochet zich goed ingedekt. Na zeventien jaar een van de bloedigste dictatoren van Latijns-Amerika te zijn geweest, trad Pinochet in 1990 af. Twee jaar eerder had hij hij tot zijn grote schrik een referendum verloren waarin hij zichzelf nog eens voor tien jaar als president van Chili wilde benoemen. Pinochet legde zijn functie als staatshoofd neer, maar hij bleef aan als legerleider. Zo trok hij ook in de nieuwe Chileense `democratie' nog steeds aan de touwtjes.

Voor zijn vertrek had de dictator het land bovendien opgezadeld met een bizar electoraal systeem. Het komt erop neer dat Pinochet en zijn militaire trawanten door de levenslange benoeming tot senatoren altijd een meerderheid kunnen voorkomen in het parlement.

Na zijn 82ste verjaardag afgelopen maart hield Pinochet er ook als legerleider mee op. Hij benoemde zichzelf tot senator voor het leven. De democratische partijen in het parlement probeerden de benoeming tegen te houden. Maar een meerderheid, onder wie elf Christen-Democraten uit de partij van president Frei, verwelkomden de nieuwe `senator' uitbundig. Daarmee was in Chili de laatste hoop vervlogen dat Pinochet of enige andere militair ooit nog berecht zou worden.

Typerend is de rol van de Chileense president Eduardo Frei. Net als zijn Argentijnse collega Menem, doet hij niets anders dan praten over `verzoening' en `vergeten'. Tijdens het conflict over de senatorsbenoeming nam hij het ondubbelzinnig voor Pinochet op. Daarna riep hij de Chilenen opnieuw op “naar de toekomst te kijken' en “oude geschillen te overbruggen'.

President Menem van Argentinie doet niet voor Frei onder. “We willen niet meer lastig gevallen worden door het verleden', zei hij toen hij in 1990 een amnestiewet afkondigde voor alle misdaden begaan door de militaire dictatuur in Argentinie. In het land `verdwenen' tussen 1976 en 1983 meer dan dertigduizend mensen. Net als in Chili wachten familieleden van deze mensen nog steeds op uitsluitsel over het lot van hun geliefden. “Psychologisch bestaat er geen grotere marteling dan niet te weten wat er met je man, je kind of je ouders gebeurd is', zegt Laura Bonaparte. Zij is een van de oprichtsters van de Dwaze moeders van Plaza de Mayo. Al twintig jaar, nog steeds, demonstreert ze samen met de andere moeders op het centrale plein in Buenos Aires. Na de `klop op de deur' werden drie kinderen van Laura en haar man meegenomen. Ze weet officieel nog steeds niet of ze dood zijn, waar hun resten zijn en wie verantwoordelijk is voor hun verdwijning.

“Juist deze onzekerheid, de eeuwige hoop die niet sterft is wat mensen gek maakt', zegt Laura.

Net als in Chili werd ook in Argentinie na de val van de dictatuur het zogeheten punto final afgekondigd - letterlijk: punt erachter. Dit is een wet die het graven naar misdaden onder de dictatuur tegenhoudt. Maar het is tevens een hele politieke cultuur van na de dictaturen. Het idee is afgekeken van Spanje na de dood van dictator Franco: afrekenen met de dictatuur door er de spons over te halen. Alleen zo voorkom je dat het leger zich bedreigd voelt en weer coupneigingen krijgt.

“Argentinie heeft zich verzoend met zijn verleden', herhaalt Menem elke keer als er weer een debat over de `vuile oorlog' in zijn land dreigt te ontvlammen. Toen een legerkapitein in gewetensnood onthullingen begon te doen over de martel- en moordmethodes van de dictatuur noemde Menem hem een `leugenaar' en een `misdadiger', en zette hem in de gevangenis. In 1995 kon het deksel niet meer op de put gehouden worden, en gaven de stafchefs van het Argentijnse leger voor het eerst toe dat er tijdens de dictatuur `verkeerde methodes' waren toegepast. Natuurlijk waren `de verschrikkingen het werk van beide kanten'. Maar voor het eerst klonk er iets van spijt uit Zuid-Amerika. “Hiermee hopen we dan het geweten van anderen die denken te moeten gaan praten te hebben gesust', sloot Menem daarop de discussie weer kort.

Zover is het in Chili echter nooit gekomen. “Spijt is een Argentijns probleem, niet het mijne', zei legerleider Pinochet toen mensenrechtenorganisaties ook de militaire top in Chili vroegen een spijtbetuiging te doen. “De Argentijnen hebben nooit het geluid van kogels gehoord zoals wij hier', stelde Pinochet.

De repressie in Chili was niets anders dan “legitieme strijd tegen het communistisch terrorisme'. Einde verhaal. En ook president Frei heeft nooit geprobeerd hieraan te tornen.

Hoe verbaasd moet de dictator nu zijn geweest dat hij in Europa opeens de handboeien kreeg omgelegd. En dan uitgerekend op last van de Spanjaarden, de ontwerpers van de `punto final'-gedachte. Bovendien waren het niet in eerste instantie de Chileense, maar de Argentijnse folteraars waar de Spaanse justitie achteraan zat. Het plan om de georganiseerde straffeloosheid in eigen land te omzeilen, door de Spanjaarden onderzoek te laten doen naar de moord op Spaanse burgers, was in Argentinie ontstaan.

Als Pinochet straks verhoord en misschien uitgeleverd wordt, is dat voor het martelen en vermoorden van Spaanse burgers die vanuit Chili naar Argentinie waren gevlucht. Argentinie pakte de vluchtelingen op, leverde ze weer uit aan Pinochet die `professioneel' een einde aan hun leven maakte. Dit alles gebeurde in het kader van het geheime samenwerkingsverband dat de dictaturen van Argentinie, Chili en Uruguay tussen 1973 en 1983 met elkaar hadden. `Operatie Condor' heette de samenwerking waarbij de heren militairen `zorg' droegen voor elkaars `terroristen'.

Pinochet intussen wil herinnerd worden als “een man die van zijn vaderland heeft gehouden en zijn hele leven heeft gediend' zegt hij in The New Yorker.