Kaliningrad voelt zich verstoten

Kaliningrad ligt ingeklemd tussen Polen en Litouwen aan de Oostzee. Vroeger was het een groot legerkamp. Nu is het een door Moskou vergeten regio en groeit het separatisme.

De Russische enclave Kaliningrad, ingeklemd aan de Oostzee tussen Polen en Litouwen, is via een dun draadje van spoorrails en hoogspanningskabels met de rest van Rusland verbonden. “Maar sinds de val van de roebel wordt die navelstreng helemaal afgeknepen', zegt havenmeester Sergej Stasjenko.

Om de gevolgen van de crisis aanschouwelijk te maken wijst hij op de werkloze kranen, de lege kade en vacante ligplaatsen. Het uitzicht vanuit het oude havenhuis staat in scherp contrast met de kalenderplaat aan de muur: daarop liggen de bulkcarriers en containerschepen twee rijen dik te wachten op het laden en lossen.

Op geen enkele plek in Rusland wordt de val van de roebel zo sterk gevoeld als hier op het meest westerlijk gelegen bruggenhoofd. Niet vanwege de armoede - die is achter de Oeral groter en schrijnender - maar vanwege de extreme afhankelijkheid van de roebelkoers: van alles wat de 900.000 enclavebewoners consumeren komt negentig procent uit het buitenland. Gevolg is dat een Philips-tv nu evenveel kost als een Moskvitsj-auto, en dat de meeste levensmiddelen onbereikbaar duur zijn geworden.

De talloze supermarkten in deze (belasting-)vrije zone zijn of leeg, of lijken op musea. Irina Pankova, een pianolerares zonder leerlingen, komt er alleen nog om naar de producten te kijken. Alle stadsapotheken zijn leeg gekocht, zodat de ziekenhuizen hun ijzeren voorraad medicijnen - bestemd voor natuurrampen - hebben aangesproken. Toen Oleg Jeremjan, chef van de ambulancedienst, begin september moest uitrukken naar school nummer 10, om het ondervoede meisje Vika bij bewustzijn te brengen, was de maat voor de gouverneur vol. Hij verklaarde dat de enclave nog slechts voor een maand brandstof bezat, en kondigde de noodtoestand af.

Kaliningrad weigert nog langer belastinggelden af te dragen aan het Kremlin.

“Nieuwe vonk van separatisme in het Russische Westen', schreef de Moskouse krant Zavtra. De NAVO zou bezig zijn om dit deel van het voormalige Oost-Pruisen uit de Russische Federatie los te weken, om zodoende haar invloed in de Oostzeeregio uit te breiden. Om de aandacht op zich te vestigen had de gouverneur gezegd dat hij niet uitsloot dat het Kremlin het gebied zou teruggeven aan Duitsland, ter compensatie van de miljardenschuld.

De stad Koningsbergen (Konigsberg), na 1255 de zetel van de Pruisische koningen was in 1945 door het Rode Leger veroverd op de nazi's, en in 1947 in Potsdam aan Rusland toegewezen. De Duitse bevolking, voor zover niet gevlucht, werd gedeporteerd naar Duitsland en Siberie, en Koningsbergen heette voortaan Kaliningrad, naar Michail Kalinin, Sovjet-president onder Stalin.

“Rusland zal Kaliningrad nooit opgeven', zegt Aleksej Sjaboenin, redacteur van het Duitstalige blad Konigsberger Express. Als oorlogstrofee met een bijzonder strategische ligging - ten tijde van de Koude Oorlog waren hier 200.000 militairen gelegerd - is het behoud van deze voorpost een prestigezaak. “Maar Moskou heeft ons niets te bieden' zegt Sjaboenin. “We zijn op onszelf aangewezen, maar tegelijk niet in staat om zonder hulp van buiten te overleven.'

Kaliningrad dacht de oplossing te hebben gevonden in een innige omhelzing van de vrije markt en een orientatie op de buurlanden. Door de speciale status van vrijhandelszone bloeide de handel. Nog in 1996 presenteerde de enclave zich als het Hongkong van de Oostzee. Met de terugkeer van verdreven Konigsberger die hun geboortestreek bezochten trok het toerisme aan, en er moesten cruiseschepen aan te pas komen om in de vraag naar hotelbedden te voorzien.

“We dachten dat we in twee jaar net zo rijk zouden zijn als de Duitsers', zegt Sjaboenin. Door de vrije import reed de halve stad in een Mercedes, zij het in tweedehands modellen.

Vladimir Volkov bijvoorbeeld gaf zijn baan als `hoofd wilde dieren' in de oude Tiergarten op omdat hij meer kon verdienen in de grenshandel met Polen en Litouwen. “Met mijn kenteken uit Kaliningrad kan ik zonder visum de grens over. Maar de rest van Rusland kom ik met deze auto niet in', zegt hij. De economische status aparte legde de enclave geen windeieren, maar vergrootte wel het isolement. Het militarisme - tot 1990 was de regio een voor buitenlanders gesloten legerplaats - maakte plaats voor bedrijvigheid in de haven, openluchtmarkten, reclame. Naast de stabiele roebel was de Duitse mark het meest gangbare betaalmiddel. Er kwam een veer tussen Kaliningrad en Rostock, en de Spoetnik-busmaatschappij heeft meer Duitse en Poolse bestemmingen dan Russische.

Zelfs het onmiskenbaar Oostpruisische landschap, dat sinds 1945 was gepokt met de betonnen Sovjet-architectuur en radarinstallaties, begon langzaam maar zeker minder grauw-communistisch te ogen: enkele tot ruines vervallen kerkjes zijn gerenoveerd en er verrezen weer huisjes met vakwerkgevels. Het was alsof de oude Hanzestad na een halve eeuw haar oude rol als handelsknooppunt weer had opgepakt.

De Oostzeevloot, die na dramatische inkrimpingen nog honderd van de driehonderd gevechtsschepen heeft behouden, kocht zijn aardappels, groente en vleesconserven niet in Rusland, maar in Polen en Litouwen. “Maar dat is nu voorbij', zegt kapitein Oleg Sjanko woordvoerder van de vloot. “We staan voor een miljoen dollar in het krijt bij onze leveranciers.' Om de laatste 25.000 militairen van Kaliningrad te voeden, moet de marine speciaal uitvaren om levensmiddelen op te halen uit St.

Petersburg. Een enkele officier spuugt op Rusland, en zegt bereid te zijn om de Duitsers of de NAVO te dienen “als ik maar als mens behandeld word.' Litouwen vraagt zich af of er geen noodhulp naar de “hongerende matrozen' moet worden gestuurd. Vernederend vindt kapitein Sjanko die suggestie niet: “We leven al van humanitaire hulp uit het buitenland. En het onderhoud aan onze schepen vindt plaats in Rostock.'

In Kaliningrad gaan stemmen op om de enclave tot een onafhankelijke republiek uit te roepen, en sommigen willen ook meteen maar het lidmaatschap van de NAVO en de EU aanvragen. Crisis of geen crisis het gesteggel over de status van dit brokje Rusland blijft opspelen. Maar los daarvan: Kaliningrad is al lang op drift geraakt. Toen het nog goed ging vergeleken de inwoners hun enclave met een reddingboot, waarmee ze desnoods het zinkende federale schip konden verlaten. Maar nu ze los van het moederland ronddobberen, vragen ze zich af of hun sloep wel zeewaardig is.

De haven is nagenoeg leeg. Enorme voorraden nonferro-metalen en kunstmest uit het Russische achterland zijn inmiddels verscheept, maar de aanvoer per trein van nieuwe productie ligt stil omdat de Russische spoortarieven te hoog zijn. En op de winderige kust laat de gouverneur met Deense hulp een windmolenpark aanleggen, omdat hij vreest dat de stroomleveranties uit de kerncentrales van St. Petersburg ook zullen stoppen. “We zijn door Rusland verstoten', zegt havenmeester Stasjenko.