`Ik heb 23 jaar op deze dag gewacht'

De droom van generaal Pinochet om als elder statesman de geschiedenis in te gaan, ligt na zijn arrestatie aan scherven.

De 3.000 doden van zijn bewind blijven hem achtervolgen.

Op de achtste verdieping van een chic Londens prive-ziekenhuis, om de hoek bij de Chileense ambassade, zit een man op zijn kamer. Hij is 82 dovig en heeft een buikje. Deze maand onderging hij een hernia-operatie maar hij kan alweer lopen. Graag had hij deze week nog wat zijden dassen gekocht bij Harrods en thee gedronken bij Fortnum & Mason, zijn Londense lievelingsadressen. Maar daar komt het vermoedelijk niet meer van, want sinds vrijdagnacht staan er gewapende agenten voor zijn deur.

Don Augusto Pinochet Ugarte is meer dan een bejaarde, rijke anglofiel. Hij heeft ook meer dan 3.000 doden op zijn geweten. Als Groot-Brittannie hem uitlevert aan Spanje, wat steeds waarschijnlijker wordt, zal de man die Chili tussen 1973 en 1990 regeerde zich daarover voor het eerst van zijn leven moeten verantwoorden.

“Asesino!, moordenaar!', echoen de spreekkoren tegen de muren. De kleine honderd Chilenen die sinds het nieuws van Pinochets aanhouding zaterdagmiddag bekend werd bij het ziekenhuis achter de dranghekken staan, zijn onvermoeibaar. Eindeloos roepen zij namen van de desaparecidos, degenen die verdwenen - hun eigen familieleden. Na hun arrestatie is nooit meer iets van ze gehoord. Maar zo goed als zeker zijn ze gestorven in de martelkamers van Pinochets geheime politie, de DINA, of uit vliegtuigen gegooid. “Presente! - aanwezig!', klinkt het na elke naam. Ahora y siempre - voor nu en altijd.

“Ik heb 23 jaar op deze dag gewacht', zegt een 58-jarige vrouw in de menigte, terwijl de tranen over haar wangen biggelen. “Ik hoop maar een ding: dat hij berecht wordt voor hij sterft.'

“Ik ben gelukkig', zegt Mercedes Rojas (48). Haar man werd in 1981 gearresteerd en is sindsdien verdwenen.

“In Chili hebben wij nooit gerechtigheid gekregen, in het buitenland krijgen wij die wel. Bedankt Groot-Brittannie!'

Of Pinochet ooit een rechtszaal van binnen zal zien wegens de moorden van zijn bewind is de vraag. Maar zijn droom, dat hij nog tijdens zijn leven als een wijze oude staatsman wordt herinnerd die met zijn staatsgreep voorkwam dat Chili “een nieuw Cuba' werd, die een legitieme oorlog voerde tegen terrroristen, en die zijn land de sterkste economie van Latijns Amerika gaf - die droom ligt in scherven.

“Voor de nieuwste generatie Chilenen is Pinochet lang geleden', zegt Nicole Drouilly, die een zuster en haar man verloor. Zij werft vanuit Londen steun voor een `Museum van de Desaparecidos' in Santiago, waar de dossiers van de verdwenen Chilenen worden bewaard en dat ook als `bedevaartsoord' voor hun familie kan dienen. “Dit helpt hen herinneren.'