Heimwee in Duitsland

ALS AANGEVER ging SPD-voorzitter Oskar Lafontaine de Bondsdagverkiezingen van ruim drie weken geleden in. Als afmaker wil dezelfde Lafontaine nu de nieuwe Duitse regering in. Tijdens de campagne was hij dienstbaar aan kanselierskandidaat Gerhard Schroder.

Maar de buit was nog niet binnen of hij werd meteen weer de machtspoliticus, zoals de sociaal-democratische partij hem kende. Gebruikmakend van zijn positie in het partijapparaat sloeg hij zijn slag. Hij tuigde eerst voor zichzelf het ministerie van Financien op als superdepartement in de traditie van Karl Schiller (eind jaren zestig) en Helmut Schmidt (begin jaren zeventig). Vervolgens rangeerde hij Rudolf Scharping uit door hem tot minister van Defensie te bombarderen. (Scharping is de gemankeerde partijleider van vier jaar geleden. Hij had nu zijn oog laten vallen op het voorzitterschap van de fractie in de Bondsdag, de derde post in de hierarchie.) En ten slotte drukte Lafontaine zijn stempel op het nieuwe regeerakkoord, waarover de coalitiepartijen SPD en Grunen komend weekeinde zullen congresseren.

Vooral het nieuwe programma, waarover de coalitiepartners afgelopen weekeinde in concept overeenstemming bereikten, is illustratief voor de plannen die Lafontaine met Duitsland heeft. Als het aan hem ligt, wordt de Bondsrepubliek komende jaren op klassiek sociaal-democratische wijze geregeerd. De ondernemers moeten de prijs betalen voor de verschuiving van de fiscale en sociale lasten ten gunste van de lagere middenklasse en gepensioneerden. Een aantal bezuinigingen uit de tijd van Helmut Kohl wordt teruggedraaid. En de burger moet, via accijnsverhogingen voor benzine en andere energiebronnen, worden aangespoord tot ecologische spaarzaamheid op de Autobahn, waar overigens net zo hard mag worden gereden als voorheen.

DIT REGEERAKKOORD van SPD en Grunen is een teleurstellend document. De risico's ervan zijn groot.

De eerste ondernemers hebben gisteren de alarmbel al geluid. Want bevorderlijk voor het investeringsklimaat zijn de meeste plannen niet. Van renteverlaging zal onder Lafontaine hoe dan ook geen sprake kunnen zijn. Daar staat bovendien weinig tegenover. Hervormingen van de sociaal-economische infrastructuur, noodzakelijk in `Standort Deutschland', lijken namelijk geen prioriteit meer. En voor zover ze in het verschiet liggen (bijvoorbeeld in de sociale zekerheid, het belastingstelsel en het onderwijs) zijn ze zelfs tot nader order uitgesteld. Zestien jaar heeft de SPD de tijd gehad om haar politiek-economische uitgangspunten op een nieuwe leest te schoeien. Deze oppositionele ballingschap heeft de partij kennelijk niet opgefrist. In die zin onderscheidt de SPD zich van haar `zusterpartij' in Groot-Brittannie. Daar heeft de Labourparty de Thatcher-jaren gebruikt voor een metamorfose die ten slotte werd bekroond met de overwinning van de jonge leider Tony Blair. In Duitsland heeft de SPD daarentegen wel haar kapitein gewisseld, maar niet haar lading.

DE VRAAG RIJST of met dit regeerakkoord en de machtsgreep van Lafontaine ook het laatste woord is gesproken. Dat is allerminst zeker. Kanselier Schroder is namelijk geen doetje maar net zo'n machiavellist als zijn partijvoorzitter. Het is niet uitgesloten dat Schroder zijn tweede man de afgelopen weken bewust heeft laten uitrazen zodat hij straks zelf de brokken kan oprapen als de buitenwereld aan Duitsland heeft duidelijk gemaakt dat de `verhoudingen niet zo zijn' als ze in Bonn nu hopen. Maar schadelijk voor het begin van deze unieke rood-groene coalitie is het hoe dan ook.