CDA: ja-knikker of zwaargewicht

De zoektocht naar een voorzitter is het meest urgent bij het CDA. De partij is nog altijd niet op orde en het is interessant te zien naar wat voor type wordt gezocht. Het officiele profiel vraagt veel: het leiden van de verandering, het binden van de achterban en het aanboren van nieuwe kiezersgroepen. En hij of zij moet ook nog eens het politieke debat aanzwengelen.

Tot zover de vraag. En het aanbod, hoe is het daarmee? Vanuit de provincies klinkt de roep om een sterke voorzitter, iemand die het CDA weer `profiel' kan geven. Aanbevolen bij de selectiecommissie zijn inmiddels al Ruud Lubbers - inderdaad, de oud-premier. Hans van den Broek Euro-commissaris en oud-minister. En recentelijk is ook de kandidatuur gesteld van Hans Blankert, de vertrekkende voorzitter van de werkgeversorganisatie VNO/NCW.

Of een van hen wil, is zeer twijfelachtig. Lubbers wilde eerder partijvoorzitter worden, maar dat was toen hij in zijn laatste jaar als premier de regie over zijn partij kwijtraakte. De periode van Euro-commissaris Van den Broek loopt nog tot eind '99. En Hans Blankert, die ook pas volgend jaar vertrekt, laat weten dat hij zijn kandidatuur als “niet aan de orde' beschouwt.

Tegenover de wens van de achterban staat de opvatting van de professionals in Den Haag. Zij zien liever een voorzitter met een minder zwaar postuur, iemand die zich gemakkelijker voegt naar partijleider Jaap de Hoop Scheffer. Iemand dus die zich richt op de organisatie en het interne debat. “Een soort Rottenberg, maar iets minder wild', zo wordt gezegd.

Zwaargewichten staan niet te dringen, maar minder zware kandidaten ook niet. Veertigers die de partij redelijk kennen en over voldoende maatschappelijke ervaring beschikken, zijn niet bereid hun carriere te onderbreken. Heerlijk, we zijn de gelukzoekers kwijt verklaarde Jos van Gennip, de directeur van het wetenschappelijk bureau vorige week in een boek over het CDA. De keerzijde is dat het voor de partij moeilijk is een overtuigende kandidaat te vinden.