Achteloos strooien met bloemen; De decoraties zijn terug in de zomermode voor 1999

Wol is populair in Parijs, sommige ontwerpers hebben er bijna hun hele collectie voor zomer 1999 van gemaakt. Wollen breiwerk is er bijvoorbeeld bij John Galliano, die zich naar eigen zeggen liet inspireren door Russische constructivisten. Bovendien “hing er een militair gevoel in de lucht.'

Op de catwalks van Parijs waait een zacht lentewindje, en op die bries dwarrelen fragiele stoffen, broderie anglaise, machinaal kant, smockwerk en tule, veel tule neer in volants, in waaiers en in dubbele lagen over truitjes of T-shirts. In de nieuwe zomermode zit een fikse toets van romantiek, die - in zijn beste vormen - wel lief, maar niet naief is, wel verfijnd, maar niet kwijnend.

Ontwerpers combineren `lingerie de jour', met sportswear of mannelijke broeken in subtiele kleuren als poederig lichtgrijs, camel, vuilroze en `zand' (Dice kayek, Jerome L'Huiller). Zelfs de Japanse avant-garde ontwerpster Rei Kawakubo van Comme des Garcons, meestal goed voor verontrustende kledingstukken (binnenste buitengekeerd, het lichaam vervormend), brengt voor zomer 1999 een serene en vrouwelijke collectie in simpele vormen. Jurken met verhoogde, ruime tailles en schortvormen in wit chemisch kant van aan elkaar gesmolten vierkantjes of rondjes, op onderjurken van grijs stug, maar vederlicht vilt. Comme vermijdt iedere zweem van zoetigheid door haar bijzondere stoffen: aan twee zijden gecoate wol of katoen, die niet rafelt en dus simpeltjes afgeknipt kan worden. Op het veel toegepaste thema van asymmetrie in de mode heeft de ontwerpster een klip-en-klaar antwoord. Ze speelt met kledingstukken in helften: het ene model heeft een halve voetlange rok aan de linkerzij, het andere een half bolerojasje om haar rechterzij. Rokken zijn voor langer dan achter, of andersom, en sommige jurken hebben een jurk extra als front op het voorpand. Dubbele fronten zie je bij meer ontwerpers, en ze moeten waarschijnlijk geinterpreteerd worden als een - onopvallend - schild dat bescherming biedt in een agressieve wereld.

Er is een onmiskenbare herwaardering voor borduursels en decoraties met applicaties en kraaltjes. Bloemen worden achteloos gestrooid over een voor- of achterpand, een guirlande kruipt langs een kant van het lichaam omhoog. De zucht naar precieus en tijdrovend handwerk is ook terug te vinden in het handbeschilderde fluweelzachte leer van Fred Sathal, een van de ontwerpsters uit de nieuwe generatie jong Frans talent. Haar versieringen zijn, zoals ze zelf zegt, “anarchistisch, ongecontroleerd' lukraak neergesmeten op een stoere jas of broek.

Het is misschien dezelfde behoefte aan artisanat die de lust voor breiwerk voedt. Sommige ontwerpers brengen bijna hun volledige collectie in maille - fijngebreide wol - met veel luchtige, en grillige ajourvariaties. Corinne Cobson bijvoorbeeld heeft bijna uitsluitend rokken, (voetlange) vesten, truitjes en jurkjes in dunne opengewerkte glanswol, geraffineerd gevoerd met huidkleurige zijde.

Er was ook breiwerk bij John Galliano, die voor Dior een behoorlijk klantgerichte collectie ontwierp. Maar bij Dior zijn comfortabele vesten gemaakt van kostbare, gelakte zwarte wol, en ze lijken door de hoogstaande coupe op handgemaakte colberts. De Britse ontwerper was naar eigen zeggen geinspireerd door Russische constructivisten, en bovendien “hing er een militair gevoel in de lucht', wat Galliano vertaalde in korte uniformjasjes op sjieke combatpants, met wijde pijpen die de vloer zwabberen. De constructivisten waren duidelijk terug te vinden in de finale van elegante jurken in frisse, uitvergrote zwart-wit-rood dessins in geometrische en zigzagpatronen, in perfecte en verrassende harmonie aansluitend op het lichaam.

Eenzelfde voorkeur voor grote geometrische patronen in contrasterend zwart-wit toonde Alexander McQueen in zijn collectie voor Givenchy.

Dan was zijn eigen collectie, die hij eerder in Londen presenteerde, eigenzinniger, met experimentele coupes in vloeiende zijden jersey, kant van heel dungesneden hout, en borduurwerk op stijfstaande transparante jurken. McQueen genereerde veel publiciteit met Aimee Mullins, een aantrekkelijke sportvrouw bij wie op heel jonge leeftijd de benen vanaf de knieen werden geamputeerd. Ze was zijn belangrijkste mannequin, en McQueen ontwierp voor haar nieuwe kunstbenen, een paar bewerkte eikenhouten laarzen.

De Belgische ontwerper Walter van Beierendonck presenteerde zijn zomercollectie op een videoclip van een kwartier - ongeveer de duur van een show. De clip Hi Sci Fi kon gedurende drie dagen in een Parijse bioscoop bekeken worden. Met als prettige bijkomstigheid: geen - vaak vergeefs - gesoebat om een uitnodiging, geen gedrang voor de ingang, geen uur wachten tot het begint, geen nerveus gerace naar de volgende show maar rustig achterover leunend kijken naar een zoet verhaal over twee wezens die wakker worden op de groene aarde, en met onzichtbare signalen jongens en meisjes lokken naar een donker oerbos. Een voor een passeren die hetzelfde spoor, in wijde jurken van grasgroene parachutezijde, witte hemdjurken of vloeiende kobaltblauwe capes. Ze dragen ook strakke witte truitjes, bondage breisels, knalrode skatebroeken en T-shirts met fotoprints. Aan het slot ligt de hele bende als een kleurige kluwen vredig te slapen. En daarmee vormt deze collectie het summum van luchthartigheid in de zonnige nieuwe wereld die de modeontwerpers ons voor zomer 1999 voorspiegelen.