Swaziland: wel politiek maar geen partijen

In een van de kleinste landen van Afrika, de absolute monarchie Swaziland, hadden gisteren traditionele verkiezingen plaats, zonder politieke partijen. De onofficiele oppositie heeft fel geprotesteerd tegen de gang van zaken.

Weduwen konden thuisblijven in Swaziland. Een vrouw in de rouw mag niet stemmen in het Afrikaanse koninkrijk, want hun aanwezigheid in de nabijheid van de vorst brengt volgens een oud bijgeloof ongeluk. En aangezien de `stemlokalen' waren ingericht in de huizen van de stamhoofden die tot het koningshuis worden gerekend, zou een weduwe koninklijk terrein betreden. Een groot aantal andere Swazi's bleef vrijwillig weg van de stembus. Volgens schattingen nam, door een combinatie van apathie protest en zware regenval, minder dan een kwart van het electoraat de moeite zijn stem uit te brengen voor de samenstelling van een nieuw parlement. Een politiek gemotiveerde wegblijver was Mario Masuko, leider van de niet erkende Verenigde Democratische Volksbeweging (PUDEMO). Politieke partijen zijn in Swaziland bij wet verboden, de koning heeft alle macht.

Masuko (49) kreeg afgelopen dinsdag `huisbezoek'. Een klein legertje politieagenten en militairen doorzocht in alle vroegte zijn huis. Volgens een politiewoordvoerster had de actie echter niets met politiek te maken, maar betrof het een “routineuze operatie tegen criminaliteit'. Masuko werd niet opgepakt, veertig anderen wel. “Als ik een misdadiger ben, welke misdaden heb ik dan begaan', zo zei de `oppositieleider' gisteren in het kantoor van zijn kleine cateringbedrijf (de partij zelf heeft geen ruimte). De Volksbeweging en geestverwante groeperingen, verenigd in de Democratische Alliantie van Swaziland, bepleiten invoering van een democratische systeem dat de absolute macht van de vorst aan banden legt, zonder de monarchie te verdrijven. Masuko en de zijnen hadden opgeroepen tot een boycot van de verkiezingen.

Swaziland is een klein land (ongeveer de helft van Nederland) van de zee afgesloten en ingeklemd tussen Zuid-Afrika en Mozambique.

Vorige maand vierde het koninkrijk, dat 960.000 inwoners telt, zijn dertigjarige onafhankelijkheid. Tot 1968 was het een Brits protectoraat. Volgens het huidige vertegenwoordigende systeem hebben een keer in de vijf jaar verkiezingen plaats voor 55 van de 65 zetels van de volksvertegenwoordiging - de koning benoemt de tien andere parlementsleden. De kandidaten waaruit de Swazi's kunnen kiezen worden aangewezen door de tinkhundla, traditionele regionale raden, waarop de koning grote invloed uitoefent. Politieke partijen waren tussen 1968 en 1973 nog toegestaan, maar werden toen verboden door koning Sobhuza II de vader van de zittende Mswati III. De grondwet van 1978 legde alle uitvoerende en wetgevende macht bij de koning en een door hem te benoemen premier. Het koningshuis van de Dlamini's stemde begin jaren negentig in met een lichte aanpassing van de kieswet. Voor 1993 kon de bevolking slechts een kiescollege aanwijzen dat vervolgens de samenstelling van het parlement onderling bekokstoofde.

Swaziland is door critici binnen en buiten de grenzen wel een `middeleeuwse dictatuur' genoemd, maar die kwalificatie doet het landsbestuur onrecht. Want het koningshuis moet worden nagegeven dat men heeft gedacht aan de opbouw van de natie. Swaziland heeft een uitstekende infrastructuur en een goed draaiende economie. Met 1.170 dollar als bruto jaarinkomen per hoofd van de bevolking slaat het land in Afrika bepaald geen slecht figuur.

De voorzitter van de nationale kiescommissie in de hoofdstad Mbabane, Robert Thwala, verdedigde gisteren zijn `Swaziland-model' kortaf met: “De mensen kunnen stemmen op wie ze willen, er zijn alleen geen politieke partijen'. De twee landelijke dagbladen, de Swazi Observer en de Times of Swaziland die beide onder invloed van de regering staan, riepen aan de vooravond van de verkiezingen op vooral te gaan stemmen.

“Het nu bestaande bestel is, ondanks enkele zwakke kanten, het meest vitale bestanddeel van nationale eenheid' zo stelde de Times in een commentaar.

Onder de Swazi's kan de opvatting dat politieke partijen `gevaarlijk' zijn op enige sympathie rekenen. Zo ging Zephaniah Mkhonta (60), een gepensioneerde ontwikkelingswerker, gisteren om deze reden uitdrukkelijk wel stemmen. “God heeft van ons Swazi's gemaakt en ons de koning en zijn systeem gegeven. Ons land functioneert prima, dat kan iedereen zien', aldus Mkhonta. “Voor mijn werk ben ik vroeger overal geweest, in Amerika en Europa. Die systemen zijn geschikt voor blanke mensen. De zwarte man moet niet proberen dat te kopieren, dan gaat het mis.'

Maar volgens Mario Masuko was het een misvatting dat verschil van mening en het legaliseren van politieke partijen tot oorlog leidt, “dat is wat de mensen wordt voorgehouden en daarom geloven ze dat'. Hij verklaarde de weigering van het koningshuis afstand te doen van de macht uit de grote familiebelangen die de Dlamini's hebben bij een status quo. “De vorige koning had 300 vrouwen, de huidige heeft er al zes en hij is nog maar dertig.' Masuko becijferde het aantal leden van de koninklijke familie op 3.000. “Veel mensen in dit land zijn wat hun inkomen betreft rechtstreeks afhankelijk van het koningshuis.'

Masuko stelde met zijn Democratische Alliantie begin deze week pogingen in het werk een petitie aan de koning te overhandigen. “Het regime is vergeven van de schimmige traditionele cliques die de onvermijdelijke overgang naar vrijheid voor het volk en complete democratie in de weg staan', zo stond geschreven. Koning Mswati liet Masuko en de zijnen verwijderen uit het koninklijk paleis.

Maar de invloed van Mswati, die de titel Ngwenyama (de Leeuw) draagt, bleek zich te hebben uitgestrekt tot in de rijen van de Alliantie. Enkele leidende figuren uit de oppositie lieten zich ertoe verleiden kandidaat te staan voor het parlement, hetgeen niet bevorderlijk was voor het aanzien van de `volksbeweging' onder de Swazi's.