Hollands Dagboek: Matthijs van Rooij

Matthijs van Rooij (42) werkt als aalmoezenier met kermisexploitanten en circusartiesten. Deze week stond hij in de nougatkraam in Heerlen om zich te verdiepen in het kermisleven.

Woensdag 7 oktober

Om 8.00 uur 's ochtends uit Den Haag vertrokken. Marc van Eeden, een vriend uit mijn Leidse studententijd, heb ik vorige avond bezocht en ik ben er blijven slapen. Het was weer vanouds gezellig. Na wat bier in een bodega op het Voorhout zijn wij gaan eten in een Spaans tentje. Daarna zijn we naar zijn etage gegaan en hebben de nieuwe ontwikkelingen in onze leventjes besproken. Wij voelden ons beiden wat duf in het leven: voorbodes van een midlife-crisis? Ach, na een avondje stappen voel je je weer opgewekt en is de dufheid eruit!

Om 10.30 uur moet ik voor een bezoek aan het schippersinternaat in Nijmegen zijn. File, file, file, maar gelukkig net op tijd draai ik het terrein op. Na wat zoeken op het grote terrein en aan allerlei deuren te hebben gebeld, open ik een zijdeurtje en vind ik directeur Piet Schwering. Op het schippersinternaat zitten ook kinderen van de kermis. De kinderen leven in overzichtelijke groepen met per huis een eigen identiteit. Zelfstandigheid en sociale ontwikkeling in een soort gezinsmodel zijn de kernwoorden van het beleid.

Het schippersinternaat is van oudsher een rooms-katholieke instelling, opgericht en tot voor tien jaar gerund door de broeders van Maastricht. Ik las in informatiemateriaal dat de katholieke identiteit uitgangspunt is van het leven op het internaat. Ik ben altijd benieuwd hoe die wordt vormgegeven. Op basisscholen in de parochie, waar ik hiervoor werkte, was dit ook een item. Je voelde op die scholen iets katholieks, iets niet te omschrijven eigens, ondanks het feit dat meer dan de helft van de leerlingen niet van katholieken huize is.

In Nijmegen werkt men vanuit het kind. Wat zijn de behoeftes op religieus gebied? Hoe kun je als personeel op een open wijze geloofsbeleving bevorderen? Hoe maak je duidelijk dat er meer dan materie op deze wereld van belang is? Allereerst niet door te preken of geboden te stellen, maar door een positieve houding in de omgang met de kinderen te hebben; dat wordt ook wel eens stilzwijgende catechese genoemd.

Na dit gesprek een paar gezinshuizen bezocht. Heerlijk: de kinderen hadden een eigen kamer, een leuke huiskamer en er waren mensen voor de verzorging en de begeleiding. Het kwam over als een groot gezin. Zij nemen deel aan clubjes in de buurt. Het was ook leuk om het enthousiasme van juffrouw Liliane te ervaren. Zij leidde mij rond en vertelde veel verhalen over de kinderen: over heimwee en zich thuis voelen, over kattenkwaad en gezelligheid.

Na een stevige lunch met de directeur, ging ik naar het Canisius Wilhelmina ziekenhuis om een oudere mevrouw van de kermis te bezoeken. Hartproblemen. Ik was al eens bij haar thuis geweest. Zij was erg geschrokken van de plotselinge opname maar toch vertelde zij over de kermis. Voor het weggaan heb ik nog met haar gebeden, toen kwamen de emoties los, zij huilde. Dat is vaak de meerwaarde van het gebed. Ik heb haar gezegend en ben op weg naar huis gegaan. Lia, mijn vrouw, kwam ook om 17 uur thuis. De poezen Kyber en Kwibus waren er en na het eten speelde ik nog een computerspelletje en deed wat tikwerk. Vroeg naar bed. Het bezoekje aan Marc was toch wat zwaar geweest. Je wordt wat ouder en je bent geen student meer.

Donderdag

Vandaag op naar de kinderen van de rijdende school om catechese te geven. De rijdende school, nu bestaand uit twee opleggers bemand door twee leerkrachten, stond vlakbij het ziekenhuis. Na wat koffie en bijkletsen met de leerkrachten ben ik eerst bij de kinderen - een stuk of acht van groep 4 tot en met 8 - op bezoek gegaan. Kermiskinderen zijn vreselijk spontane kinderen, opgewekt en heel direct. Zij zijn heel zelfstandig. Leuke gesprekken heb je met hen. Ik heb wat over koning David verteld.

Na drie kwartier ben ik weer naar de andere wagen gegaan voor de kleuters. Dit was helemaal gezellig. De Ark van Noach stond centraal. Samen alle dieren opnoemen en opzoeken in de kinderbijbel en laten zien dat God ons niet laat vallen. Daarna nog met Silvo Steenkamer, de leerkracht, een cowboylied meegezongen. Hij speelt heel goed gitaar. Ik kom altijd heel opgewekt terug van het werk op de rijdende scholen.

Om 20 uur open ik de vergadering van de diakenkring - ik ben tot voorzitter gemaakt. De opkomst van de diakens was ronduit slecht. Toch hebben wij met vijf diakens en twee vertegenwoordigers van het dekenaat een goede vergadering gehad. De diakens willen iets eigens maken van hun ambt. Wij hebben afgesproken op zoek te gaan naar leemtes in de hulpverlening aan de zwakkeren, misschien dat wij als groep een klein projectje kunnen trekken. Iedereen is echter al zeer actief in de kerk.

Vrijdag

In de ochtend een zwaar gesprek gehad. Jammer genoeg kan ik er niets over vertellen zonder afbreuk aan de privacy van betrokkenen te doen. Het was een gesprek op het scherpst van de snede. 's Middags op pad naar Utrecht: winkelen en struinen met Lia. Nog wat kinderbijbeltjes van 1 gulden voor de kermiskinderen ingeslagen.

Zaterdag

Mijn schoonouders kwamen, zwager en schoonzuster met Claire om Lia's verjaardag te vieren en natuurlijk ook het feit dat wij alweer 9 jaar getrouwd zijn! Na een uitstapje naar de recyclingwinkel Emmaus in De Bilt zijn wij gaan eten. We hebben Claires vaardigheden met de jojo bewonderd en veel gepraat over van alles en nog wat. Blij met de afwasmachine op dit soort momenten, zaten Lia en ik nog wat na te praten en gingen we vrij laat naar bed.

Zondag

9 uur opgestaan: katten voeren, kattenbak legen, ontbijten en naar Hilversum naar de Verrijzeniskerk van pastor Jan Richter, een Norbertijn, met veel gevoel voor liturgie. Ik werd geraakt door de liturgie en de psalmen uit het getijdenboek. Geraakt werd ik ook door een solopartij op een viool: zuiver en strak. Meer dan het Woord kan muziek je tot de kern brengen.

Na de viering koffie achter in de kerk en soep in de pastorie. Ik kom er al zo'n jaar of zeven. Het is een heel gewone parochie, geen grootse projecten of zo, maar er is sfeer en hartelijkheid en daar gaat het om tijdens het gelovig samenzijn. Eigenlijk altijd.

Morgen ga ik drie dagen naar de kermis in Heerlen. Ik zal er ook in een vrachtauto blijven slapen en helpen afbreken in de nacht van dinsdag op woensdag. Ik hoop dat het wederzijds bevalt en dat ik wat meer van mijn bijzondere parochianen ga begrijpen. Het zal wel lukken. De familie Walhout van de Nougatkraam, waarvan mevrouw Walhout in het kerkbestuur zit, is zeer bereidwillig. Het blijft echter spannend. Dikke en oude kleren moeten mee. Jasje, dasje maar thuis laten. Mijn sofinummer moet ik nog opzoeken. Anders denkt de streng controlerende belastingdienst, dat ik een zwartwerker ben. 23 uur licht uit en ietwat gespannen voor morgen gaan slapen.

Maandag

In Trouw van vanochtend las ik bij het ontbijt over de heiligverklaring van Edith Stein. Zij was een joodse vrouw, die op haar dertigste verjaardag overging tot de rk-kerk. Op 9 augustus 1942 werd zij in Auschwitz vermoord. Op 9 augustus zal voortaan de gedenkdag van de nieuwe heilige in de kerk vallen. Ik moest denken aan een bezoek aan `Yad Vashem' in Jeruzalem, het grote herdenkingsmuseum voor de Holocaust in Israel.

Lia en ik zijn daar een paar jaar geleden geweest. Het meest aangrijpend zijn de beelden van de vermoorde en vervolgde kinderen: onbeschrijfelijk, niet te vatten in woorden of gevoelens. Er zijn geloof ik wel 1,5 miljoen kinderen vermoord. Zouden wij als kerk niet voor hen ook een herdenkingsdag kunnen instellen of moeten wij er af blijven?

Rond 11.30 uur ben ik in Heerlen aangekomen. De kermis rond de kerk was dicht. Vandaag mijn eerste dag van mijn verblijf en `werken' op de kermis. Ik wilde graag het kermisleven van binnenuit leren kennen om het te ervaren en te voelen hoe dat leven is. Ik vind het best spannend.

Karel en Henny Walhout ontvingen mij vriendelijk toen ik om half een bij de nougatkraam aanklopte. Ik kreeg een plaats achter de toonbank, hoog boven het publiek uitkijkend op een kinderattractie met rondrijdende autootjes. Mijn taak was het verkopen van zuurstokken, kaneelstokken, wijnballen, nougatblokken en nog veel ander kermissnoep. Nog even snel naar de rijdende school op het parkeerterrein buiten de stad, waar de woonwagens staan. Twee kinderen herkennen mij en zeggen: He, krijgen we nog een mooi boekje over Jezus van u. Gelukkig heb ik weer nieuwe boekjes in Den Haag kunnen inslaan.

Terug naar de nougatkraam van de familie Walhout. Aan het werk: verkopen en staan tot een uur of elf `s avonds. Koud, tochtig werk, veel muziek van de kinderattractie aan de overkant. Gelukkig draaien zij niet de hele tijd dezelfde muziek. Wel wennen dat staan en die drukte.

De marktmeester komt langs en Cor Bertrand, de secretaris van het kerkbestuur. Hij woont in Wijlre. De volgende dag staat hij weer voor de kraam met heerlijke vlaaien!!

Het is bijzonder leuk om al die soorten mensen over de kermis te zien slenteren; veel kinderen met grote ogen naar alle lichtjes en veel jongeren.

Het blijkt goed voor de handel te zijn als oma erbij is, merk ik. Dan worden de duurdere leuk verpakte snoepwaren grif verkocht. Een plastic wandelstok met binnenin snoepjes doet het goed. Om 18 uur eten op de kraam, aan een tafeltje op de tuinstoel met uitzicht op de suikerspin. Er wordt gekookt en iedereen gaat om de beurt eten. De verkoop gaat gewoon door. Tijdens de luwtes in de verkoop vraag ik honderduit over het leven op de kermis. Veel heb ik van hen geleerd. Ik hoop maar dat ik niet te nieuwsgierig ben geweest. Een beeld kwam naar voren van de kermis als een onzeker bestaan met veel dalen en pieken. Veel trekken en geen vast inkomen, veel uren draaien. Man en vrouw staan op de kraam van 11 uur 'sochtends tot 12 uur 's avonds, soms wel negen dagen aan een stuk en het huishouden moet ook geschieden. De pachten zijn hoog en de gemeentes rekenen veel geld voor allerlei aansluitingen van water en licht. Ik zou er als keurige salarisontvanger zeer zenuwachtig van worden. Het is ook een vrij leven, geen gezeur met bazen of over hoe je moet werken.

Langzamerhand begin ik mijn voeten en rug te voelen. Om 23 uur sluit de kraam. Het was vanavond regenachtig en te rustig. De eerste dag zit erop.

Dinsdag

8.15 uur opstaan, wassen en naar buiten. In alle caravans heerst diepe rust. Wat mij opviel was dat `s avonds en `s nachts er absolute rust op het terrein is. Ik voel me gammel door het lange staan gisteren. Pijn in de rug.

9.00 uur naar de rijdende school. Verhalen voorlezen, vertellen wie ik ben en maar afwachten wat er gebeurt. Het gaat wat rommelig. Twee heertjes ontkennen heftig het bestaan van God.

Het verhaal van de schepping voorgelezen en verteld.

Bijbelboekjes uitgedeeld. Ook de heertjes steken die stoer maar snel in de zak. Er volgt een nagesprek met de kinderen door de meester. Het gaat over de burgerschool en de rijdende school. De meesten zitten het liefst op de rijdende school. 'sWinters op de burgerschool op de winterstandplaats vinden zij niet zo leuk.

Om 13.30 uur was ik weer op de kraam. Ik kreeg een heerlijke portie sate als lunch. Toen weer gaan verkopen. Het weer was goed en de verkoop verliep beter. De tijd gaat snel als je druk aan het verkopen bent. Leuk werk. Je hebt geen tijd om te denken of te piekeren. Ik voel mij er heel vrij door.

De mevrouw van de oliebollenkraam komt een zak met bollen brengen en nodigt mij uit voor een gesprekje op de kraam. Ik ben ernaar toe gegaan en heb een half uur met twee generaties gepraat over hun leven en werken. Het dochtertje Patty van een jaar of zes kende ik van de rijdende school. Gedurende de hele avond praat ik wat met kermisexploitanten, maar de verkoop gaat door.

Opeens tegen 23 uur gaan we afbreken. Het hele terrein stroomt leeg. De grote attractie als de tornado heeft wel zes uur afbreektijd. De zoon Richard komt helpen. Hij komt met de trein uit Bergen op Zoom en zal de kraam naar de volgende standplaats in Enschede brengen. Gelukkig zijn wij in een uurtje klaar en na knap manoeuvreerwerk rijdt Richard in de nacht weg.

Wij gaan in een personenbusje, heel luxe terug naar de caravans. We drinken nog een drankje en liggen om 2 uur in bed. Ik sta nog even buiten te roken en denk na over deze bijzondere ervaring. Wat was het fijn om weer eens echt samen met mensen te werken. Dat was lang geleden. Met Henk en Willem Vrehe was het goed werken.

Ook met hen vond ik fijn zo te werken.

Woensdag 14 oktober

8.30 uur opstaan en laatste ontbijt in de caravan. We nemen afscheid. Ik wat onwennig. Ik had zoveel meegemaakt en het was zo snel voorbij.

Ik heb het goed gehad, veel geleerd en zal het missen. Ik hoop dat ik nog eens mee mag. Ik krijg heerlijke nougatbrokken mee en vier kaneelstokken. Om 13 uur thuis en meteen gaan slapen tot 16 uur. Toen het dagboek gaan tikken. Vraag waarmee ik in de auto bezig was, was de vraag of ik nu pastoraal bezig ben geweest. Ik heb het niet over God gehad, over de kerk. Ik heb alleen gevraagd en geluisterd en was er. Nieuwsgierig was ik. Ik voelde mij geen pastor maar de exploitanten zagen mij wel als pastor. Was God er? Ik dacht het wel in de goede ervaring van deze twee dagen. God heeft mij niet nodig om zich kenbaar te maken, dat kan Hij wel zonder mij.