Alcoholprobleem

De Engelse voetballer Paul Gascoigne heeft zich laten opnemen in een ontwenningskliniek. Stress deed hem naar de drank grijpen. Is de druk op topsporters te groot?

John de Wolf, voetbalde in het verleden voor de Engelse Wolves: “Het is een kwestie van er goed mee om kunnen gaan. Juist in de topsport is de stress hoog, want je moet presteren. Dat weet je. Alcohol gaat ten koste van die prestatie. Een keertje uit je dak gaan, kan geen kwaad. Zodra het een verslaving wordt, is het minder. In Engeland leeft het voetbal veel meer, maar een verschil in druk bij een Nederlandse of een Engelse club zie ik niet. Je legt de druk bij jezelf. Gascoigne heeft gewoon een zwak voor de fles. Hij verschuilt zich erachter en loopt weg voor de problemen. Zodra de drank uitgewerkt is, zit je er weer mee. Toen ik in Engeland speelde, merkte je wel dat de levensstandaard verschilt met die in Nederland. Daar gaat iedereen na zijn werk eerst even naar de pub voor een paar biertjes. In Nederland wil iedereen zo snel mogelijk naar huis.'

Piet Bon, clubarts van Ajax: “Over anderen wil ik niet oordelen, want ik ken Gascoigne en zijn situatie niet. Bij Ajax is het zo, dat de selectie van topsporters grondig en zwaar is. Degenen die het redden, die kunnen ook omgaan met de negatieve belasting die topsport met zich meebrengt. Je kunt het zien als een `survival of the fittest'. Als er dan eens iemand met een menselijk probleem komt te zitten, is dat niet zo gek. Je hebt twee soorten mensen. Een soort dat druk als een belasting ziet en een soort dat druk als een uitdaging ziet. Met die laatste groep werken we bij Ajax. De eerste soort valt al vrij snel af. Drank is voor iedereen slecht. Voor topsporters zeker, want een klein probleem kan al leiden tot arbeidsongschiktheid. Als ik een graad koorts heb, werk ik gewoon door zonder dat iemand het in de gaten heeft.

Als een voetballer een fractie van een seconde te laat bij de bal is, kan dat leiden tot zware blessures. Drank vertraagt de reactiesnelheid. Alcohol is nergens goed voor.'

Tom van 't Hek, bondscoach van de Nederlandse hockeyvrouwen: “Vooropgesteld, persoonlijk drama is altijd triest. In het geval van Gascoigne had ik niet zoiets van: tjeetje, wat verrassend. Het is nogal makkelijk om je toevlucht te zoeken tot drank. Topsporters klagen wel over de maatschappelijke verschijnselen, zoals fotografen van tabloids bij hun huis. Maar ik heb nog nooit iemand gehoord die zei dat hij zich buiten de maatschappij geplaatst voelde omdat hij zoveel verdient. Het hoort er gewoon bij. Topsporters kiezen zelf voor zo'n turbulent bestaan. Gascoigne kon dat niet aan. Om het dan op stress te gooien, is wel gemakkelijk. Een groenteboer die twee dagen geen klanten over de vloer krijgt, heeft ook stress. Dat komt in alle geledingen van de maatschappij voor. Het is makkelijk om de schuld bij iemand anders te zoeken.'

Jan Twigt, algemeen secretaris van de Algemene Nederlandse Drankbestrijders Bond: “Stress mag nooit een excuus zijn om naar de drank te grijpen. Lariekoek. Je krijgt juist stress door veel alcohol. Gascoigne draait de zaken om. Het is een smoes. Ik denk dat hij het zegt omdat hij zich schaamt voor zijn gedrag. Veel voetballers zoeken de gezelligheid op met drank. Helaas, want alcohol en sport zijn vijanden. Gelukkig ziet hij nu in dat hij een probleem heeft. Daarmee is hij op de goede weg. Het erkennen van je probleem is de eerste stap op weg naar genezing, want een patient is alleen te helpen als hij zelf wil.'

Arnold Muhren voetbalde lange tijd in Engeland: “In Engeland is de druk op topsporters iets groter dan in Nederland, omdat er veel meer geld omgaat.

Dat geldt ook voor spelers als Bergkamp en Jonk. Maar zij kunnen ermee omgaan. Gascoigne niet. Hij roept die negatieve publiciteit zelf over zich af. Hij staat altijd in de belangstelling, ook buiten het voetbal om. Als je dan dingen doet die niet door de beugel kunnen, wordt de druk groter omdat de kranten over je zullen schrijven. Stress kan dan een gevolg zijn. Maar nogmaals: dat heb je zelf in de hand.'