Paus attaqueert doorgeschoten rationalisme

In een encycliek die beschouwd kan worden als zijn geestelijk testament doet paus Johannes Paulus II een gepassioneerde aanval op het idee dat iedere mens, ieder tijdvak, zijn eigen waarheid heeft en zegt hij dat de mensheid op zoek moet gaan naar “een universeel geldende waarheid'.

De encycliek heeft de Latijnse titel Fides et ratio, geloof en rede. Het is een doorwrochte filosofische verhandeling over wat de paus als het kernprobleem van deze tijd beschouwt: een doorgeschoten rationalisme dat de mens gevangen houdt in een utilitaire denkwereld waarin alles op zijn nut wordt beoordeeld en waarin waarden relatief zijn.

In de loop der tijden is er een rampzalige scheiding gekomen tussen geloof en rede schrijft de paus in de 150 pagina's tellende encycliek, waaraan hij twaalf jaar heeft gewerkt.

Geloof en ratio zijn twee vleugels waarmee de mens zich moet verheffen en op zoek moet gaan naar de waarheid, schrijft hij in de inleiding.

Niet eerder deze eeuw heeft een paus een dergelijk filosofisch werk geschreven. Johannes Paulus praat in zijn encycliek niet over omstreden onderwerpen als de discipline binnen de kerk, abortus, euthanasie of geboortebeperking, maar gaat op zoek naar een metafysica waarin geloof en rede elkaar kunnen treffen.

Zonder geloof wordt de ratio steriel, zegt de paus. Ook pure rationalisten moeten zich vragen stellen als: Wie ben ik? Waar wil ik met mijn leven naar toe? Ook wetenschappers moeten zich ethische vragen stellen.

Tegelijkertijd kan het geloof niet zonder de ratio, anders wordt het louter emotie en getuigenis, schrijft hij.

De moderne samenleving worstelt met het probleem van zingeving, constateert de paus. “Veel mensen vragen zich af of het nog zin heeft naar betekenis te zoeken' schrijft hij.

“De verschillende manieren waarop de wereld en het menselijk leven worden bekeken en geinterpreteerd, versterken deze radicale twijfel, en dat kan gemakkelijk leiden tot scepticisme onverschilligheid of verschillende vormen van nihilisme.'

Zo dreigt de mens terecht te komen in “het drijfzand van een algemeen skepticisme,' zegt de paus.

“Het nihilisme staat aan de oorsprong van de wijverbreide mentaliteit volgens welke men geen definitieve verplichting op zich moet nemen omdat alles vluchtig en tijdelijk is. Het nihilisme is de ontkenning van de menselijkheid van de mens en van zijn identiteit.'

In veel opzichten sluit de encycliek aan bij de encycliek Aeterni Patris die paus Leo XIII in 1879 publiceerde.

Ook dat was een poging om een filosofisch antwoord van de katholieke kerk te formuleren op veranderde economische en sociale omstandigheden. In beide encyclieken wordt veel teruggegrepen op de dertiende-eeuwse kerkvader Thomas Aquinas.

Het tijdstip van publicatie laat zien hoe symbolisch deze encycliek, zijn dertiende, voor Johannes Paulus II is. Vandaag is het precies twintig jaar geleden dat hij tot paus werd gekozen.