Opnieuw is Bill Clinton te vroeg afgeschreven

Een week nadat het Huis van Afgevaardigden besloot een impeachment onderzoek tegen hem in te stellen, heeft president Clinton bewezen dat het schandaal hem niet tot politieke machteloosheid heeft veroordeeld.

Hij was vermoeid, verzwakt en aangeslagen door de affaire-Lewinsky. De roep om zijn aftreden groeide gestaag - in de gangen van het Capitool in de hoofdartikelen van kranten en in de commentaren op de televisie. Zelfs partijgenoten keerden hem de rug toe. Politiek leek hij uitgespeeld. Maar opnieuw is Bill Clinton te vroeg afgeschreven. Met grote politieke handigheid heeft de president de Republikeinse meerderheid in het Congres tot forse concessies gedwongen bij de onderhandelingen over de begroting.

De begroting waarover het Witte Huis en de Republikeinen het gisteren na meer dan een week van taaie onderhandelingen eens werden, weerspiegelt meer het politieke verlanglijstje van de president dan dat van de Republikeinse partij. Clinton kreeg gedaan dat de Republikeinen instemden met de bijdrage van 18 miljard dollar aan het Internationale Monetaire Fonds (IMF) waar hij al maanden op aandrong, met de aanstelling van 100.000 nieuwe onderwijzers op lagere scholen en met zo'n zes miljard dollar aan noodhulp voor boeren die getroffen zijn door slecht weer en door de internationale economische crisis. Met minder dan drie weken te gaan tot de tussentijdse verkiezingen van 3 november, is dat een resultaat waar de Democraten goed mee uit de voeten kunnen.

Van het Republikeinse plan voor een belastingverlaging van tachtig miljard kwam niets terecht. Het overschot op de begroting wordt, zoals Clinton wil grotendeels apart gezet om de oudedagsvoorziening Social Security te beschermen. Op een paar punten kregen de Republikeinen hun zin. Het geld voor het IMF is verbonden aan de voorwaarde dat de internationale financiele organisatie hervormingen doorvoert en meer openheid betracht.

Het leger krijgt extra geld (tien miljard dollar) om de paraatheid te vergroten. En ook voor drugsbestrijding wordt meer uitgetrokken.

Leiders van beide partijen prezen het akkoord, dat Huis en Senaar vandaag naar verwachting zullen goedkeuren. Maar onder conservatieve Republikeinen klonk meteen diepe onvrede, vooral over het uitblijven van de grote belastingverlaging en ook over de enorme, nieuwe uitgavenposten. Hoe konden de Republikeinen, die vier jaar geleden de meerderheid in beide huizen van het Congres hadden veroverd en vastbesloten waren de overheidsuitgaven rigoreus terug te dringen, zich zo laten inpakken door een ernstig verzwakte president?

Hoeveel schade Clinton de afgelopen negen maanden ook heeft opgelopen door het Lewinsky-schandaal, nog altijd beschikt hij over een scherp politiek instinct. Bovendien is hij een meester in het gebruik van de politieke instrumenten die zijn functie hem geeft, vooral het vetorecht. Tegen die combinatie van kwaliteiten bleken de Republikeinen in de onderhandelingen over de begroting niet opgewassen.

Clinton besefte dat de Republikeinen koste wat kost wilden voorkomen dat hun meningsverschillen met de president over de begroting zo hoog zouden oplopen, dat hij zijn veto over hun voorstel zou uitspreken. Toen ze drie jaar geleden de confrontatie over de begroting met hem aangingen, ontstond een impasse waarbij het Congres geen geld beschikbaar stelde om de ambtenaren te betalen. Vrijwel het hele overheidsapparaat kwam wekenlang stil te liggen. Voor de Republikeinen, die in de publieke opinie de schuld kregen, was de mogelijkheid dat die situatie zich dit jaar zou herhalen een schrikbeeld. Zo kon Clinton de Republikeinse leiders onder druk zetten om aan zijn verlangens tegemoet te komen.

Peilingen geven aan dat kiezers zich grote zorgen maken over de kwaliteit van het onderwijs. Dus toen Clinton de Republikeinen zover gekregen had dat ze hun belastingverlaging hadden opgegeven en ook hadden ingestemd met de bijdrage voor het IMF, wierp hij zich op als de kampioen van verbetering van het onderwijs. Dat zou moeten gebeuren door de klassen kleiner te maken (door de aanstelling van 100.000 nieuwe onderwijzers) en door de schoolgebouwen op te knappen.

Tegen het eerste voorstel durfden de Republikeinen niet in te gaan, ook al betekent het een extra kostenpost van om te beginnen ruim een miljard. Het extra geld voor schoolgebouwen wezen ze wel af, waarmee ze de Democraten een populair verkiezingsthema bezorgden.

Clintons succes bij de begrotingsonderhandelingen kan niet verhullen dat het grootste deel van zijn politieke agenda het afgelopen jaar in rook is opgegaan. Er is niets terecht gekomen van voornemens als de verhoging van het minimumloon, de anti-tabakswetgeving, een wet met basisrechten voor patienten tegenover hun verzekeringsmaatschappijen en de hervorming van de regels voor financiering van politieke campagnes.

Maar de politieke betekenis van het begrotingsakkoord overschaduwt even al die mislukkingen. Met impeachment als reele dreiging is het voor Clinton van groot belang dat hij de banden met zijn partijgenoten heeft aangehaald. Hij heeft nu laten zien dat hij er voor de Democraten nog toe doet. Afgelopen week stond hij met de leiders van de Democraten in Huis en Senaat, die hem scherp gekritiseerd hadden over de affaire-Lewinsky op de bres voor kleinere klassen en betere schoolgebouwen. En de onderwerpen waarbij hij en de Democraten hun zin niet kregen, lenen zich de komende weken uitstekend voor de verkiezingscampagne.