In witte rokken, broeken en pakken de zomer in; Parijse modewereld zoekt vernieuwing in het maagdelijke sneeuwlandschap van het noorden

De Belgen en Engelsen hebben het tegenwoordig voor het zeggen in de Parijse modewereld. Voor het komende zomerseizoen richten ze de blik naar het noorden, naar de witte wereld van ijs en sneeuw. De benen gaan veelal schuil onder grote rokken.

Zo grijs als de winter is, zo wit zal de zomer zijn. Arctisch wit. Parijs wendt de blik naar het noorden. Niet voor niets brengt Danone een nieuw, ijselijk wit yoghurtje op de markt, dat op tv gepresenteerd wordt door stoere Scandinaviers, en bovendien `Fjord' heet. Het is het maagdelijk wit - en zo was het al voorzien door trendvoorspelster Li Edelkoort - dat in de nieuwe modecollecties voor zomer 1999 de boventoon voert. La petite robe noir krijgt gezelschap van le jupon blanc.

Parijs blijft de hoofdstad van de mode. Al waren de shows in New York, Londen en Milaan allemaal achter de rug toen deze week de Parijse modeweek begon (en verzonden faxen van trendy winkels overal in de wereld al menig orderformulier), nergens zijn er zo veel defiles - 130 - en mode-evenementen als hier. Het hijgerige modewereldje lijkt zich van economische malaise en dalende koersen weinig aan te trekken en is onvermoeibaar als altijd, op zoek naar vernieuwing. Die wordt gevonden in het noorden. Het zijn zonder twijfel de Engelsen en de Belgen die het nu in Parijs voor het zeggen hebben, of ze nu voor gevestigde Franse modehuizen ontwerpen, dan wel hun eigen collecties presenteren. Martin Margiela bijvoorbeeld, de Belgische ontwerper die in het voorjaar zijn eerste collectie voor het luxe-warenhuis Hermes ontwierp, maakte in de Franse mode poll een sprong van nummer 16 naar nummer 4. Voor Hermes volgt Margiela consequent de lijn van kalme, volwassen en gereserveerde chic die hij in die eerste collectie uitzette: met opnieuw de ruime tunieken met v-halzen tot de navel, de wijde (mannen)broeken, nu in zomers linnen gilets gedragen als mouwloze blouses, en lange jassen. Dat alles in camel parelgrijs en wit, veel wit, gepresenteerd door modellen van (ver over de) 30.

Margiela's werk voor Hermes heeft een fors effect op zijn eigen collectie. Nooit eerder verkocht de Margiela `non-mode' (bewust armoedig, onaf, gedeeltelijk gemaakt van tweede handskleding) zo goed zegt een verkoopster in het Walhalla van ontwerperskleding op de Rive Gauche, de winkel Onward.

De show van de eveneens Belgische ontwerper Dries van Noten werd door Franse modepers het hoogtepunt van de dinsdag genoemd. Ook Van Noten, bekend om zijn voorliefde voor kleurige Indiase en andere Oosterse stoffen, richt het kompas op het noorden. De ontwerper zocht nu inspiratie in de folklore en traditie van Belgie, Nederland en Scandinavie, maar `veel discreter dan normaal' vertaald, en, in een beperkt kleurenpalet: wit als sneeuw, zwart als ebbenhout, rood als bloed. Doelbewust roept Van Noten een herinnering op aan de kuise verleiding van Victoriaanse lingerie, met strakke lijfjes van doorschijnende katoen fijne plooitjes om de borsten en rijgkoorden of rijen knoopjes op de rug. De benen gaan echter volledig schuil onder tot over de grond slepende rokken, die volume krijgen door stroken, frottes, plisses, of uitstaande schulpen van stof op de billen, zo hedendaagse queues de Paris vormend. Dat mag nog onbruikbaar romantisch en ouderwets lijken, maar Van Noten is lang niet de enige ontwerper die met `grote rokken' komt. Door het gebruik van technische stoffen en gecombineerd met scherpe, zakelijke mannenjasjes krijgt dit silhouet de noodzakelijke moderne touch. Mooi was het effect van de over rokken gedrapeerde visnetten, waarin de inktzwarte mosselschelpen geheimzinnig tokkelden.

Het ontvankelijke Parijs heeft ook oog voor Nederlands ontwerp: in Colette - een vooruitstrevende winkel in de rue St Honore - is een etalage ingericht met ontwerpen van Niels Klavers, en toont (Saskia) Van Drimmelen haar nieuwe zomercollectie `Twins' op twee video's.

Haar scherpe, minimale overhemdjes en rechte broeken - ja, bijna uitsluitend in wit, met af en toe wat zwart of zachtblauw - worden opgevrolijkt met een heupomslag van tule, of een col die naar een kant uitloopt in een mouwtje. In Colette, tempel van het minimalisme, krijgt ook Hussein Chalayan, het nieuwe wonderkind uit Engeland, een prominente plaats. Chalayan, van oorsprong Cyprioot, maar opgegroeid in Londen, is een 'provocatieve purist'. Zijn ogenschijnlijk extreem simpele jurken en jasjes zijn gebaseerd op gecompliceerde en oorspronkelijke coupevormen, hooguit versierd met een subtiele grafische print van een paar willekeurige strepen of een kringelpatroon. Ze verraden hun kracht pas in de beweging, op een hanger of een pop oogt het nauwelijks bijzonder.

Even gefascineerd door valling en beweging van stof is de Japanner Junya Watanabe, die voor de zomer '99 jurken om het lichaam bouwt met behulp van ultralichte alluminium en titaan-staafjes of kralen. In scharnierende waaiers of zigzagstructuren vormen ze nu eens een col, of een wijd decollete, dan een heupversiering, of een constructie om een rok wijd te laten staan. Kledingstuk en accessoire zijn een, en het is dan ook logisch dat de stoffen zo gewoon mogelijk zijn. In koel katoen (zwart, lichtblauwe overhemdstreep en veel spierwit) ogen de Watanabe-meisjes jong, mooi, een beetje seksloos, maar niet androgyn.

Al zijn er ook ontwerpers die het niet uitdagend genoeg kan zijn - Stella McCartney die haar derde collectie voor Chloe tekende, kleedt jonge chicks in vloeibaar satijnen tulprokken die om om billen en benen spannen en flinterdunne strakke blousjes met veel ruches en frou frou - er is onmiskenbaar een hang naar `nieuw puritanisme' te bespeuren.

Marc Jacobs, de Amerikaanse ontwerper voor Louis Vuitton, zei het met zoveel woorden. Weliswaar zijn de voile poncho's, slanke cachemir sweaters en vloeiende jurkjes `feminiener' - lees minder sporty en jongensachtig - dan zijn eerste collectie voor Vuitton, maar Jacobs houdt niet van `vulgair'. Hij onthult liever een rug dan een borst, en houdt het `eerder zinnelijk dan sexy'.