`Geintegreerd horecabeleid? Laat me niet lachen'

Horeca Nederland klaagt over hoge administratieve lasten voor zijn leden. `Geintegreerd horecabeleid' moet hun leven draaglijker maken. Maar de leden zelf hebben er weinig fiducie in.

De klanten van Chriske, het enige eetcafe in het Zuid-Limburgse Margraten, zijn sinds deze zomer wat duurder uit. Twee gulden betalen ze nu voor een biertje, vijftien cent meer dan voorheen. Een bescheiden maar noodzakelijke prijsstijging, vindt eigenaar M. Didderen. “Er zat niks anders op. M'n brutowinstmarge werd echt te laag. De kosten lopen ook zo op.'

Bij Ramona, cafe billard te Nijmegen, tappen ze de pilsjes tegenwoordig voor een rijksdaalder. “Dat is niet veel', zegt de kroegbaas. Maar wel een kwartje meer dan begin dit jaar.

Koninklijk Horeca Nederland heeft er alle begrip voor. Sterker, het verbond van horecaondernemers heeft zijn leden deze zomer geadviseerd de prijzen te verhogen. Aan die oproep blijkt gehoor gegeven. Zestien procent van de 45.000 horecaondernemers heeft zijn prijzen al - met gemiddeld zeven procent - verhoogd. Nog eens 42 procent zou van plan zijn te volgen blijkt uit onderzoek van het vakblad Missets Horeca.

Volgens Jeu Claes, directeur van Horeca Nederland in Woerden, rijzen de kosten in zijn branche de pan uit. Loonkosten stijgen, de inkoop wordt duurder maar vooral de administratieve lasten, voortvloeiend uit overheidsregels zijn hem een doorn in het oog. Die liggen voor de horeca gemiddeld zo'n veertig procent hoger dan bij andere sectoren in het midden- en kleinbedrijf.

Hoewel de horeca vorig jaar met 5,3 procent omzetgroei (tot 21 miljard gulden) niet te klagen had, staan de rendementen van vooral de kleinere ondernemingen volgens Claes sterk onder druk.

Hij stoort zich met name aan “het ingewikkelde woud van vergunningen', dat een “enorme formulierenstroom' veroorzaakt. “De horecaondernemer wordt hoe langer hoe meer een boekhouder.'

In Nederland bestaan meer dan twintig wetten, vergunningen en ontheffingen waar horecaondernemers mee te maken kunnen krijgen.

Die varieren van exploitatie-, drank-, horeca- en terrasvergunningen tot een ontheffing voor de vaste sluitingstijd en hygienevoorschriften.

Volgens Claes kan het allemaal eenvoudiger en vooral: goedkoper. Een loket, dat alle administratieve zaken afhandelt, moet uitkomst bieden. Gemeente, provincie en rijk zullen dan inzien hoe onnodig groot de formulierenstroom is en vanzelf tot stroomlijning overgaan.

Dit plan is onderdeel van het zogeheten gemeentelijk `geintegreerd horecabeleid', dat Horeca Nederland al enkele jaren predikt. Belangrijk aspect daarvan: overleg altijd met alle betrokken partijen. Dat vergroot het draagvlak voor beslissingen en verbetert de onderlinge verstandhouding.

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het ministerie van Economische Zaken zien er wel wat in. Na gezamenlijk onderzoek kwamen ze dit jaar tot de conclusie dat “een geintegreerd horecabeleid de administratieve kosten kan verlagen'. Toenmalig staatssecretaris Van Dok zegde toe binnen drie jaar de administratieve belasting met een kwart te verlagen. Een vervolg bleef tot dusverre uit.

Nijmegen en Den Haag trachten sinds 1995 zo'n geintegreerd horecabeleid te voeren. F. Clappers, in Nijmegen beleidsmedewerker Economische Zaken en nauw betrokken bij de invoering is enthousiast. Over mogelijke kostenverlaging rept hij niet. Hij beklemtoont dat de gemeente de horeca nu “veel positiever benadert'. Volgens Clappers is meer sprake van overleg. Nijmegen ziet de horeca niet meer bijvoorbaat als bron van overlast. “Die negatieve invalshoek van vroeger is verdwenen.'

De eigenaar van het Nijmeegse Ramona, zijn naam houdt hij liever buiten de krant, is het daar niet mee eens.

Vergroting van het draagvlak? Een positieve benadering? “Ik merk er niks van.' De gemeente wordt alleen maar strenger; hij mag nog maar een gokkast hebben. Op verlaging van zijn administratieve lasten rekent hij al helemaal niet.

De cafehouders in Den Haag evenminNowee van cafe De Hippe Heks heeft nog nooit iets van nieuw horecabeleid gemerkt. “Ik zit hier al elf jaar, en geloof me, er verandert echt helemaal niks.' Smalend vervolgt ze: “Ik ben gewend dat de lasten stijgen. Dat zal nog wel even zo blijven.'

Veel cafehouders begrijpen niet waarom Horeca Nederland zich zozeer bekommert om de administratieve lasten. “Met al die formulieren valt het wel mee', vindt R. Visser eigenaar van het Utrechtse eetcafe De Vingerhoed. “Over m'n loonkosten maak ik me meer zorgen.'

Hij is per maand “een bescheiden bedrag' van zo'n vijfhonderd gulden aan zijn administratie kwijt. Zelf verwerkt hij alle gegevens in de computer. “Tja, als je de hele mikmak in een oude schoenendoos gooit en naar een accountant wegbrengt, dan ben je meer kwijt.'

Ook M. Didderen, de baas van Chriske in Margraten, maakt zich niet zo druk om haar administratieve lasten. Ze zit meer met de inkoopprijzen in haar maag. “Omdat die zo fors zijn gestegen heb ik m'n prijzen ook verhoogd.'

En wat het horecabeleid van haar gemeente betreft: “Foute boel! Een regelrechte ramp.' Er valt volgens Didderen “niets, maar dan ook werkelijk helemaal niets' met de gemeente te regelen. Het bewijs daarvan zag ze vorige week, tijdens de wereldkampioenschappen wielrennen, “voor de zoveelste keer' geleverd.

“Het peloton kwam een paar keer door Margraten. Dus wilden wij graag drank schenken aan het publiek dat langs de weg stond. Maar daar kwam niks van terecht.'

Ze ziet de toekomst somber in. “Van de gemeente verwacht ik niks. En onderling is het ook alleen maar haat en nijd. Geintegreerd horecabeleid? Laat me niet lachen.'