Architect van de vrede; John Hume

John Hume heeft zijn ziel aan de duivel verkocht. Hij danst op het allerhoogste koord zonder vangnet, terwijl het publiek hoopt dat hij valt. Over de winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede, de stem van het katholieke Noord-Ierland dat tegen geweld is, zijn veel lelijke dingen gezegd toen hij begin jaren '90 het ondenkbare deed: praten met Gerry Adams, het politieke gezicht van de katholieke bommenleggers.

Hume's stelling: als de nationalisten het geweld afzweren krijgen zij meer politieke invloed, in plaats van minder, zoals zij vrezen. Het Goede Vrijdag-akkoord van dit voorjaar, dat de basis heeft gelegd voor een permanente vrede in Noord-Ierland, lijkt Hume voorlopig gelijk te geven: het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA) en splintergroepen uit beide kampen houden zich nu aan een staakt-het-vuren. Het lijkt een kwestie van tijd totdat Adams als minister in de nieuwe Noord-Ierse regering kan plaatsnemen. Behalve aan onderhandelingstafels heeft Hume vooral met zijn eigen achterban en de gematigd-protestantse zijde moeten vechten. Die vond het idee van een `vredesproces' onverteerbaar zolang het moorden doorging. Heb vertrouwen, was het enige dat Hume daar tegenover kon stellen.

In 1993, na de IRA-bomaanslag op een winkel in Shankill Road in Belfast waarbij tien doden vielen, werd dat vertrouwen het zwaarst op de proef gesteld. Enige tijd later bezocht Hume de begrafenis van een katholieke man die bij een protestantse vergelding voor de aanslag was omgekomen. Diens dochter kwam op Hume af en zei: “We hebben rond de kist van mijn vader gebeden voor u, voor datgene wat u doet om vrede te bereiken.' Hume pakte haar handen, barste voor de televisiecamera's in huilen uit en moest kort daarop met hartklachten naar het ziekenhuis.

Dat David Hume (Londonderry, 1937) nu de Nobelprijs krijgt, komt niet als een verrassing; hij is er twee keer eerder voor genomineerd. Van alle genoemde kandidaten onder wie ook de Amerikaanse onderhandelaar George Mitchell en de premiers Blair en Aherne, heeft Hume de langste en nauwste betrokkenheid bij het vredesproces. Als een persoon `architect van de vrede' mag heten, is hij het.

De leider van de gematigde SDLP legde de basis voor het Anglo-Ierse akkoord (1985) waarin beide landen hun geschillen over Ulster aan de kant zetten. Hij geldt ook als degene die de VS ertoe heeft gebracht zich voluit voor vrede in te spannen. En bovenal: hij maakte van het nationalisme in Noord-Ierland een legitieme en levenskrachtige politieke factor.