Sharif goochelt met de macht in Pakistan

Vorige week nam de hoogste militair in Pakistan, generaal Karamat ontslag. Daardoor is de machtspositie van premier Nawaz Sharif opnieuw versterkt. Maar het ongenoegen over de premier neemt snel toe.

Pakistan hield de adem in toen generaal Jehangir Karamat vorige week uit zijn limousine stapte voor de residentie van premier Nawaz Sharif. Karamat, door velen gezien als de machtigste man van het land, had twee dagen daarvoor keiharde kritiek geuit op de voortdurende `vendetta's' en machtsspelletjes tussen Pakistans politieke leiders, premier Sharif en diens voorgangster en grootste rivale, Benazir Bhutto. Het geduld van de strijdkrachten was op, zo werd alom gevreesd.

Maar een staatsgreep bleef uit. Na zijn onderhoud met de premier zette de 57-jarige generaal slechts vier maanden verwijderd van zijn pensioen, vrijwillig een streep onder zijn carriere. “In het belang van het land', zei hij. Hij had slechts zijn “zeer grote bezorgdheid' willen uiten over de diepe crisis in Pakistan, maar het leger had geenszins de bedoeling de toch al wankele democratie opnieuw te wurgen. Met Karamat stapten nog twee generaals op.

De dramatische ontmanteling van de militaire top - Karamat was de eerste legerleider uit de Pakistaanse geschiedenis die ontslag nam - zette de generaal en zijn 500.000 bewapende ondergeschikten plotseling in een heel ander daglicht. Dankzij Karamat, zo concluderen analisten in Islamabad, is het Pakistaanse leger een instituut geworden dat zich liet onderwerpen aan het burgerlijk gezag. “Uit de manier waarop generaal Karamat is vertrokken, blijkt zijn toewijding aan de democratie', zegt journalist M.A. Niazi.

Terwijl Karamat wordt bedolven onder loftuitingen over zijn waardige vertrek - in de media werd hij an officer and a gentleman genoemd - richten de pijlen zich steeds meer op de man aan wie hij zich ondergeschikt maakte. Premier Sharif wordt in toenemende mate verweten dat hij degene is die de democratie steeds verder uitholt.

Hoewel hij in 1997 met een fenomenale meerderheid premier werd, heeft Sharif volgens betrokkenen kosten nog moeite gespaard om zijn macht uit te breiden.

Een jaar geleden vocht hij een keiharde strijd uit met de rechterlijke macht en de president - een strijd die eindigde in het aftreden van de hoogste rechter en president Farooq Leghari, die inmiddels een eigen politieke partij heeft opgericht om Sharif te bestrijden. Leghari werd vervangen door de diepgelovige Rafiq Tarar, een familievriend en advocaat van de Sharifs.

Ook tijdens die crisis keek generaal Karamat tandenknarsend toe, maar bleef het leger in de kazernes. Met zijn vertrek is nu ook de baas van de derde pijler - het leger - onder de Pakistaanse staat verdwenen.

Met een ander gevaar is Sharif nog druk doende: Benazir Bhutto. Hoewel verschillende rechtbanken bezig zijn met onderzoeken naar corruptiebeschuldigingen, is zij nog steeds op vrije voeten. Maar dat het Sharif menens is, bleek onlangs toen de oproerpolitie van Islamabad een demonstratie van Bhutto's partijgenoten bloedig uiteensloeg. Diezelfde politie had een jaar eerder nog geamuseerd toegekeken hoe partijgenoten van Sharif het Hooggerechtshof bestormden toen Sharif zelf in de beklaagdenbank stond wegens gelijksoortige beschuldigingen. Maar sinds het aftreden van de vorige president van het Hof heeft de rechterlijke macht Sharif niet meer lastiggevallen.

Onverwacht waren dan ook de aantijgingen, twee weken geleden, van een voormalig ambtenaar van het Pakistaanse Federale Onderzoeksbureau. Hij rapporteerde over Sharifs onverklaarbare bezit van tientallen miljoenen dollars en meer luxe-appartementen in het hart van Londen dan hij geacht wordt nodig te hebben.

De onderzoeker was gearresteerd vlak nadat Sharif premier was geworden, maar een jaar later op borgtocht vrijgelaten. De ambtenaar nam daarop de wijk naar Engeland, met zijn rapport in de koffer.

Het is dit soort duistere zaken, gecombineerd met Sharifs dictatoriale trekjes, waarover generaal Karamat zich ernstige zorgen maakte. Waarnemers wijzen er op dat de koude oorlog tussen het leger en Sharif allerminst voorbij is met het aftreden van de generaal, ook niet nu Sharif in anderhalf jaar tijd is uitgegroeid tot de machtigste premier uit de rumoerige geschiedenis van Pakistan. “Sharif heeft zich ontpopt als de onbetwiste keizer van Pakistan', zegt Khalid Mahmood, onderzoeker aan het instituut voor regionale vraagstukken in Islamabad. Dat mag waar zijn, vindt oud-generaal Mirza Beg, maar “er blijft heel veel onvrede binnen het leger. Sharifs poging de macht in een hand te nemen, zal snel stuklopen, en dan komt hij heel diep in de problemen', aldus Beg.

Pakistan viel het afgelopen jaar van de ene crisis in de andere. Het land zit economisch aan de grond door de internationale sancties die na de kernproeven werden afgekondigd. Ongekende gewelddadigheden tussen rivaliserende moslimfacties en de etnische groeperingen eisen elke maand tientallen levens, vooral in de zuidelijke provincie Sindh en haar hoofdstad Karachi. De laatste weken zijn vanuit de provincies Sindh, Baluchistan en de Noordwestelijke Grensprovincie steeds luidere stemmen opgegaan voor meer autonomie, een daad van verzet tegen de politieke overmacht van de provincie Punjab - en in het bijzonder `de Lahore-kliek van de familie Sharif', zoals een lid van Benazir Bhutto's oppositiepartij het stelt.

Ook vanuit het buitenland is steeds meer onheil over Pakistan uitgestort.

De confrontatie tussen de VS en de Afghaanse Talibaan over de uitlevering van de terrorist Osama Bin Laden heeft Pakistan, een bondgenoot van de VS en de Talibaan, in een onmogelijke positie gebracht. Sharif heeft de VS hard nodig om zijn land er financieel weer bovenop te helpen, maar de bevolking wil na de raketaanvallen op de Afghaanse broeders niets meer met de Amerikanen te maken hebben.

Maar ook voor de ultrareligieuze anti-Westerse groeperingen in Pakistan heeft Sharif een oplossing bedacht. Met de invoering van het islamitische recht als hoogste wet lijkt Sharif hen voor zich te willen winnen. Volgens critici heeft Sharif ook bij de invoering van de shari'a maar een doel voor ogen: uitbreiding van zijn macht. “Straks bepaalt de regering wat wel en niet mag volgens de koran' zei mensenrechtenadvocaat Asma Jehangir onlangs in Lahore. Zij vreest dat invoering van de wet slecht uitpakt voor de religieuze minderheden en voor de democratie. “Grondwet en rechterlijke macht worden genegeerd onder de shari'a.'

Ook binnen Sharifs eigen partij, de Moslim Liga, groeit de onmin. Sharif staat er om bekend dat hij zelfs zijn collega's in het kabinet nauwelijks betrekt bij zijn beslissingen. Maar toen enkele leden van de Moslim Liga het vorige week waagden generaal Karamat bij te vallen hoefde Sharif maar even te dreigen met maatregelen om de kritiek snel te doen verstommen.

De vraag wanneer iemand Sharif de voet dwars zet lijkt actueler dan de vraag of iemand hem dat zal doen. “Als de economische malaise en de geweldsspiraal verergeren, moet je een totale instorting van het burgerlijk gezag niet uitsluiten', zegt een Westerse diplomaat. “Of Sharif dan nog een beroep kan doen op het leger, valt ernstig te betwijfelen.'

Hij zal nog heel diep in de problemen komen