Minuscule monsters met slagtandjes; Molratten in het Noorder Dierenpark

De naakte molrat was waarschijnlijk als laatste aan de beurt bij de schepping. Alles was toen al op: haren, veren, mooie ogen, aandoenlijke oortjes en zachte snuitjes. De molrat is dan ook kaal, kleurloos en heeft minuscule oogjes. Tot overmaat van lelijkheid kreeg hij vier slagtandjes mee. Eigenlijk is het een monstertje geworden.

Ter compensatie heeft het diertje - niet veel groter dan een muis - wel een paar heel bijzondere eigenschappen meegekregen. Hij leeft, net als mieren, in een zeer hierarchisch georganiseerd volk in een ondergronds gangenstelsel. Het langste vrouwtje is de koningin, die slechts vier mannetjes als partner duldt. Zolang deze koningin leeft, zijn alle andere vrouwelijke molratten onvruchtbaar. Overlijdt de koningin (die overigens wel twintig jaar oud kan worden), dan ontbrandt er een bloedige machtstrijd tussen een aantal stevig uitgevallen dames waar een nieuwe koningin uit voortkomt.

Het molrattenvolk - dat alleen in oostelijk Afrika voorkomt en daar een plaag kan vormen voor landbouwers - is verdeeld in arbeiders, bewakers (indringers als slangen worden tegengehouden met snel dichtgegooide gangen, vreemde molratten worden met de slagtanden bewerkt) en verzorgers die de koningin voorzien van hapjes en de tientallen koninklijke jongeren per jaar opvoeden. Verder is de molrat koudbloedig: van tijd tot tijd gaan er een paar naar de oppervlakte om warmte te `tanken', wat beter gaat zonder vacht, en die over te brengen aan de soortgenoten.

Het Noorder Dierenpark heeft sinds een paar weken 65 naakte molratten in huis, afkomstig van de Universiteit van Kaapstad. In een fraai aangelegd, doorzichtig gangenstelsel achter glas zijn de schijnbaar doelloze verrichtingen van het volkje te volgen. Daar blijkt dat de naakte molrat weliswaar foeilelijk is, maar ook erg grappig. Hij kan net zo hard vooruit als achteruit rennen en botst voortdurend tegen soortgenoten op. Kleinere exemplaren die moeite hebben met steile gangen worden op sleeptouw genomen. Van enige afstand ziet het gangenstelsel eruit als een modelbouw-spoorbaan waar tientallen kleurloze treintjes voor- en achteruit rijden, crashen of ontsporen.

En als ze geeuwen, kun je bijna tot aan hun staart kijken.

De molrat heeft meer eigenaardigheden. Zo slaapt hij bij voorkeur `gestapeld': in de daartoe bestemde `slaapzaal' laat hij zich gewoon op een kluwen andere slapers vallen. En wie de zaal te vol vindt, gooit zich op een willekeurige plek - bij voorkeur een kruispunt van gangen - op zijn rug en doet even een tukkie. Dat er voortdurend soortgenoten over je heen racen of zelfs een hele wortel over je heen slepen, deert de molrat niet.

Rond voedertijd ontstaat er een absolute verkeerschaos in de molrattenkolonie. Elke efficientie is dan ver te zoeken: iedereen stort zich tegelijk in dezelfde gang om zo snel mogelijk bij de begeerde appel of wortel te arriveren.

De koningin - behalve aan haar lengte te herkennen aan een rij tepels - mag dan de baas zijn, ze wordt niet altijd eerbiedig bejegend: als ze het koninklijke lijf verheft en een inspectierondje maakt - luierende onderdanen riskeren een knauw van de vorstelijke slagtandjes - wordt er rustig over haar heen gelopen. Overigens lijken de koningin en haar volk het naar hun zin te hebben in het Noorder Dierenpark: de eerste molrat-baby is gesignaleerd.