Macedonie naar stembus in schaduw Kosovo

In de schaduw van het drama-Kosovo gaat zondag Macedonie naar de stembus voor parlements- verkiezingen. Centraal daarbij staan de etnische verhoudingen in Macedonie.

Het drama in Kosovo werpt een lange schaduw over het zuidelijke buurland Macedonie. De opkomst van het Kosovo Bevrijdingsleger UCK heeft het afgelopen jaar de grote Albanese minderheid in Macedonie officieel 23 procent van de bevolking, naar eigen zeggen eerder 35 of zelfs 40 procent drastisch geradicaliseerd: vrijwel alle Macedonische Albanezen zweren bij het Bevrijdingsleger en laten zich erdoor inspireren. En die radicalisering heeft op haar beurt ook de Macedoniers in het geweer gebracht: zij zijn bang dat het UCK-ideaal - een Groot-Albanie, bestaand uit Kosovo, Albanie en het westen van Macedonie -, als het daadwerkelijk ingang vindt bij de Macedonische Albanezen, tot de gewelddadige opdeling van hun land kan leiden.

De radicalisering bij de Macedoniers is terug te vinden in een veranderend vocabulaire: steeds vaker worden ten aanzien van de Albanese minderheid de woorden terrorisme en separatisme in de mond genomen. De grote populariteit van het UCK onder de Albanezen en de komst van duizenden vluchtelingen uit Kosovo hebben in combinatie met het harde optreden van de Macedonische autoriteiten tegen Albanese nationalisten in de steden Gostivar en Tetovo in de zomer van vorig jaar de etnische verstandhouding in Macedonie dermate verstoord dat de twee gemeenschappen tegenwoordig zo goed als volledig gescheiden van elkaar leven.

Op politiek niveau is bij de vijf politieke partijen van de Macedonische Albanezen van het Groot-Albanese ideaal geen sprake: sympathie voor het UCK staat niet gelijk aan separatisme. In politieke kringen van de Macedonische Albanezen weet men al te goed dat separatisme zou leiden tot geweld, tot een burgeroorlog.

De Albanezen zijn verder hoogst verdeeld.

De twee belangrijkste van de vijf partijen van de Albanezen zijn de Partij van Democratische Vooruitgang (PDP) van Abdurahman Haliti, die sinds de eerste democratische verkiezingen in Macedonie deel uitmaakt van de regerende coalitie en die te boek staat als gematigd, en de radicale Democratische Partij van Albanezen (PDSh) van Arben Xhaferi. Zij hebben voor de verkiezingen een gelegenheidscoalitie gesloten, met als belangrijkste doel elkaar geen stemmen af te snoepen.

Iedereen echter weet dat de coalitie na zondag weer snel uiteen zal vallen: waar de PDP deel uitmaakt van de regering is de veel radicalere PDSh fel tegen die regering. Xhaferi's partij heeft de PDP jarenlang van verraad beschuldigd. Ze boycot al sinds april niet alleen het parlement maar ook de gemeenteraden waarin ze is vertegenwoordigd, uit protest tegen de veroordeling van de (Albanese) burgemeesters van Gostivar en Tetovo na de onlusten van vorig jaar zomer.

Toen, in juli, kwam het in Gostivar tot rellen nadat de burgemeester in strijd met de wet de Albanese vlag had gehesen op het gemeentehuis en de Macedonische autoriteiten, in een show of force, besloten die vlag neer te halen. Bij de rellen vielen vier doden en rond 250 gewonden. Na een soortgelijk incident in Tetovo werden de burgemeesters van beide steden wegen het oproepen tot rassenhaat tot langdurige gevangenisstraffen veroordeeld.

De enige zaken waarover de PDP en de PDSh het eens zijn zijn de noodzaak tot beeindiging van de `marginalisering' van de Albanezen in Macedonie, de noodzaak tot decentralisering, een evenredige vertegenwoordiging van de Albanezen in de Macedonische instanties de promotie van het Albanees tot staatstaal en de erkenning van de ondergrondse Albaneestalige universiteit die ze in Tetovo hebben opgericht.

De kwestie van de Albanezen speelt ook bij de Macedoniers een rol. De belangrijkste oppositiepartij, de ultra-nationalistische VMRO-DPNME (Democratische Partij voor Nationale Eenheid van Macedonie) van Ljupco Georgijevski, is de afgelopen jaren niet in het parlement vertegenwoordigd geweest: zij boycotte de vorige verkiezingen. Ditmaal doet ze wel mee, met goede kansen op succes: in recente peilingen lag ze zelfs voor op de sociaal-democratische partij van premier Branko Crvenkovski die Macedonie nu alweer vijf jaar regeert.

Om haar kansen nog te verbeteren en na de verkiezingen nationaal en internationaal als fatsoenlijke partij te worden geaccepteerd heeft de VMRO de gebruikelijke anti-Albanese retoriek gematigd, al kan de jonge Georgijevski nog wel brommen dat de Albanezen zoveel moskeeen bouwen dat er spoedig meer islamitische dan orthodoxe gebedshuizen te vinden zijn in Macedonie. Daarnaast heeft hij een electoraal bondgenootschap gesloten met het Democratisch Alternatief (DA) van veteraan-politicus Vasil Tupurkovski, die lid was van het Joegoslavische staatspresidium toen in 1991 de oude federatie uiteenviel. In de DA zitten veel Albanezen en Georgijevski kan dus volhouden helemaal niet anti-Albanees te zijn. Tupurkovski van zijn kant gebruikt het bondgenootschap met de nationalisten om zijn DA in het parlement te krijgen. Dat biedt hem een mooi platform om te zijner tijd de bejaarde president Kiro Gligorov op te volgen. Overleg van de VMRO met Crvenkovski's sociaal-democraten en de liberale partij van Petar Gosev over een bondgenootschap zijn stukgelopen op onenigheid over de verdeling van de machtsposities.

Als de VMRO na zondag de macht overneemt, staat Macedonie een moeilijke tijd te wachten.

De radicalisering tussen Albanezen en Macedoniers leidt nu al tot spanningen. Er worden op begraafplaatsen graven van de andere etnische groep geschonden, de gemeenschappen leven steeds meer naast dan met elkaar en zelfs in de hoofdstad Skopje verhuizen steeds meer Macedoniers van de vooral door Albanezen bewoonde linker- naar de rechteroever van de Vardar en trekken steeds meer Albanezen van de Macedonische wijken op de rechteroever de brug over. Leden van de `andere' etnische minderheid zijn niet meer welkom: een vrijwillige etnische zuivering.

Ook is sprake van steeds meer geweld. Van de meer dan een miljoen wapens die vorig jaar tijdens de periode van extreme anarchie in het buurland Albanie in handen van de bevolking zijn gevallen bevinden er zich nu heel veel in Macedonie. Sinds december zijn acht bomaanslagen gepleegd op regeringsgebouwen in Macedonie en de politie maakt van tijd tot tijd melding van de vondst van wapenopslagplaatsen die het UCK zouden toebehoren. De vrees bestaat dat een door de VMRO geleide regering de spanningen tussen beide bevolkingsgroepen nog verder zal opdrijven, met alle risico's vandien. Zelfs is niet uitgesloten dat het UCK, dat naar eigen zeggen (en volgens de Macedonische autoriteiten) `aanwezig' is in Macedonie, in dat land actief zal worden.