Ik heb een baan!

“Ik heb een baan!' had ze door de telefoon gezegd. “Kom je kijken?'

“Gefeliciteerd!' had ik gezegd, “wat leuk voor je!'

Toen ze opgehangen had dacht ik, wat triest eigenlijk dat die meid zo blij is met een parttime invalbaantje. In dit Engelse stadje is ze werkloos, maar ze had ooit een goeie baan bij de Verenigde Naties.

Ik ging de klokkenzaak in Beaminster binnen. Ze zat een boek te lezen. “Hoi!' zei ze.

“Wat een mooie zaak!' zei ik.

“Ja he', zei ze, “ze zijn gespecialiseerd in Engelse staande klokken.' Samen liepen we de winkel rond, de klokken tikten vriendelijk. “Dat vind ik de mooiste', zei ze, “die waar de maanstand op te zien is. Met volle maan lacht ze je met bolle blozende wangetjes toe.'

Het was even stil, toen zei ze: “Ik heb uitgerekend dat als ik hier drie jaar voor niets zou werken dat ik dan die klok mee naar huis zou kunnen nemen.'

“Wat verdien je hier dan, als ik vragen mag', vroeg ik.

“Een schijntje', zei ze “het tikt niet aan. Maar ik mag niet klagen, want het is een rustig baantje. Je weet toch wel dat we hier geen minimumloon hebben?'

“Ja', zei ik, “en de Engelse bijstand stelt ook niet veel voor.'

“Nee', lachte ze, “dat klopt. Bij jullie in Nederland is het echt vakantie houden op de bijstand, heb ik gehoord. Hier niet hoor!'

“Wat ben je aan het lezen', vroeg ik.

“Een boek uit de bibliotheek. Je kunt hier gratis lid worden', zei ze.

“Ik weet het' zei ik. “Ik ben ook lid. Ik hoop dat de EU jullie goeie voorbeeld volgt. En ook: boeken zonder btw, dat is een goed idee!'

“Het is een depressief boek', zei ze. “Danzigers Britain van Nick Danziger. Weet je dat er hier families zijn die al drie generaties werkloos zijn? Ja, die mensen zijn er wel stukken erger aan toe dan ik, die hebben helemaal geen eigenwaarde meer.'

“Hoe bedoel je', vroeg ik, “daar heb jij toch geen last van?'

“Natuurlijk wel', zei ze, “er zijn dagen dat ik liever niet mijn bed uit kom.

Ik heb toch al zo vaak gedacht dat ik bijna een baan had, omdat ik voor een sollicitatiegesprek werd uitgenodigd! Maar elke keer weer niks. Dit baantje heb ik via een vriendin gekregen. Het is haar baantje, ze zat omhoog met oppas voor haar kinderen. Ik doe het alleen om haar te helpen, tijdens de schoolvakanties, zodat zij haar baantje houden kan.'

“Dat zal wel', dacht ik, “dat het geld je goed van pas komt zal je niet snel toegeven. Armoe is hier nog genanter dan in Nederland.'

“Anderen die werkloos zijn beginnen voor zichzelf', ging ze verder, “waarom ik niet? Omdat ik nog niets goeds heb kunnen verzinnen, iets dat goed genoeg is. Zo dom ben ik dus. Ik ben een echte mislukkeling.'

“Wat een onzin', zei ik.

“Weet je', zei ze, “het recht op werken is een mensenrecht, maar dat lees je nooit in de krant. Er wordt op ons neergekeken, we zijn mislukkingen, gespuis.'

“Tingelingeling', zei de deurbel en opeens stond daar haar zoon. Ook hij zoekt werk.

“Mam, ik heb wat voor je meegenomen', zei hij.

“Toen ik zo oud was als jij', zei ze tegen hem, “toen lag het werk voor het opscheppen. Toen waren er geen bedelaars en daklozen.'

“Ja mam, ik weet het. Hier, ik heb een lot in de loterij voor je gekocht.'

“Wat leuk', zei zij, “dankjewel.'

“Als je wint, mam, dan hoef je hier nooit meer te werken.'

“Maar ik vind het leuk hier!' zei zij.

“De jackpot is deze week ú3,9 miljoen, mam, als je wint dan kun je deze hele tent kopen!'

Ik schoot in de lach en vroeg: “Hoeveel kost een lot?'

“Een pond', zei zij, “dat is niet veel. Geen wonder dat juist de arme mensen hier elke week veel loten kopen. Sinds de National Lottery bestaat is er weer hoop!'