Futloos Oranje kan geen vuist maken

Over ruim anderhalf jaar, op 10 juni 2000, zal in Brussel de openingswedstrijd worden gespeeld van het Europees kampioenschap voetbal dat Nederland en Belgie gezamenlijk organiseren. Tot die dag is Oranje veroordeeld tot soms oersaaie oefenwedstrijden zoals gisteravond tegen Ghana (0-0). Confrontaties die nooit op het scherp van de snede worden uitgevochten, die de spelers geen lucratieve premies opleveren, zich afspelen voor half lege tribunes en voor de internationals misschien een hinderlijke onderbreking vormen van een loodzwaar seizoen bij de clubs.

De zekerheid van deelname aan het EK is enerzijds een geruststellende gedachte, maar werkt anderzijds gemakzucht in de hand. Bondscoach Frank Rijkaard gaf al direct bij het ontvouwen van zijn plannen aan dat hij veel waarde hecht aan de vriendschappelijke wedstrijden. Toch slaagde hij er gisteren niet in om het Nederlands elftal voor de tweede keer binnen drie dagen geconcentreerd en scherp te laten spelen.

Onzuivere passes, ballen die meters hoog van de schoenen afvlogen, niets wees erop dat gisteravond het elitekorps van het Nederlandse voetbal aan het werk was. De meeste spelers zaten met hun gedachten elders, in elk geval niet bij het duel in het Gelredome. Een van de weinige middelen die Rijkaard heeft om de motivatie in de selectie optimaal te houden, is de onderlinge competitie.

Was het psychologisch gezien wel zo'n goed idee om het basisteam van zaterdagavond ook gisteravond in de eerste helft te laten spelen? Na rust mochten Martijn Reuser en doelman Oscar Moens debuteren in Oranje. De keeper van AZ verkeek zich een keer op een voorzet, maar werd verder niet getest. Pas halverwege de tweede helft kregen de invallers Van Wonderen, Seedorf en Van Vossen een kans.

Bondscoach Rijkaard wilde geen nerveuze toestanden rond zijn keuzebeleid en toonde daarmee nog eens zijn rechtlijnigheid. Maar van een serieuze concurrentiestrijd kan nauwelijks sprake zijn. Na twee interlands en een aantal trainingen zal Rijkaard bijvoorbeeld hebben ingezien dat de problemen die Hiddink had met de vleugelbezetting niet eenvoudig zijn op te lossen.

Rechtervleugelaanvaller Jeffrey Talan dwong net als zaterdagavond te weinig af om aanspraak te kunnen maken op een vaste plek.

Nog geen nieuw elan met Talan, zoals Rijkaard had gehoopt. Zijn vervanger Martijn Reuser kwam al helemaal niet in het stuk voor. In z'n enthousiasme week de Vitesse-speler voortdurend af van de zijlijn en werd vervolgens opgeslokt door een kluwen van Ghanese verdedigers.

Van Reuser en Talan zou Boudewijn Zenden, al is hij linksbenig, normaal gesproken niets te duchten hoeven hebben. Peter van Vossen zorgde op de linkerflank net als tegen Peru voor wat meer leven in de brouwerij, maar hij kan met zijn dertig jaar toch moeilijk als een serieuze kanshebber worden gezien voor de toekomst.

Zo hebben de meeste andere internationals in het elftal dat Hiddink al min of meer samenstelde voor en tijdens het WK weinig te vrezen voor concurrentie. Slechts Clarence Seedorf, die goed inviel, zou een bedreiging kunnen vormen voor Ronald de Boer. Maar De Boer was in de eerste helft nog een van de betere internationals. Verder krijgt Phillip Cocu mogelijk nog problemen als Arthur Numan weer fit is.

Voor de tweede keer constateerde Rijkaard dat de vleugels onvoldoende werden benut. Ook door de backs. Opvallend hoe snel topvoetballers een oud regime kunnen vergeten, want Hiddink hamerde juist altijd op “penetratie' over de flanken. Het Nederlands elftal speelde tactisch gezien sowieso een zwakke wedstrijd. Het forechecken, onderdeel van de nieuwe defensieve aanpak, werd zelden gegroepeerd uitgevoerd. Terwijl de selectie juist enthousiast is over deze speelwijze. “De spelersgroep ligt op een lijn', verkondigde Rijkaard. En missschien is dat voorlopig wel zijn grootste winst.

De komende weken wil hij de twee duels rustig evalueren met assistent Johan Neeskens voordat op 18 november in Gelsenkirchen het duel met Duitsland op het programma staat.

Dan zal hij wel over een spits moeten beschikken achter Kluivert en Bergkamp. Het duo zat gisteravond geen moment lekker in de wedstrijd, maar Rijkaard beschikte na het wegvallen van Mols met een dijbeenblessure niet over alternatieven.

Ofschoon hij bijvoorbeeld Ruud van Nistelrooy wel had kunnen oproepen. Rijkaard: “We konden inderdaad geen vuist maken voorin. We leden te veel balverlies. Dan faalt elke tactiek. De aansluiting was ook niet goed. Op de uitslag valt weinig af te dingen. Misschien zat deze interland te dicht op die van zaterdag tegen Peru. Er is nog veel werk aan de winkel.'