Eddie Murphy

In een reeks profielen van gezichtsbepalende hedendaagse sterren deze week Eddie Murphy, de pionier van de actiekome- die, die ooit de Michael Jackson van Hollywood werd genoemd.

Een gezicht van elastiek, een lach van tien tanden breed, een overslaande stem, tomeloze energie, en een voorliefde voor dialogen met snelle grappen en ritmisch herhaalde schuttingwoorden - Eddie Murphy behoort tot de herkenbaarste acteurs die in Hollywood rondlopen. Dat hij al jaren over zijn artistieke hoogtepunt heen is, en film na film pogingen doet om de verdwenen lach aan zijn kont terug te vinden, doet daar niets aan af. Bij iedere nieuwe Murphy-film hoop je weer een glimp te zien van de hilarische personages die hij in de eerste helft van de jaren tachtig speelde: de onweerstaanbare bajesklant-annex-politiehelper uit zijn debuut 48 HRS, de ontwapenend brutale zwerver die miljonair wordt in Trading Places, en niet te vergeten Axel Foley, de vuilbekkende, supercoole `Beverly Hills cop' die op zijn eigen onconventionele wijze Los Angeles een pietsie minder crimineel maakt. En telkens word je teleurgesteld. Alleen in The Nutty Professor (1996), waarin hij maar liefst een zesdubbelrol speelt, ontdek je tussen de poep- en piesgrappen af en toe de Murphy die je je wilt herinneren.

Door Newsweek werd Edward Regan Murphy, de pionier van de actiekomedie, ooit de Michael Jackson van Hollywood genoemd: een artiest die een nieuw genre vorm gaf en een commercieel succes werd omdat hij daarmee zowel het zwarte als het blanke publiek aansprak. Tegen interviewers zegt `Mr Box Office' er trots op te zijn dat hij al vijftien jaar lang geldt als de best verdienende zwarte acteur; zelfs zijn flops brengen nog miljoenen in het laatje. Maar waarschijnlijk is Murphy zonder meer de succesvolste filmster. Noch Tom Cruise, noch Kevin Costner, noch Arnold Schwarzenegger kan zeggen dat hij met een dozijn films een recette van meer dan 2 miljard dollar haalde.

“Bij iedere domme stap die ik in mijn loopbaan zette heb ik me laten leiden door het grote geld,' luidt een bekende uitspraak van Murphy, die een rol in Ghostbusters en een optreden in de `We Are The World'-video afsloeg, en steevast koos voor wezenloze vervolgfilms op zijn eigen kassuccessen. Het heeft het zicht op Murphy's talent danig vertroebeld. Ik zal niet de enige zijn die zich nog altijd afvraagt of Eddie Murphy een omhooggevallen komiek is, of een veelzijdig acteur die zichzelf te weinig serieuze kansen heeft gegeven.

Murphy (Brooklyn New York, 3 april 1961) verklaart zijn allesbepalende geldzucht uit een arme jeugd: voordat hij furore maakte als typetjesspeler in Saturday Night Live, om in 1982 door regisseur Walter Hill voor de film te worden ontdekt, had hij jarenlang gesappeld als stand-up comedian in de nachtclubs van New York. Maar kritische geesten zien Murphy's hebzucht als een wezenskenmerk van de `Gimme Decade' waarin hij groot werd. In de Independent werd twee jaar geleden zelfs gesteld dat Murphy's vorm van jaren-tachtigkomedie - agressief, egocentrisch, vol bravoure - uit de tijd was. Waarna het kassucces The Nutty Professor anders deed vermoeden. Artistiek mag Eddie Murphy dan weinig gewicht meer in de schaal leggen commercieel is hij allesbehalve een anachronisme.