ECB tegen uniforme renteverlaging; Duisenberg: `ongepast'

De Europese centrale banken, verenigd in de Europese Centrale Bank (ECB), zullen niet ingaan op de roep om een uniforme verlaging van de rente in de grote industrielanden als antwoord op de internationale financiele crisis.

Dit heeft ECB-president Duisenberg gisteren gezegd na afloop van een vergadering van de bankraad van de ECB. In die bankraad zitten, naast zes permanente bestuursleden onder leiding van Duisenberg, ook de elf bankpresident van de landen die vanaf 1 januari de ene Europese munt, de euro, invoeren. De ECB neemt volgend jaar het rentebeleid voor de elf euro-landen ter hand.

Duisenberg noemde zo'n collectieve renteverlaging “ongepast' en zei dat die de oorzaak van de financiele crisis niet tegengaat. Rentestappen die worden gemaakt uit overwegingen van “beleidsactivisme' vergroten volgens Duisenberg alleen maar de huidige onrust op de financiele markten, waarvan het juist de bedoeling is dat die wordt bestreden.

Wel maakte Duisenberg duidelijk dat de rente van de euro-landen in de praktijk nog naar beneden zal moeten. Hoewel de meeste landen, waaronder Duitsland, Frankrijk, Belgie en Nederland een lage rente van 3,3 procent aanhouden, zitten Spanje Portugal, Ierland en Italie daar nog flink boven. Gemiddeld is de rente in het toekomstige euro-gebied daarom op dit moment 3,8 procent. Per 1 januari moeten alle rentes hetzelfde zijn, omdat vanaf dat moment een uniforme euro-rente geldt. Duisenberg zei dat de gemiddelde rente in de eurolanden zal dalen naar “de onderkant'van de rentes die nu in Europa worden gehanteerd. Dat betekent dat de rentes van Italie, Spanje, Ierland en Portugal naar het Duitse niveau zullen dalen.

Hoewel de bankraad van de ECB volgens Duisenberg signalen opvangt die suggereren dat de wereldwijde economische groei volgend jaar afneemt, wijzen de gegevens over de Europese economie tot nu toe nog op een voortzetting van de groei “zij het mogelijk in een wat lager tempo.' Het gevaar van politieke druk om de rente te verlagen, zoals blijkt uit recente uitlatingen van de beoogde Duitse minister van Financien Lafontaine, wuifde Duisenberg weg.

“Dat is dan druk tegen een sterke institutie.'

Duisenberg zei dat de bankraad teleurgesteld is dat dit jaar in de eurolanden de begrotingstekoreten nauwelijks dalen. Tegen de achtergrond het gunstige economisch tij van dit jaar stijgen de structurele begrotingstekorten zelfs. Dat neemt de mogelijkheid weg om de begrotingen te laten functioneren als “automatische stabilisatoren', die mogen oplopen in tijden van economische tegenwind.

De ECB-president had geen goed woord over voor het plan van de nu demissionaire Italiaanse premier Prodi. Die heeft geopperd de overreserves van de centrale banken, die volgens hem ontstaan als de euro er is, te gebruiken om de economie mee te stimuleren. “Dat is pure inflatoire financiering,' zei Duisenberg daarover. “Je kunt net zo goed aan de ECB vragen om meer bankbiljetten te drukken.'