Onovertroffen elegantie; Oud-international Faas Wilkes viert 75ste verjaardag

Faas Wilkes is vandaag precies driekwart eeuw jong. De oud-voetballer van Xerxes, Inter, Valencia, VVV en Fortuna Sittard had een dribbel die onweerstaanbare schoonheid uitstraalde.

Hoewel je nooit `nooit' schijnt te mogen zeggen, waag ik toch de volgende stelling: `Nooit zal de wereld een eleganter voetballer dan Faas Wilkes zien.' Natuurlijk roept nu iemand: `En Platini dan?' En daarmee kan hij scoren, maar ik hou het op Serphaas Wilkes, Rotterdammer, voetballer in Spanje en Italie en Xerxes. Hij had een dribbel die onweerstaanbare schoonheid uitstraalde. Hij had een verwoestend schot in beide benen. Koppen heb ik hem zelden zien doen.

Een van de eerste keren dat ik hem buiten het veld zag was in 1946, toen hij de Wondertent van VUC aan de Haagse Schenkkade binnenstapte, om met het Nederlands elftal te trainen en naar Karel Lotsy's donderrede te luisteren. Erg onder de indruk van die gezwollen taal van Lotsy zal hij niet geweest zijn, want hij was een nuchtere Rotterdammer. Hij viel toen wel op door goed gekleed te zijn, wat kort na Tweede Wereldoorlog niet vanzelfsprekend was, ook niet voor voetballers.

Faas Wilkes had behalve iets elegants, ook iets nonchalants over zich. Hij was de man van de rushes, maar als hem tijdens die intensieve acties de bal werd ontnomen, vocht hij niet - zoals tegenwoordig Edgar Davids - uit alle macht terug. Hij hield zijn vaart in, keek rustig om zich heen en wachtte op het volgende balbezit. Hij leek te spelen vanuit de gedachte leven-en-laten-leven. Van nature rechts, was hij toch volkomen tweebenig. En hoewel hij bij Inter werd aangetrokken als solist, bleef hij in Nederland de combinatie zoeken met een man als Lenstra, eveneens technisch begaafd.

Ook heeft Faas Wilkes de Hagenaar Jan Holleman aan diens drie interlands geholpen. Holleman was een puur snelle vleugelspeler, die door Wilkes richting hoekvlag werd gestuurd.

Van daar zette de rechtsbuiten secuur voor, altijd bedoeld voor Faas, die dat op prijs wist te stellen. Wilkes was ook een zeer sportief speler. Hij hield niet van het rauwe werk. Eenmaal met Valencia toerend door Nederland liet hij in het stadion Feyenoord nog eens even zien wat hij kon. Het publiek keek zich de ogen uit en wij op de perstribune deden hetzelfde.