Weinig animo voor blik in Haagse peeskamertjes

In Den Haag konden geïnteresseerden afgelopen zaterdag, op een open dag, een kijkje nemen in bordelen en peeskamertjes.

DEN HAAG, 12 OKT. De meeste peeskamertjes zijn leeg. In de Haagse Doubletstraat zijn zaterdagmiddag maar een paar prostituees aan het werk gegaan. Een Zuid-Amerikaanse vrouw van een jaar of 40 kamt haar haar voor de spiegel. Op bed ligt een doos tissues. Daarnaast, op een tafeltje, staat een dildo naast een familiefoto. Ze glimlacht, maar ze heeft geen zin om te praten.

De vrouw lijkt zich niet te storen aan de nieuwsgierige blikken van bezoekers aan de open dag van de Haagse prostitutie. Af en toe tikt ze tegen haar raam en maakt ze een uitnodigend gebaar. Even verderop luisteren enkele buurtbewoners naar het verhaal van een bordeeleigenaar. Volgens A. de Jong van het Samenwerkingsoverleg Raamexploitanten en zelf eigenaar van een tiental ramen, werd het hoog tijd voor een open dag. “De mensen zien de laatste tijd allemaal rare dingen op televisie. Daarom willen we ze een kijkje gunnen in een echt bordeel. Om te zien dat het dus allemaal meevalt.”

De plannen voor een open dag bestonden al langer. Maar twee weken geleden kregen alle raamexploitanten in Den Haag een brief van de gemeente dat ze voortaan niet meer mogen verhuren aan prostituees zonder verblijfspapieren. De gemeente wil zo de vrouwenhandel tegengaan en bovendien de overlast rond de prostitutiestraat aanpakken. In Amsterdam heeft eenzelfde maatregel er de afgelopen maanden toe geleid dat op de Wallen veel ramen leeg zijn komen te staan. Daarom vrezen de Haagse exploitanten nu ook voor hun inkomsten.

De Jong schat dat zo'n 80 procent van de vrouwen in de Nederlandse raamprostitutie hier illegaal verblijft. De meesten komen uit Zuid-Amerika en Oost-Europa. “In Den Haag is dat zelfs nog meer, zeker 95 procent. De eerste buitenlandse vrouwen kwamen ongeveer gelijk met gastarbeiders, omdat veel Hollandse vrouwen die als klant weigerden”, zegt De Jong.

De bordeelhouders zijn boos op de gemeente, omdat die de afgelopen vijftien jaar de komst van buitenlandse prostituees heeft gedoogd. In Den Haag zijn drie prostitutiestraten met in totaal een kleine 600 ramen. De exploitanten denken nu dat veel buitenlandse prostituees in het illegale circuit zullen belanden. Ze proberen daarom volgens De Jong met de open dag ook de aandacht te vragen voor de positie van illegale prostituees. Aanvankelijk wilden de raamexploitanten een grote tent opzetten in de Doubletstraat, waarin onder andere een fototentoonstelling over prostitutie zou komen. Maar de gemeente Den Haag vreesde volgens een woordvoerder 'wanordelijkheden' en weigerde de vergunning.

Ook de hulpverlening is niet gelukkig met het beleid zoals dat in Amsterdam en nu in Den Haag wordt gevoerd. Volgens F. Gremmen, die buitenlandse prostituees bijstaat met juridische adviezen, spelen deze maatregelen de vrouwenhandelaren juist in de kaart. “Minder rechten betekent ook minder zelfstandigheid. De gemeente heeft hier zeventien jaar een gedoogbeleid gevoerd. Dat kun je niet zomaar afschaffen”, zegt Gremmen. Daarom pleit hij juist voor een verblijfsvergunning voor illegale prostituees.

Overmorgen dient voor de Amsterdamse rechtbank de zaak van een aantal Oost-Europese prostituees die een verblijfsvergunning eisen om in Nederland als zelfstandig ondernemer aan de slag te gaan. De vrouwen zijn afkomstig uit landen als Slowakije, Bulgarije, Hongarije, Polen, Roemenië en Tsjechië, waarmee de Europese Unie zogenoemde associatieverdragen heeft gesloten. Volgens die overeenkomst mogen ondernemers zich vrij vestigen in de Europese Unie. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) vindt echter dat deze regeling niet geldt voor prostituees en weigerde daarom een verblijfsvergunning.

Voor buitenlandse prostituees die niet afkomstig zijn uit de associatielanden is het nog moeilijker om een verblijfsvergunning te krijgen. Bij de verschillende vreemdelingendiensten liggen op dit moment zo'n 400 aanvragen van buitenlandse prostituees. Zij moeten niet alleen aantonen dat ze hier als zelfstandig ondernemer aan het werk kunnen, maar ook dat ze met hun aanwezigheid in een bepaalde behoefte voorzien. Afgelopen week schreef het ministerie van Economische Zaken in een advies aan de IND echter dat prostitutie geen wezenlijke bijdrage levert aan de Nederlandse economie.