Een belaste herinnering

WAS EDITH STEIN, toen de nazi's haar ter dood brachten, door haar geboorte een symbool van de Holocaust of stond zij door haar overgang naar de rooms-katholieke kerk in de traditie van het eeuwige christelijk lijden en de daaraan verbonden universele verzoening? Haar canonisering door paus Johannes Paulus II wijst op het laatste en dat is de reden waarom joodse leiders zich kritisch hebben uitgelaten.

Het gaat niet aan, menen zij, dat de kerk van Rome zich de Holocaust toeëigent. Daarvoor zijn er te veel vragen opengebleven over de houding van die kerk ten tijde van de Endlösung, vragen die nog steeds op een bevredigend historisch antwoord wachten. Vergelijkbare vragen werden ook al gesteld bij de pauselijke erkenning van het martelaarschap van kardinaal Alojzije Stepinac, een priester met een omstreden curriculum vitae ten tijde van de fascistische Kroatenstaat tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Johannes Paulus zelf heeft het afgelopen weekeinde onderstreept hoezeer zijn besluiten een bijdrage willen leveren aan het voor altijd voorkomen (“Nooit meer”, verklaarde de paus) van wat hij een criminele daad noemde. Aan de goede bedoelingen van deze paus, die persoonlijk ervaring heeft met een totalitair regime, behoeft niet te worden getwijfeld. Maar de zelfverzekerdheid waarmee hij een verzoek om uitstel van zijn beslissing ten aanzien van Stepinac afwees en weigerde dat besluit nog eens te overwegen, wijst op ongevoeligheid, een indruk die door de canonisering van Stein tegen alle voorbehoud in wordt versterkt.

NATUURLIJK IS de metafysische kant van het pausdom een zaak van de kerk van Rome alleen. Maar het Vaticaan gedraagt zich bij voorkeur ook als een entiteit die deel wil hebben in wereldse zaken, in politieke en in ideologische zin. De kwaliteit van de Vaticaanse diplomatie, stoelend op een eeuwenoude traditie, staat niet ter discussie. Maar waar geloof en politiek elkaar zo dicht naderen als in de pauselijke beslissingen nu het geval is, had openheid voor de gevoelens van andersdenkenden voor de hand gelegen. Het in herinnering roepen van Stein en Stepinac leidt allesbehalve tot de verzoening die Johannes Paulus II zegt na te streven.