De Haagse Staat

LESSEN UIT MOSKOU VOOR DE PVDA...

Er gaat bijna geen maandag voorbij of de media brengen wel nieuws uit het PvdA-Vlugschrift. Uitspraken van topambtenaar Sweder van Wijnbergen over de cijfers van het kabinet, teleurstelling over de nieuwe PvdA-bewindslieden - al vele malen heeft de wekelijkse nieuwsbrief het Binnenhof in beroering gebracht. Vandaag 'scoort' het Vlugschrift met uitspraken van Europarlementariër Piet Dankert over de Nederlandse afdracht aan de Europese Unie. Niet gek voor twee jonge redacteuren met een jaarbegroting van een ton. Maar zij voeren dan ook een plan uit dat is bedacht in de voormalige Sovjet-Unie, waar men wel iets weet van massacommunicatie.

Het Vlugschrift, een krantje van zes pagina's dat op zaterdagavond naar politici en journalisten wordt gefaxt, is een idee van (onder anderen) voormalig PvdA-voorzitter Felix Rottenberg. Hij was na zijn aantreden in 1991 op zoek naar een middel om de zijns inziens stoffige partij op te schudden. Het antwoord vond Rottenberg tijdens een bezoek aan zijn vriend Hubert Smeets, destijds correspondent van NRC Handelsblad in Moskou. Op het kantoor van de correspondent rolde informatie van Interfax uit de faxmachine: kort geschreven nieuwsberichten die een enorm bereik kregen doordat journalisten, tot wie Interfax zich richtte, het nieuws verwerkten in hun eigen kranten. Op verzoek van Rottenberg hield Smeets na zijn terugkeer in Nederland een informatief praatje op het partijbureau. Op 12 februari 1995 werd 'Vlugschrift, blad voor sympathisanten en critici van de Partij van de Arbeid' geboren.

Tegenwoordig wordt het blad gemaakt door Tino Wallaart, een 25-jarige bioloog die tegen het wettelijk minimumloon verschillende functies op het partijbureau vervult. Hij wordt bijgestaan door stagiair Arnold van Bruggen, een 19-jarige student geschiedenis. Elke zaterdag trommelen zij een groepje even jonge vrijwilligers op, die aan de hand van een door Wallaart opgestelde 'bel-lijst' iedereen ondervragen die over een actuele kwestie een relevante mening zou kunnen hebben. Daarmee is Vlugschrift meteen ook een middel om jongeren bij de partij te betrekken. Journalistiek heeft nu eenmaal een grotere aantrekkingskracht dan penningmeester worden in een plaatselijke afdeling, is de ervaring van Wallaart.

...ZIJN NIET AAN IEDER PARTIJLID BESTEED...

Hoewel het enthousiasme van de makers aanstekelijk is, wordt het door lang niet ieder PvdA-lid gedeeld. Bijvoorbeeld niet door Kamerlid Ella Kalsbeek. “Wat zij willen is nieuws maken. Dat is niet hoe ik de politiek zie. Voor mij is politiek: dingen beter maken. Het debat alleen om het debat, het zoeken naar geschilpunten, daar maal ik niet zoveel om. Debat moet constructief zijn.” Bovendien heeft een Kamerlid aan een gesprek met de jonge medewerkers van Vlugschrift relatief veel werk. “Als ze het voor publicatie voorleggen, moet je het vaak helemaal herschrijven. En dat op je vrije zaterdag.”

De onervarenheid van de redacteuren heeft Vlugschrift al eens in de problemen gebracht. Berucht is een nummer uit 1996, dat PvdA-Kamerlid Mieke van der Burg liet zeggen dat de koningin bij een principieel bezwaar tegen het homohuwelijk één dag zou moeten aftreden om ondertekening van een wetsvoorstel mogelijk te maken. Van der Burg had dat idee juist verworpen. Ook het veelbesproken vraaggesprek met Van Wijnbergen, vorige maand, verscheen eerst in een onjuiste versie.

Jan van Zijl, vice-voorzitter van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer, was aanvankelijk enthousiast over Vlugschrift en hij heeft er ook regelmatig aan meegewerkt. Maar zijn enthousiasme is inmiddels bekoeld, zeker nadat een bericht in de nieuwsbrief vorige maand - 'Van Zijl wil discussie over hypotheekrente' - tot een kop van chocoladeletters in De Telegraaf had geleid. De PvdA-voorman had op een partijbijeenkomst gezegd dat de manier waarop dit gevoelige onderwerp binnen de partij werd behandeld voor verbetering vatbaar was. Dan zou hij ook vóór zo'n discussie zijn. Dat een medewerker van Vlugschrift hier een bericht van maakte, en met name de manier waarop, verraste Van Zijl volledig. “Als je banger moet zijn voor je eigen media dan voor de kranten, is er iets mis”, zegt hij. Het partijblad heeft zich gaandeweg ontwikkeld tot een “persberichtenmachine”, met als bijzonder kenmerk dat deze persberichten niet door de partij zijn opgesteld. Fractievoorzitter Melkert zal binnenkort met de redactie gaan praten.

...MAAR WEL AAN DE OPPOSITIE.

Zelfs als de redacteuren foutloos zouden werken, zouden zij waarschijnlijk irritatie opwekken. Vlugschrift is nu eenmaal het eerste partijblad waarin partijgenoten het hartgrondig met elkaar oneens zijn. Discussie wordt in de beeldvorming snel verward met ruzie, en ruzie is schadelijk voor een partij. Voormalig fractievoorzitter Jacques Wallage heeft al eens gewaarschuwd dat 'we' natuurlijk moeten oppassen dat 'onze' belangen niet worden geschaad. Hij vroeg de redacteuren of zij niet in de VVD konden gaan stoken.

Menig partijlid zou het liefst helemaal de stekker trekken uit de vier computers waarop Vlugschrift wordt gemaakt, zo vermoedt de redactie. Aanvankelijk kon dat niet: het blad genoot nu eenmaal de bescherming van de voorzitter. “De redactie krijgt alle vrijheid en heeft geen last van censuur”, zo had Rottenberg in het eerste nummer geschreven. Hij woonde de redactievergaderingen bij en gaf ook tips. Die tips waren meestal wel nuttig - de partijvoorzitter zat nu eenmaal elke woensdag bij het bewindslieden overleg in Den Haag en wist dus wat er speelde.

Het partijbestuur zonder Rottenberg heeft veel minder affiniteit met de nieuwsbrief, maar voor stopzetting lijkt het inmiddels te laat. Sluiting van Vlugschrift tegen de zin van de redactie zou meer negatief nieuws opleveren dan Vlugschrift zelf. Het blad heeft in politici en pers machtige afnemers. Voor tips voor verhalen is de partij ook niet meer nodig: menig oud-medewerker werkt inmiddels ergens in Den Haag. Sterker: ook de partijtop dreigt te worden geïnfiltreerd. Lennart Booij en Erik van Bruggen (oudere broer van de stagiair), begonnen drie jaar geleden met Rottenberg het blad. Daarna maakten zij naam als voormannen van de jongerenbeweging Niet Nix. Nu hebben zij zich gemeld als mogelijke kandidaten voor het partijvoorzitterschap. Uitgesproken blij met het PvdA-blad zijn vooral Kamerleden van andere partijen. Wim van de Camp (CDA) bijvoorbeeld heeft het herhaaldelijk geciteerd tijdens het wekelijkse vragenuur, “al heb ik een hekel aan faxen en in het bijzonder op zondag”. Wat Van de Camp betreft zou het CDA ook zo'n soort nieuwsbrief mogen beginnen. Hij heeft ook al begrepen dat het partijbestuur erover denkt, maar “het is natuurlijk niet netjes om zomaar een PvdA-idee te kopiëren”. “Na u, na u”, hoor je de andere partijen denken.